Met enige regelmaat loop ik tegen iets aan waarvan ik denk: “moet dat nou zo?”
Met enige regelmaat zie ik kritische kanttekeningen langskomen.
Met enige regelmaat zie ik ongefundeerde, ondoordachte meningen langskomen.
Met enige regelmaat zie ik naïeve suggesties voor complexe problemen langskomen.
Met enige regelmaat zie ik hele positieve, enthousiaste berichten langskomen.
Met enige regelmaat zie ik negatieve opmerkingen langskomen.
Met enige regelmaat zie ik mensen langs elkaar heen praten, beide overtuigd van hun gelijk.
Met enige regelmaat zie ik mensen hun mening verkondigen en vervolgens het gesprek verlaten.
Met enige regelmaat doe ik een beroep op mijn professionaliteit om het gesprek te kunnen blijven aangaan met collega’s die elke inhoudelijke informatie uitwisseling uit de weg lijken te willen te gaan door een focus op alleen de mogelijk minder positieve aspecten van een verandering.
Met enige regelmaat denk ik: “daar moet ik toch eens iets over schrijven op mijn blog”
Met enige regelmaat ben ik begonnen aan een blogpost over bovenstaande en onderstaande.
En nu kwam ik iets tegen dat het kantelpunt betekende en nu is dit dus geschreven.
Ik werk in het onderwijs:
Weer een nieuw plan? Een leerling die gewoon niet wil? Een collega die klaagt? Een teamleider die werk afschuift? Een ouder die moeilijk doet? Een collega die zijn afspraken niet nakomt? Een politicus die maar wat roept? Meer bijeenkomsten? Extra taken?
Een docent is een lesgever, een administrator, een PR deskundige, een mentor, een inspirator, een constante factor, een vader of moeder of broer of zus, een manusje-van-alles en dan moet hij ook nog overal goed in zijn!
Je kunt bitter worden door alle moeilijkheden en tegenslagen of negatieve ervaringen die je tegenkomt.
Of.
Je kunt beter worden in wat je doet en hoe je dat doet.
Het is gemakkelijk om bitter te worden, dat gaat bijna vanzelf.
Het is werk om beter te worden.
Je kunt er voor kiezen om het op te geven en je te laten meezuigen in de maalstroom van negativiteit.
Je kunt er ook alles aan doen om beter te worden en je volledig geven om je doel te bereiken.
Vroeger….. toen ik nog aan hardlopen deed en het wel eens moeilijk had tijdens de trainingen voor de marathon heb ik van een vriend wat nuttige dooddoeners gekregen:
“No pain, no gain!”
“If it doesn’t kill you, it makes you stronger”
Mensen die werkzaam zijn in het onderwijs zien dit over het algemeen niet gewoon als een baan. En als dat wel zo is en je wist niet dat het zo zwaar zou kunnen zijn dan zou je misschien wat anders moeten gaan doen. Mensen die werkzaam zijn in het onderwijs willen een verschil maken, willen kinderen iets leren, willen een betere toekomst voor hen. Dat kan niet als je bitter bent.
Hier dus een oproep. Aan mezelf, als herinnering, maar ook aan ieder die dit leest en dit wil delen.
Na de lesvrijeperiode deze komende week ga ik nog actiever aan de slag met het volgende.
De vraag: hoe kan ik mijn lesgeven beter maken?
Met als antwoord: wat ga ik doen?
1. Glimlachen en lachen. Door te glimlachen voel je jezelf beter en glimlachen is besmettelijk. Stel je voor wat er gebeurt als ik dat werkelijk bewust zou doen elke ochtend en de hele dag, glimlachen naar mijn leerlingen en naar mijn collega’s! Door te lachen besmet je de omgeving met plusjes.
2. Nakijken. Ik doe dit altijd al heel snel, maar heel soms duurt het toch wat langer door ‘drukte’. Het is belangrijk voor de leerlingen en het heeft direct effect als gemaakte toetsen of gemaakt werk per ommegaande van een cijfer en het liefst feedback worden voorzien en vervolgens direct besproken.
3. Inspireren. Ik ga iets doen dat mijn leerlingen inspireert. In mijn geval gaat dat zijn: mooi onderwijs met ze maken. Ze volledig betrekken bij de invulling van hun lessen. Hoe willen zij het? Wat is hier voor nodig? En we gaan het ook doen! Echt!
4. Positief. Ik ga negatieve gevoelens en negatieve kritiek negeren, vermijden, verdrijven, vervangen. Niet naïef positief, maar realistisch positief. Jaren geleden werkte ik met kaartjes op mijn bureau met een speerpunt voor de dag of voor de week. Iets waar ik aan wilde of moest werken. “Praat minder”. “Stel vragen”. “Gun leerlingen tijd”. “Start de les na 5 minuten”. “Licht toe waarom wat”. “Praat duidelijk”. “Positief” heeft daar heel lang gelegen en gaat daar nu weer liggen.
Wat zou ik nog meer kunnen doen om beter te worden in wat ik doe?
Wat zou jij kunnen doen?
Wat ga jij doen?
Bron: http://theinspiredclassroom.com/2013/05/bitter-or-better/ (Het was vooral de titel die het deed)


Geplaatst door fransdroog 

















