Een bericht aan alle leerlingen (en ouders)

oktober 21, 2014

stick_figures_teacher_to_students

WhatsApp voor het onderwijs

“Wat zou het toch handig zijn om in één klap een hele klas een sms te kunnen sturen. Of een sms aan alle ouders. Een laatste wijziging in het rooster, een herinnering aan een afspraak, een toevoeging aan een les, de laatste details van een excursie. Vul zelf maar in. Het grote voordeel van een sms bericht is dat dit met elke telefoon ontvangen kan worden, of verzonden. Er is dus geen noodzaak voor een internet verbinding of een smartphone. Als dit nu ook nog zou kunnen op een manier waarbij de telefoonnummers geheim blijven dan zou dit helemaal geweldig zijn.

Ik ben erg enthousiast over twee diensten die deze mogelijkheid bieden, Remind101 en Celly, en zie er veel mogelijkheden in  :-) . Tegelijkertijd ben ik teleurgesteld  :-( . Beide diensten werken (vooralsnog) alleen in Amerika. Waarom ik ze hier dan toch noem? Om te laten zien dat dit soort mogelijkheden er zijn en omdat ik hoop dat een vergelijkbare dienst ook in Nederland van de grond kan/zal komen.”

…… ik heb even moeten zoeken, het was toch wat langer geleden dan ik dacht (september 2011), dat ik bovenstaande heb geschreven in de blogpost: SMS’en met ouders en leerlingen, of toch niet? Regelmatig heb ik aan deze post teruggedacht. Regelmatig heb ik op allerlei sociale media langs zien komen hoe handig beide zijn. Zo handig dat inmiddels 1 op de 5 docenten in de VS gebruik maakt van Remind!

original_remind-logo-1Inmiddels zijn we dus ruim 3 jaar verder, maar er is goed nieuws: Remind is nu ook beschikbaar in de rest van wereld! :)

En het is in die tijd ook een aardig stukje uitgebreider geworden.

Hoe werkt het?
– Een docent maakt een klas aan op de site en dit geeft hem een unieke code.
– Leerlingen en/of ouders installeren de Remind app op hun telefoon (beschikbaar voor alle platforms)
– De docent deelt de unieke klas code met  de leerlingen en/of ouders.
– Telefoonnummers van leerlingen en ouders blijven geheim!
– Ontvangers krijgen een sms of email
– Er kunnen indien gewenst foto’s of pdf’s worden meegestuurd
– Er kan indien gewenst ook een gesproken bericht worden gestuurd (maakt het persoonlijk)
– Berichten kunnen vooraf worden klaargezet en op een gekozen tijd verzonden (‘vergeet je OV-chipkaart niet’)
– Docenten kunnen de geschiedenis van alle berichten per klas terugzien
– Ontvangers kunnen reageren op een bericht via een ‘Stamp’. Hiermee kan de docent een vraag stellen en de reacties eenvoudig verzamelen.

 

 

 

 

 


Mobiel

oktober 19, 2014
Doe jij ook aan sport?
Ja.
En ga je daarvoor dan ook trainen?
Ja.
En fiets je daar dan heen?
Ja.
En kleedt je dan om in de sportzaal?
Ja
En gebruik je dan je mobiel tijdens het fietsen?
Soms.
En gebruik je dan je mobiel tijdens het omklefen?
Nee, meestal niet, heel soms.
En gebruik je dan je mobiel tijdens het trainen?
Nee, natuurlijk niet!
Waarom niet?
Dan kan ik toch niets leren!
A1BIKER_MO_C_^_MONIQ

Gewoon luisteren is genoeg

oktober 19, 2014

Een pijnlijke maar ook hartverwarmende gedachte.

Als je niets kunt DOEN. Als je niets kunt ZEGGEN dat helpt.

Dan is GEWOON LUISTEREN GENOEG.

 

Wat voorafging…….

Ik schrijf op mijn blog wat ik graag wil delen over leren.
Het NIVOZ organiseert jaarlijks een aantal onderwijsavonden.
Ik ben gevraagd om hierbij aanwezig te zijn, hierover te bloggen en ook namens/op Het Kind te bloggen, als een van de bloggers.
Ik maak ALTIJD notities.
Dit is opgevallen en er is mij gevraagd of ik deze dit keer zou kunnen/willen delen.
Ik heb gezegd hier over na te denken.
En dat heb ik gedaan en het antwoord is ja.
Maar ik twijfel of dit het goede antwoord is………


Wat ik ter voorbereiding las en dacht:

Johan Deklerck is als doctor in de criminologie verbonden aan de Academische Lerarenopleiding ‘Gedrags- en maatschappijwetenschappen’ aan de KU Leuven. De rode draad in zijn werk is probleemgedrag in onderwijs.

Een veelkleurig verhaal: existentiële kwetsbaarheid in een postmoderne tijd

Existentiële kwetsbaarheid bij kinderen en jongeren is een veelkleurig verhaal. We halen er drie kleuren uit. We zoomen in op de leeftijdeigen kwetsbaarheid van kinderen en jongeren. Vanuit sociologisch perspectief werpen we een blik op het herfsttij van de moderniteit en wat dit voor hen betekent. We bekijken tot slot de kwetsbaarheid van jongeren met een thuisverhaal van kwetsingen.

Kinderen zijn sowieso kwetsbaar. De puberteit is een periode van existentiële transformatie naar een gendergebonden identiteit. Ze gaat samen met een vergrootte kwetsbaarheid en een piekperiode van probleemgedrag. Dit is een eerste kleur van kwetsbaarheid.

Dit wordt versterkt door een tweede kleur van kwetsbaarheid. Kinderen en jongeren groeien op in een onrustige postmoderne samenleving vol verandering, waar veel niet meer vanzelfsprekend is: wat mag en wat mag niet? Wat met uiteenlopende gewoontes: anders bij papa en mama, bij vrienden, in het jeugdhuis en op straat, anders op school? Wat met geweld, pesten, internet, agressie?

We maken in een sociologisch helikopterperspectief een vlucht over tweehonderd jaar moderniteit van de consensus, via dissensus tot de actuele assensus-samenleving. In dit moeilijke tijdsgewricht zoeken jongeren hun weg en worden scholen geconfronteerd met problemen van opvoeding, gezag, belonen en straffen, een ethische oriëntatie. We bekijken wat dit betekent voor de leraar, de school en het omgaan met probleemgedrag.

Een kleine groep komt naar school met een rugzak vol pijnervaringen en problemen van thuis, waarvoor de school de arena wordt: een derde kleur van kwetsbaarheid. Vanuit psychologisch perspectief kijken we met het model van de ‘levensstroom’ waar dit vandaan komt. In de adolescentie wordt een jongere de ‘rechter’ van zijn verleden. Dit kan leiden tot ‘destructief recht’ (Nagy). We bekijken wat dit betekent en denken na hoe hiermee om te gaan.

- veel moeilijke woorden, een jargon dat het mijne niet is, maar mogelijk leerzaam?


 Mijn notities:

De 2e onderwijsavond.
Dit verhaaltje is een beetje een rommeltje. (Dit stukje is als laatste tijden de bloggers bijeenkomst toegevoegd)
Wat er staat, staat er. Is geschreven. Snel geschreven.
Het beeld is zo.
Een live geschreven blog.
Durf ik op Publish te drukken………. ?

———

Dit stukje naar achteren? (Dit stukje is ergens tussendoor toegevoegd)

OPVALLEND. DICHTBIJ ZIJN COLLEGA’S VAAK MOEILIJKER TE BEREIKEN. Het is beangstigend als het daar niet lukt. Daar moet dagelijks mee worden verder gegaan. Er zijn allerlei verbanden.

Femke huilt en huilde.
Herkenbaar.
Een academisch geschoold iemand die NOG NIET begreep wat het is om een heel andere achtergrond te hebben. Iemand die OP DIT MOMENT tot op de uitersten van zichzelf wordt uitgedaagd.
Huilen is intensief.
Ik huil altijd thuis.
Dat weet niemand.
Dat mag ook niemand weten.
Dus lees dit niet.
Vertel het aan niemand.
Lees liever elders wat de tranen thuis opleveren op school.

———

Drie bloggers die de eerste keer niet aanwezig waren stellen zich voor.
! Overeenkomst: het kind staat centraal in hun verhaal, vooral het kind met ‘problemen’: ADHD, Syndroom van Down, maar zij sttaan voor meer.

Verrassend verzoek: er wordt gefilmd voor het VO (had ik me nu tocht maar geschoren….. en de kapper is ook al weer net even te lang geleden, maar daar maak ik nooit zoveel tijd voor want dat is niet zo belangrijk, behalve op het moment dat je gefilmd wordt, maar zelfs dan eigenlijk niet, dus niet)

Femke is er ook: leraar van het jaar in het basisonderwijs, maar ze blijft GEWOON komen.
Ze ervaart het hier met de bloggers als een RUSTPUNT (echter dus?), na de media-aandacht die toch maar kort blijkt te duren.
Als ambassadeur nu aan de slag, hoopvol invloed te kunnen uitoefenen via de poltiek.
Lerarenregister: het moet weer, het is niet van ons.
De essentie: inspireren, passie terugroepen, gelukkig in de klas, niet ervoor, professionaliseren

Sarina vertelt over masterclass Yong Zhao.
Na afloop, op het station: er is ECHT iets veranderd IN mij.
100 jaar geleden; revolutie machines, spierKRACHT niet meer nodig
Nu weer revolutie, microchip: denkKRACHT niet meer nodig
Dus nu: leerlingen laten nadenken/opleiden voor wat zij dan nog als toegevoegde waarde kunnen zijn (hoe waar is dit? Hoe snel gaat dit?) Oproepen tot onderscheidend zijn en ondernemend zijn.Nokia: telefoon slimmer maken. Apple heeft van computer telefoon gemaakt. VERSCHILLEND STARTPUNT
21st century skills zijn onzin. 4 jarigen zijn geniaal, die moet je vasthouden.
De titel van zijn boek: World Class Learners

Blog Christiaan over de eerste onderwijsavond, ZEER VEEL gelezen.
Theorie van Luc
Eigen invulling
Praktisch voorbeeld
Ruimte voor de lezer

Idee zelf: maak het persoonlijk door alle twijfelingen over benoemen wat ik meemaak en nog niet durf te delen. Bijvoorbeeld.
Gehoord van collega.
In discussie met leerlingen werd mijn naam genoemd.
“Die docent begrijpt tenminste hoe wij leren en hij doet er ook iets mee.”
En dan wordt het een beetje warm in de coole Droog. En dat is genoeg.
Een docent moet twee dingen tegelijk doen.
Het is makkelijk, het is verleidelijk om er maar een te doen: lesgeven.
Het is ook goed verdedigbaar.
Het wordt fijner als dat 2e ook lukt. Contact maken, leerlingen zien.
Het maakt het 1e makkelijker. Als je durft.

 

Durf stiltes te laten vallen
Witvlakken dus!
Ook in vorm: HOOFDLETTERS en van links en rechts etcetera.

 

Professionele RUIMTE NEMEN.
PROFESSIONEEL ruimte GEVEN.

Durf ruimte te geven, ook in het toejuichen van het NIET VERANDEREN.
SPIEGELTJES. Deel spiegeltjes uit en kijk er dus zelf in wanneer een ander hem ophoudt. NODIG een ander UIT hem op te houden wanneer hij denkt dat het nodig is.

Durf weg te lopen. Letterlijk, Loop het lokaal UIT.
En KOM weer TERUG. En ga weer VERDER.
Toon VERTROUWEN.
Durf ZEKER te zijn en tegelijkertijd te TWIJFELEN.

De leerling centraal. HOE?
Controle. LOSLATEN.
Kun je LOSLATEN controleren?
Kun je controleren LOSLATEN?

De kinderen MOGEN zelf KIEZEN, maar alleen uit de twee keuze’s die wordan aangeboden…..

Verschillen toestaan vereist verschillen durven doen.
Aandacht voor de docent die het anders wil maar in een situatie zit waarin dat niet zo ‘eenvoudig’ is, omdat er veel weerstand is.

De leerling is steeds centraler komen te staan. Door het nadenken over hoe het zou moeten en STEEDS WEER te beslissen dat ik dus ook zo MOET (dat woord dat je van mij niet MAG gebruiken) DOEN.

VERMIJD bijeenkomsten waar je niets aan hebt, of die zelfs negatief werken.
ZOEK OP waar je sterker van wordt

NEE!ga!TIVITEIT

Toen was er eten en waren er twee verplaatsingen. Letterlijk en dus figuurlijk.


Johan: als ik te Belgisch ben. (Kan dat? :))

In een situatie van extreme angst gaan SMSjes over het existentiële niveau.
Inderdaad: humor!
Meeste mensen functioneren binnen het alledaagse
In extreme situaties dalen we af naar het existentiele
Gekwetst worden vindt plaats op dat niveau

Mobieltjes zijn machientjes voor existentieel leren

Ze zijn altijd zo lief die meisjes, maar…

Liefhebben is de beste preventie van criminalisering
Helaas, is dit in het onderwijs niet te organiseren :)

Puberteit is een identiteitssprong van existentiiele orde

We gaan door een transitietperiode gelijk aan Romeins naar Germaans. We zitten in de herfst van de moderniteit.

Nederland maakt klompen, Belgie bier.

Het gaat dus niet continu omhoog met af en toe een dipje. Het is een cirkel. We steven nu af op de winter.

Zal Nederland over 30 jaar bezeilbaar zijn?
Geen koebellen meer in Zwitserland door gehoorschade!

We zijn van een welvaartsamenleving overgegaan in een veiligheidssamenleving

Wat kan ik hiermee in de klas? Niets. Niet direct.
Heeft het mij beinvloedt? Ja. Alles doet dat! Sociologie beschrijft, kan het ook ingrijpen?

Een Nederlandse reflex: de overheid lost het op.

Onderwijs:
Coneensus: “omdat ik het zeg”
Dissensus: “het is beter omdat…”
Assensus: “ik zie het zus” én   “ik zie het zo”

Wie beweegt er als het schoentje moet worden dichtgeknoopt? (Het kind of de moeder?)

GEWOON ALLEEN LUISTEREN IS GENOEG

En toen was de batterij leef en kon ik niet meer schrijven in dit document, wel had ik nog mijn mobiel, typen werd tweeten.

De tweets:

Een intense start van de #onderwijsavond met de bloggers, die zeer persoonlijk durven delen hoe zij in hun werk ‘uit de dood zijn opgestaan’

Johan Deklerck duidt het tijdsgewricht als winter, een assensus samenleving, na de zomer die van 1800 tot 1970 duurde #onderwijsavond

Jongeren van nu vormen a la carte hun extreem individuele normativiteit #onderwijsavond

Authentiek ervaringen delen zonder de conclusies op te leggen opent de deur naar vragen stellen en eigen keuzes maken #onderwijsavond

Jongeren van nu moeten hun ethische weg vinden in een labyrinth van onvermijdbare beelden van kittens tot onthoofdingen #onderwijsavond

Water kan niet stoppen omdat er een steen ligt #onderwijsavond

De levensstroom stokt onvermijdelijk door een ethisch-existentiele ingrijpende ervaring #onderwijsavond

Mensen maken ononderbroken ethische balansen. De kaart van destructief recht wordt getrokken. Ik werk hard dus mag… #onderwijsavond

GEWOON LUISTEREN IS GENOEG #onderwijsavond

Drugs zorgen voor een vernietsing bij mensen met teveel stops in hun levensstroom #onderwijsavond

DE ONTMOETING KOMT VOOR HET LEREN. HET IN EEN RELATIE KUNNEN EN DURVEN GAAN STAAN IS DE BASIS. #onderwijsavond
(veel geretweet! een snaar geraakt, blijf luisteren!)

Oopsiefloopsie. DE A12 IS DICHT. #onderwijsavond

(de terugreis duurde wat langer, en gaf ruimte voor gedachten)


 

Toch een paar toevoegingen:

- de drang om toe te voegen, te herschikken, weg te laten, te herformuleren, te beDENKEN, is groot, heel groot…..
– moet ik nog wat schrijven over dat voor en na gefilmd worden? Nee, bekijk het maar! J (Zal zodra ik het weet doorgeven waar)
– het zou zomaar kunnen dat er vragen zijn naar aanleiding van bovenstaande, ik hoor ze graag!

Of het er toe doet dat weet ik niet maar standaard stop ik wat afbeeldingen in mijn blogposts. Deze keer dus toch ook maar. Ze zijn niet van mij, ze zijn van Claire. Dank je Claire!

Oopsiefloopsie 1 B0IEA4sIEAAZVJjOopsiefloopsie 2 B0IEL6uIAAAlD2C

Oopsiefloopsie…… Had ik wel op Publish moeten drukken? :)

Oopsiefloopsie 3 B0IESXiIIAEPJZO

 


Wat telt?

oktober 7, 2014

d994b8fcba7dee6e747323269766c97fGisterenmiddag had ik een korte discussie met een collega. Hij klaagde over de vele lesuitval door allerlei andere activiteiten. Excursies bijvoorbeeld.

Hij doelde natuurlijk op lesuitval voor ZIJN VAK.

Nu is dit een zeer toegewijde collega die zelf ook excursies organiseert. En die zijn ‘natuurlijk’ belangrijk, want daar leren leerlingen, in en van de praktijk.

Ik vroeg hem naar het verschil.

Ja, dat was waar. Dat was een misschien een beetje inconsistent.

Maar dan die andere lesuitval, omdat al die docenten zo nodig op een cursus moeten?

“Maar als de docent er niet is kunnen de leerlingen toch wel leren? “ vroeg ik hem, min of meer retorisch.

“Ja, maar doen ze dat ook? En hoe weet je dat?”, was zijn reactie, niet onverwacht.

“Bij mij wel”. Zonder twijfel durf ik dat inmiddels uit te spreken.

“Hoe weet je dat dan?”

“Ik geef ze een opdracht, digitaal, die pas bij ze aankomt op de dag zelf, en die digitaal moet worden ingeleverd, diezelfde dag, of voor het begin van de eerstvolgende les.”

(“Ja,, maar dat doe jij met die groepen waarmee je dat al twee jaar doet, die zijn dat gewend, logisch dat het dan werkt……”

 ……..zo’n moment dat je huilt en lacht, blij bent en verdrietig. Het werkt! Maar het werkt nog niet helemaal.)

Wat telt?

Morgen zal ik niet op school zijn, omdat ik op een (verplichte, maar dat is hier niet van belang) cursus ben. In het rooster staan voor mij morgen 6 klassen gepland.

Als er geen opvangdocent beschikbaar is voor deze klassen en de lessen dus niet in het rooster blijven opgenomen als ‘gegeven’ dan zijn zij ‘niet gegeven’. En dan tellen zij dus niet mee voor het aantal gegeven lesuren, dat toch weer 1000 moet zijn aan het eind van het jaar.

Mijn 6 klassen zullen morgen aan het werk zijn en leren. Ik heb hen van informatie en instructies voorzien. Ik heb zien aankomen dat ik er niet fysiek bij kan zijn en mijn lessen daar op aangepast. De leerlingen zullen met mij delen wat zij hebben gedaan en geleerd en waarover zij nog vragen hebben.

Wat telt?

Leren of aanwezig zijn op een vaste plek op een afgesproken moment?

Wat telt is of er geleerd wordt. Hoe je dat telt zal mij worst zijn.

Ik kies dus voor leren. Mijn leerlingen ook. Dat hebben wij inmiddels samen geleerd.


De ideale blogpost

oktober 7, 2014

Elke maandagavond is er #blogpraat op twitter. Een aantal bevlogen bloggers praten daar met elkaar een uur lang over bloggen, ofwel communiceren.

Als het mij lukt om daar tijd voor vrij te maken doe ik graag mee aan #blogpraat. Het verrijkt me.

Gisteren was het onderwerp: ‘De ideale blogpost’, besproken aan de hand van vijf vragen.

De belangrijkste vraag was, natuurlijk: ‘Wat is een ideale blogpost?’

Daar was, evenzo natuurlijk, geen eenduidig antwoord op, wel was er overeenstemming over de richting waarin dit antwoord gezocht zou moeten worden.

Mijn duit in het zakje ontsproot in de snelheid van de geest en die van twitter, en in hun gedeelde beperktheid in tijd en aantal. Hoe zeg je wat je wilt zeggen goed én kort én snel?

Wat er bij mij uitkwam werd door andere deelnemers geretweet. Altijd fijn. Dank je: @SssandraVv @Elja1op1 @drspee @MarloesvZoelen @Joanne1200

Maar vooral wil ik bedanken: @ALovelyEncouragement, omdat zij er dit van maakte:

Blogpost De ideale blogpost BzSSxJ_CIAEqb90


Genius Hour, tijd voor passie!

september 14, 2014

Elke leerling heeft een passie. Een droom onder het oppervlak. Een docent kan de vonk zijn die de passie doet ontbranden. De deur tussen droom en daad.
Ik probeer mijn onderwijs elke dag een klein beetje beter te maken. Mijn leerlingen probeer ik zoveel mogelijk voor te bereiden op een toekomst, waarvan ook ik niet weet hoe die er uit gaat zien. Ik denk dat het belangrijk is dat leerlingen ervaren dat leren leuk kan zijn en dat het geleerde een beloning kan vormen. Dat school meer is dan saai.

Iedereen vraagt om meer tijd en ruimte. Schoolleiders van besturen. Docenten van schoolleiders. Leerlingen van docenten. Iedereen wil het krijgen. Maar wie durft het te geven? Ik wil het graag krijgen. Dus moet ik het durven geven. Vandaar Genius Hour, op mijn school tijd die door leerlingen volledig zelf mag worden ingevuld.
Genius Hour gaat uit van het principe dat elke leerling unieke kwaliteiten bezit en biedt een keuze in wat en hoe te leren. Het geeft leerlingen de kans zelf te ontdekken, zelf te ervaren, zelf stappen te zetten. Het creëert ruimte tot variatie in leerproces, uitvoering en presentatie. Het daagt leerlingen uit en leert ze om te gaan met vrijheid. Genius Hour biedt de mogelijkheid passie leidend te laten zijn voor leren. Dit zorgt voor betekenisvolle activiteiten en dus leren.

De oorsprong. Bij Google mogen werknemers 20% van hun tijd besteden aan zelf gekozen projecten. In het boek ‘Drive’ beschrijft Daniel Pink als algemene kenmerken voor motivatie van mensen om iets te doen de begrippen autonomie, meesterschap en zingeving. Drijvende krachten achter Genius Hour in het onderwijs zijn Angela Maiers en Amy Sandwold met hun boek ‘The Passion-driven Classroom.’

Screen-shot-2011-01-26-at-2.49.27-PM3

Ik heb de leerlingen verteld: “You are a genius, and you get an Hour!
Verbazing alom. Toelichting dus:
“Van de vier uur in de week mogen jullie er vanaf nu één zelf invullen.”
“Hoe dan?”
“Hoe je wilt!”
“Echt?”
“Ja, echt! Als het maar iets met het vak te maken heeft en jij er iets van leert.”
“Moeten we in groepjes?”
“Dat mag je zelf weten.”
“Moeten we een verslag schrijven?”
“Dat mag je zelf weten?”
“Moeten we iets presenteren?”
“Ja, maar hoe mag je zelf weten.”

Voor de meesten duurde het even om op gang te komen. Om vrijheid te accepteren. Sommigen hadden het zo rond:
“Meneer, mogen wij muziekinstrumenten maken?”
“Ja, dat mag.”
“Dan kunnen we ontdekken hoe geluid ontstaat en wat het is. Want we hebben die formules wel gehad maar echt snappen doen we het niet.”
“Meneer, mogen wij onderzoeken hoe een voetbal in de lucht de bocht om kan gaan?”
“Ja, dat mag.”
“Meneer, mogen wij….”
“Ja, dat mag.”

Bij anderen duurde wat het langer, en alleen van dat alleen al leerden ze zoveel. Kiezen bleek nog niet zo makkelijk. Anderen wisselden tot drie keer toe van onderwerp en ook daarvan leerden ze veel.
“Meneer, U zei dat mocht, maar het mag helemaal niet!”
“Wat niet?”
“Een aardappelkanon bouwen. We hebben het opgezocht en het is volgens de wet verboden. Je kunt een boete van 17.500 euro krijgen!”
“Ok, dan weten we dat ook weer.”

Er gebeurde van alles in de weken die volgden. Soms leek het niks, soms zinderde het. Soms leek het een chaos, af en toe was dat ook zo.

Lucy is een rustig meisje met een interesse in techniek. Lucy zit in klas 2 en zij ging ‘iets doen met robots’, misschien er een zelf bouwen. Regelmatig vroeg ik Lucy naar haar vorderingen, want ik zag haar niet zoveel doen, het waren vooral plannen waarover ik hoorde.
“Ik doe ook heel veel dingen thuis voor Genius Hour, meneer.”
“Ok.”
Lastig voor mij als docent, maar ik moest vertrouwen.
Gisteren was de presentatie van Lucy. Ik schrok. Lucy was naar de universiteit van Delft geweest om een interview te houden met een roboticus! Zij had hiervan een video gemaakt, inclusief een demonstratie van een lerende robot. Zij legde haarfijn en perfect gestructureerd uit wat een robot is en hoe hij werkt. Ook had ze een robot bij zich, zelf gebouwd. Lucy demonstreerde live (!) hoe je deze kon programmeren! Kalm en overzichtelijk vertelde ze haar verhaal. Toen zij de video van de roboticus afspeelde, keek ik niet alleen naar de video, maar vooral naar Lucy. Haar gezicht glom! Zij straalde! Zij was trots! Ik zag passie in beeld. Ik genoot met haar mee. Het cadeau ‘vertrouwen’ werd meer dan beloond.

Leerlingen zitten vol met passie, vol met vragen. Ik hoef eigenlijk helemaal niets te doen. Alleen wat tijd en ruimte geven. Een kleine moeite. Een groot gewin. De echte onderwijshelden zijn de leerlingen. Stuk voor stuk.

onderwijshelden

Deze post vormt mijn bijdrage aan het boek Onderwijshelden, een boek waarin 60 verhalen zijn gebundeld die laten zien dat op allerlei plaatsen in het onderwijs mensen zijn die vinden dat het anders moet en kan hiermee gewoon aan zelf aan de slag gaan. Het boek is op zaterdag 13 september gepresenteerd tijdens het Permanent Beta Festival en is te hier te bestellen via bol.com (inmiddels is de eerste oplage uitverkocht :), vanaf maandag 15 september is het boek weer verkrijgbaar) of hier te downloaden als pdf of epub.

 


Ze zijn moe, en kunnen wel rekenen!

juli 1, 2014

De afgelopen twee weken zijn er bij ons op school, net als op vele andere, toetsweken geweest.

  • Docenten maken toetsen.
  • Leerlingen leren voor toetsen.
  • Leerlingen maken toetsen.
  • Docenten kijken na.
  • Docenten voeren cijfers in.
  • Er zijn mensen blij.

Gewoon, onderwijs dus. Zou je zeggen.

Voor de laatste toetsweek zijn er ook de laatste lessen. Dan kan al op woensdag het geval zijn, of zelfs op dinsdag.

‘Meneer, dit is de laatste les. Gaan we film kijken?’

‘Ziet dit er uit als een bioscoop?’

‘Maar bij de andere drie lessen vandaag mocht het wel.’

‘Dan hadden jullie daar alle stof al af, waarschijnlijk.’

‘Nee hoor, maar de docent zei dat we dat ook wel thuis konden doen.’ (hier ga ik nog eens op terugkomen…, dat vind ik namelijk ook…)

‘Dat zou heel wel kunnen. Maar doordat wij de laatste drie lessen tijd hebben verloren omdat een aantal van jullie de presentaties niet volgens afspraak hadden klaarstaan en we daar veel tijd aan verloren hebben geldt dat voor deze les helaas niet.’

‘Maar wij zijn zo moe!’

‘Dus jullie zijn moe geworden van 3 uur naar films kijken? Dan zullen we dat nu maar niet maar gaan doen.’

Gewoon, onderwijs dus. Zou je zeggen.

‘Nee, wij zijn moe van het hele jaar. De hele dag opletten. En iedere docent die denkt dat hij het belangrijkste vak heeft. En dat wij nog thuis nog wel een uurtje aan zijn vak kunnen besteden omdat hij/zij het zo nodig vindt het hele uur vol te kletsen.’

‘Dat snap ik helemaal! Maar hebben jullie voor mijn vak ooit veel huiswerk moeten maken?’

‘Nee. Maar dat maakt niet uit. Het gaat om het totaal. We zijn gewoon moe.’

‘Dat snap ik. Maar volgende week is de toetsweek en vandaag gaan we nog een aantal lastige zaken langslopen. Dat is namelijk mijn werk. Beslissen wanneer het nodig is en wanneer het kan. Wanneer wat. En nu is het nodig.’

De leerlingen vallen stil.

De les gaat natuurlijk gewoon door.

De leerlingen doen mee. Dat hun opzet is mislukt zijn ze snel vergeten. Op die ene na dan, die demonstratief met het hoofd op de bank blijft liggen. Dat is geen probleem. Die kan het zonder uitleg en extra voorbeelden. Maar de meesten in deze klas niet. Al zouden ze dat nog zo graag willen.

Aan het eind van de les stel ik een niet onbelangrijke vraag, die vaak, om welke reden dan ook, tijd dus meestal, niet gesteld wordt.

‘Wie heeft er van deze les iets geleerd?’

Meer dan de helft steekt hun hand op.

‘Wie denkt dat hij/zij door deze les een hoger cijfer voor de toets gaat halen?’

Meer dan de helft steekt hun hand op.

Leren loslaten tegeltje-kind-leren-fietsen

De toetsweek volgt. Ik moet surveilleren. Ik sta in de gang voor de klas en spreek met leerlingen voor de deur.

‘Ik was echt te moe om nog te leren, meneer. Waarom moeten we nu aan het eind van het jaar voor alle vakken nog een toets gaan maken?’

Een goede vraag en ik val even stil.

‘Het is echt te veel,’ voegt een andere leerling toe.

‘Weet U wel hoe het is om 8 uur lang elke dag naar leraren te moeten opletten en naar leraren te luisteren”, voegt leerling drie toe.

Ik probeer een antwoord te formuleren en het lukt me om de leerlingen te laten luisteren.

‘Ja, dat weet ik.’ En ik ets nogmaals in mijn geheugen dit nooit te vergeten.

‘Gaat de toets moeilijk worden?’. Leerling vier, linksachter stelt een schijnbaar concrete vraag.

‘Nee, niet als je geleerd hebt,’ is mijn standaard antwoord, en dat klopt in mijn geval ook wel.

De eerste leerling die mij aansprak doet een kleine stap naar voren.

‘Nou, ik heb het uitgerekend en voor alle vakken behalve wiskunde heb ik aan een 1,2 genoeg deze toetsweek.’

‘Grappig, dat je wel kunt rekenen maar dan voor wiskunde toch meer dan een 1,2 nodig heb,’ kom ik, toch weer docerend, terug.

‘Ik heb alleen voor Duits een 3,4 nodig, de rest maakt niet uit.’

‘Ik voor geschiedenis, een 4,2. En voor aardrijkskunde een 3,8.’

‘Ik voor Nederlands een 1.8, voor Frans een 4,7 en voor Duits een 5,2. Dus ik heb alleen voor Duits geleerd vandaag.’

Gewoon, onderwijs dus. Zou je kunnen zeggen.

Je zou het ook anders kunnen zeggen.

Niet gewoon. Onderwijs. Dus.

Ho. Ho. Ho.

Dat zou best een goed einde van deze bijdrage zijn geweest.

Hoe liep het nu echt af?

Voor mijn vak en deze klassen?

De leerlingen die ik sprak hadden allemaal een (ruime) voldoende.

Zij hadden echt wel geleerd. Ondanks hun woorden. Ondanks hun vermoeidheid. Zij waren betrokken. En zij gaven een signaal.

Wat zijn mensen toch wonderlijke wezens.

Laten wij zorgen dat zij dit blijven.

Daar is geen rekentoets voor nodig. Als het nodig is kunnen leerlingen prima rekenen.

Kunnen ze ook rekenen op jou?

rekenenen op jouw! animaatjes-rekenen-69059

 


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 3.566 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: