Hoe ga ik me voorbereiden op edcampNL?

september 29, 2013

EdcampNL logo open 2013-08-10_1924Ik heb de vraag gesteld op verschillende sociale media, dus zal ik hem zelf ook moeten beantwoorden.

Ik bereid me voor op edcampNL door er zoveel mogelijk aandacht en interesse voor te generen.

Ik stuur tweets. Ik RT.

Op Facebook like ik berichten. Ik deel berichten. Ik reageer op berichten.

Maar is dit werkelijk voorbereiden op edcampNL?

Edcamp inschrijfbord img_2448Ik bereid me voor op edcampNL door na te denken over wat ik daar zelf zou willen delen.

Mooi onderwijs.

Flipping the Classroom.

Web 2.0 in de klas.

Peer learning.

Professionaliseren in het onderwijs.

The Crowd.

Gepersonaliseerd leren.

Internationalisering.

Maar is dit werkelijk voorbereiden op edcampNL?

Ik bereid me voor op edcampNL door dingen voor de organisatie langs te lopen.

Inloop – registratie – koffie – lokalen – prikbord – jassen – lunch – roken – stickers – sponsors – badges – tijdschema – wifi – wiki – video – aantallen – wie – wat – waar – carpoolen – plakband – pennen – toespreken – laissez faire

Maar is dit werkelijk voorbereiden op edcampNL?

We gaan het zien!


Hoe willen leerlingen gemotiveerd worden?

september 28, 2013

Blogpost motiveren

Welke leerlingen leren het beste?

Leerlingen die gemotiveerd zijn.

Wat motiveert mij, als docent?

Leerlingen, die gemotiveerd zijn.

Hoe raken leerlingen gemotiveerd? Wat kan ik, als docent, doen om dat te stimuleren?

Vraag het de leerlingen! Onderneem actie aan de hand van de antwoorden!

In het boek Fires in the Mind worden de antwoorden beschreven die leerlingen hebben gegeven op de simpele open vraag ‘Hoe word ik ergens goed in?’ De meest voorkomende antwoorden, en de acties die docenten hierop kunnen laten volgen, worden hieronder weergegeven.

1. Laat ons zien wat ons doel is
-> geef voorbeelden van door leerlingen gemaakt werk
-> leg verbindingen met de echte wereld door de vragen, problemen, uitdagingen die experts hebben te tonen

2. Geef aan welke onderdelen wij moeten leren
-> benoem de vaardigheden en de kennis die vereist is
-> geef realistische doelen om van de onderdelen een haalbare uitdaging te maken

3. Geef ons vele verschillende manieren om te begrijpen
-> biedt concepten en vaardigheden op verschillende manieren aan zodat leerlingen een handvat krijgen om te starten

4. Leer ons kritisch te zijn op ons eigen werk en leer ons onze werkwijze aan te passen
-> zorg voor verschillende mogelijkheden waarop leerlingen veranderingen kunnen aanbrengen terwijl zij leren van gemaakte fouten
-> hou de vorderingen in vaardigheden en kennis van leerlingen nauwgezet bij

5. Bepaal onze vorderingen continu, niet alleen op grote alles-of-niet momenten
-> gebruik formatieve assessments om vorderingen in beeld te brengen

6. Breng onze kleine successen in kaart
-> zorg ervoor dat leerlingen hun individuele doelen kennen en deel met hen de vorderingen die zij maken

7. Vraag ons als expert teams te werken
-> leer aan leerlingen hoe effectief samen te werken (bereiken concensus, tijd management, gelijke participatie
-> evalueer de vaardigheid samenwerken bij het beoordelen van een groepsproject, presentatie of voorstelling

8. Help ons onze kennis uit te breiden door ons onze bestaande kennis te laten gebruiken
-> bouw zinvolle toepassingen van vaardigheden en concepten in binnen de dagelijkse instructies en de langer lopende projecten

9. Gebruik optredens om ons begrip te beoordelen
-> zoek een publiek waaraan leerlingen hun werk kunnen presenteren om het inherente belang te onderstrepen
-> zorg dat leerlingen voldoende tijd hebben om te oefenen, kritisch te reflecteren en aan te passen voordat zij iets gaan presenteren

Blogpost motiveren lln motivatie-wat-drijft-ons-292x190Wat kan ik hier als docent nu mee? Hoe kan ik de gegevens uit dit onderzoek vertalen naar mijn eigen situatie en de acties ondernemen die voor mijn leerlingen gaan werken?
– Ik kan mijn leerlingen deze lijst voorleggen, zonder de acties van de docent erbij, en ze vragen er op te reageren.  Zijn ze het er mee eens? Is er iets dat ze anders zouden willen? Kunnen ze hier redenen voor aangeven?
– Ik kan mijn leerlingen vragen zelf een vergelijkbare lijst aan te leggen.

Nu dus gewoon nog even een kwestie van doen.

Bronnen:
What motivates students to meet a challenge? Kathleen Cushman and Allison Zmuda.
Fires in the Mind

Eerdere posts op dit blog over motivatie van leerlingen:
1. Top 12 manieren om leerlingen te motiveren

Deze post is onderdeel van een quadblog


Lerende leerlingen dankzij peer learning, peer assessment en peerScholar.

september 22, 2013

peerScholar Logo-psAfgelopen donderdag was ik aanwezig bij een Masterclass peerScholar op het Corlaer College in Nijkerk. Deze Masterclass werd georganiseerd door het team van peerScholarEU, in samenwerking met The Crowd. Professor Steve Joordens, de geestelijke vader van peerScholar, was als gast speciaal overgevlogen uit Canada!

Het doel van de Masterclass was om door actieve deelname kennis te maken met deze innovatieve web-software, die er op gericht is peer learning en peer assessment eenvoudiger toepasbaar te maken bij het aanleren van vaardigheden. Hiernaast werden de ervaringen van een aantal scholen die al pilots gedraaid hebben met deze methode gedeeld.

peerScholar Steve Joordens 1294499_454328854681430_825733830_oTijdens de opening werd door Steve Joordens uitgelegd wat hem had aangezet tot het ontwikkelen van peerScholar. Het aanleren van vaardigheden vereist een andere benadering dan het aanbrengen van kennis.  Je kunt van alles lezen over judo en een expert worden in de theorie maar je kunt alleen maar goed leren judoën door het heel vaak te oefenen. Vaardigheden als kritisch en creatief denken, kritisch reflecteren en kritisch feedback geven, leer je op dezelfde wijze, alleen door ze te herhaald te oefenen.

Een doelgericht ontwikkelde technologische tool kan leerlingen helpen om kritische feedback op elkaars werk te geven, kritisch te reflecteren op ontvangen feedback en zo niet alleen tot een beter product te komen maar ook het geven en ontvangen van feedback gericht steeds beter te leren. Deze ‘purpose built technology’ was er echter nog niet en daarom heeft Steve peerScholar ontwikkeld.

Na de inleiding werden we in een aantal workshops zelf actief aan de slag gezet. peerScholar werkt via drie stappen of fasen.

1. Schrijven. De leerling maakt een opdracht die door de docent is klaargezet. De opdracht kan elke gewenste vorm hebben, van geschreven tot multimedia. Bij de opdracht is een rubric beschikbaar die de leerlingen kunnen gebruiken om tijdens stap 2 feedback op het werk van mede-leerlingen te kunnen geven. De hoeveelheid toegestane tijd kan worden vastgezet.

2. Evalueren. De leerling krijgt het werk van een aantal mede-leerlingen te zien en moet hierop kritische feedback formuleren. Dit kan zowel op naam als anoniem zijn. De docent bepaald in deze fase door de inhoud van zijn rubric de gewenste diepgang van het leren. Doordat de feedback komt van mede-leerlingen is het voor de leerling eenvoudiger om zijn eigen sterktes en zwaktes te zien.

3. Reflecteren. Nadat de evaluatie fase is gesloten kan de leerling direct de feedback zien op zijn werk en hier op reageren. Als docent kun je ervoor kiezen om de leerlingen een aangepaste versie in te leveren van hun werk, al of niet voorzien van een beschrijving van hun ervaringen met het ontvangen en verwerken van de feedback.

In het peerScholar systeem is het mogelijk om de leerlingen elkaar ook kwantitatief te laten beoordelen. Hiernaast kan de docent instellen in hoeverre de beoordeling door de leerlingen zelf meetelt in uiteindelijke cijfer, als dit er komt. Dit kan eenvoudig via een schuifje waarbij de leerling en docent cijfers tussen 0 tot 100% worden gezet!

peerScholar Bob Hofman 73375_454327711348211_409427423_n

Het systeem werkte in de praktijk verbluffend eenvoudig en het kostte weinig tijd om zonder enige noemenswaardige instructie te ontdekken hoe het werkt. Het werd ook direct duidelijk dat het naast het aanleren van vaardigheden, waarbij docenten veel werk uit handen wordt genomen, ook op andere manieren worden ingezet. Er zijn grote mogelijkheden te bedenken voor alle vakken waar van docenten veel leeswerk met veel feedback wordt verwacht. Ook voor de ontwikkeling van het creatieve en kritische denken van docenten is peerScholar een mooie tool.

Wanneer je het systeem zelf zou willen uitproberen dan is het mogelijk dit 90 dagen vrijblijvend te doen. Voor meer informatie hierover kun je terecht bij Bob Hofman van peerScholarEU,

In de laatste ronde met workshops werden de ervaringen van een aantal scholen die al pilots gedraaid hebben met deze methode gedeeld door Amanda Hagenbeek, Riechard Weening, en Ad Stoop (RSG Slingerbos|Levant, Harderwijk) en Rogier Spanjers (Montessori College, Arnhem).

FDR_the-CrowdHierbij heb ik helaas zelf niet aanwezig kunnen zijn. Op datzelfde moment gaf ik samen met Michel van Ast, namens The Crowd, tweemaal een workshop over vormen van peer learning uit onze eigen praktijk.
Michel vertelde over zijn ervaringen met zijn studenten op HU, die door middel van weblogs opdrachten moesten inleveren en via reacties op de weblogs feedback op elkaar. Dit systeem werkte op prima om peer learning te bevorderen maar was voor de docent wel zeer tijdrovend.
Zelf heb ik drie voorbeelden laten zien waarbij leerlingen op verschillende manieren van peer learning gebruik maken. Deze voorbeelden zijn hieronder te vinden. Mijn ervaringen met peer learning zijn tot dusver erg positief en ik deel de voorbeelden graag ter inspiratie. Voor mij komt een systeem als peerScholar als geroepen omdat dit mij voor mij een groot aantal handelingen automatiseert zonder dat dit ten koste gaat van de inhoud of de didactiek. Ik beheer nu nog een zeer grote hoeveelheid documenten in Google Drive en ben veel tijd kwijt met alleen al de organisatie van het geheel.
Mijn ervaringen met peer assessment zijn ook erg positief. De leerlingen becijferen in het algemeen zeer serieus en goed onderbouwd. De gemiddeldes die worden gegeven wijken nauwelijks of niet af van mijn eigen beoordelingen. Een belangrijke taak voor de docent ligt bij peer assessment wel in het duidelijk aangeven van de criteria volgens welke beoordeeld moet worden. De rubrics die peerScholar hiervoor gebruikt zijn hierbij een prima instrument. Het mede beoordelen van de kwaliteit van de feedback en de assessment is een geode manier om leerlingen het belang hiervan te laten inzien.

Voorbeeld 1. Expertise verkrijgen, delen en vergroten
Stap A – Tweetallen. Internet. Google Drive. Edmodo. Computerlokaal.
Opdracht: Vraag beantwoorden en antwoord kunnen uitleggen.
Helft: Wat is geslachtelijke voortplanting? Andere helft: Wat is ongeslachtelijke voortplanting? Beide groepen 8 kernwoorden waarvan betekenis moet terugkomen.
Stap B – Tweetallen worden nieuwe tweetallen, combi vraag 1 en vraag 2.
Opdracht: Leg aan elkaar uit wat respectievelijk geslachtelijke en ongeslachtelijke voortplanting is. Geef feedback op elkaars document. Maak gezamenlijk nieuw Google Drive document, voer hierin verbeteringen door die volgen uit uitleg aan elkaar.
Stap C – Tweetallen worden viertallen.
Opdracht: Lees elkaars document, geef feedback, lever één document in.
Stap D assessment (optioneel) Individueel.
Iedere leerling beoordeelt 2 documenten via geschreven feedback en cijfer.

Voorbeeld 2. Flip de klas
Stap A – Individueel: voorafgaand aan les de video DNA en Erfelijkheid bekijken.
Opdracht: Hieraan gekoppelde vragen beantwoorden in Google Drive document.
– Geef drie begrippen uit de video die je al kende. Schrijf de betekenis op.
– Geef drie begrippen uit de video die je nieuw geleerd hebt. Schrijf de betekenis op.
– Geef drie begrippen waar je meer over zou willen leren dit jaar.
Stap B – Tweetallen in de les. Computerlokaal.
Opdracht: Bekijk elkaars document, bespreek waar overlap zit en waar kennis verschilt. Maak nieuw gezamenlijk document.
Stap C – Tweetallen worden viertallen, die in tweetallen stap B herhalen.
Stap D assessment (optioneel) Individueel.
Iedere leerling beoordeelt 2 documenten via geschreven feedback en cijfer.

Voorbeeld 3. Op niveaus uitleggen
Stap A – Drietallen. Computerlokaal. Mens en milieu. Hoofdstuk vervangend.
Opdracht: 5-VWO, maak een presentatie over jullie onderdeel, vorm is vrij.
Stap B – Presenteer aan leerlingen eigen klas.
Stap C – Schrijf feedback over inhoud en presentatie, geef twee cijfers.
Stap D – 5-VWO leerlingen: maak presentatie geschikt voor klas 2
Stap E – Presenteer aan klas 2-VWO
Stap F – 2-VWO leerlingen schrijven feedback over inhoud en presentatie, geven cijfer


Tweetallen zijn effectiever achter de computer. Onderzoek onderwijs toepassen 4.

september 22, 2013

Tweetallen computer computerOnderwijs leert onderzoeken. Onderwijs wordt onderzocht. En dan?

Het verbaast mij al sinds ik uit de wereld van het onderzoek ben gestapt en de wereld van het onderwijs in dat er zo weinig met onderzoek over onderwijs wordt gedaan. Gewoon concreet. Resultaten toepassen.

Ik ben daarom op dit blog gestart met het aanreiken van direct toe te passen conclusies uit onderzoek. Wat werkt in het onderwijs zou gebruikt moeten worden. Dit is de vierde bijdrage.

Met grote regelmaat werk ik met mijn leerlingen in het computerlokaal. Dit is een luxe, want er staan maar liefst 32 computers. En dan is er in het schoolgebouw nog een tweede computerlokaal met ook 32 computers. Genoeg plaats dus voor mijn klassen van 32 leerlingen. Prima geregeld.

In de dagelijkse praktijk kan het voorkomen dat de computerlokalen niet beschikbaar zijn omdat ze in het standaardrooster voor activiteiten zijn opgenomen of omdat collega’s eerder een reservering hebben gedaan. Ook is het wel eens zo dat niet alle 32 computers in een lokaal naar behoren functioneren.

Dit is voor mij en mijn leerlingen geen enkel probleem. Integendeel.

Ik laat in het computerlokaal vaak de helft van de computers ongebruikt!

Met enige regelmaat werk ik in mijn eigen lokaal met een aantal van de 10 laptops die op aanvraag beschikbaar zijn voor leerlingen en vraag ik een paar leerlingen hun eigen laptop of tablet mee te nemen. Dan hebben we er vaak niet genoeg.

Dit is voor mij en mijn leerlingen geen enkel probleem. Integendeel.

Waarom hebben mijn leerlingen en ik er geen probleem mee wanneer er minder computers dan leerlingen zijn?

Omdat werken achter de computer effectiever is in tweetallen!

Tweetallen computer alleen boy_computerDoor verschillende auteurs is gevonden dat wanneer er gebruik gemaakt wordt van computers het effect hiervan groter is wanneer dit in tweetallen gebeurt dan wanneer dit individueel of in grotere groepen wordt gedaan. De gevonden effect groottes variëren in verschillende studies van 0,25 tot 0, 56 voor individuen en van 0,54 tot 0,96 voor tweetallen. In de afzonderlijke studies werd consequent een ongeveer twee maal zo groot effect gevonden voor tweetallen dan voor individuen.

De belangrijkste reden die hiervoor door onderzoekers wordt gegeven zijn de krachtige effecten van peer learning die bij tweetallen optimaal kunnen optreden. Leerlingen kunnen van elkaar gebruik maken bij het oplossen van problemen, het proberen van een andere strategiën en het doorlopen van een aantal mogelijke stappen. Samenwerken zorgt in zijn algemeenheid voor effectiever leren doordat leerlingen worden blootgesteld aan meerdere perspectieven en meerdere opties om problemen te verklaren. Er zijn meerdere bronnen voor feedback beschikbaar en meerdere mogelijkheden aanwezig om kennis op te bouwen en te delen. Er is ook een grotere kans dat fouten ontdekt worden.

Tweetallen computer drietal ComputerStudentsDe verklaringen dat bij het werken met computers grotere groepen minder effectief zijn dan tweetallen worden gezocht in het onvoldoende tot zijn recht kunnen komen van individuele bijdragen. Er is minder ruimte om te ontdekken wat er precies geleerd dient te worden en minder ruimte om alternatieven uit te proberen. Bij grotere groepen zullen ook de aanwezigheid van dominante en onderdanige leerlingen de mogelijkheden tot efficiënt leren negatief beïnvloeden.

De rol van de docent is van groot belang. Door de mogelijkheden tot peer learning zoveel mogelijk te bevorderen kunnen de positieve effecten hiervan zo goed mogelijk tot uiting komen. Dit betekent dat de effecten groter zijn wanneer de leerlingen geoefend zijn in het samenwerken en de voordelen hiervan hebben ervaren. Het gebruiken van opdrachten en activiteiten die gericht zijn op coöperatief leren vormen een andere mogelijkheid voor de docent om peer learning ook bij het gebruik van computers te versterken.

Mijn eigen ervaringen sluiten goed aan bij wat uit de verschillende onderzoeken is gebleken. Bij tweetallen is er is een grotere participatie van de leerlingen en er zijn meer doelgerichte en efficiënte interacties. Bij grotere groepen treedt er sneller afleiding op en zijn de individuele bijdragen meer variërend en is het lastiger om activerend op te treden.

Dus, mocht je denken niet met je klas aan de slag te kunnen gaan omdat er niet genoeg computers zijn, denk dan aan hoe Johan Cruijff het ooit zo treffend gezegd heeft:

ieder nadeel heb zijn voordeel

Bronnen:
Hattie, 2009. Visible Learning. Routledge, New York

Eerdere bijdragen in de serie ‘Onderzoek onderwijs toepassen’:
1. Vanaf nu: Verboden vingers op te steken!
2. Vanaf nu: Bordjes omhoog graag!
3. Vanaf nu: Licht op groen, oranje of rood!


%d bloggers liken dit: