Samenvallen, samen opstaan

september 6, 2015

foto vertrouwen girls__dont_trust_in_a_boy__s_finger_by_exeyber-d51yf3a

“Meneer, mag ik naar de WC?”
“Ja, dat mag.”

“Meneer, mogen wij op de gang gaan zitten om met onze mobiel de opdracht te maken, want er zijn niet genoeg computers?”
“Ja, dat mag.”

“Meneer, mag ik in mijn tussenuur bij U in de les komen zitten bij een andere klas om aan mijn opdrachten te werken? Dan ben ik een uur eerder uit.”
“Ja, dat mag.”

“Meneer, mag ik aan de roostermaker vragen mij in het andere cluster voor economie te plaatsen? Het valt dan wel één uur in de week samen met geschiedenis, maar daardoor kan ik dan wel mijn extra vak M&O volgen. Dan spreek ik met de docenten van economie en geschiedenis af wanneer ik de lessen bij hen volg en wanneer ik in een Daltonuur inschrijf om niets te missen.”
“Ja, dat mag.”

Een eerste week waarin weer veel dingen samenvallen.

De start van het schooljaar. Vragen van leerlingen. Bekende vragen en onbekende. Bekende leerlingen en onbekende. Vragen van HetKind. Vragen van mijzelf. Herhaalde vragen en nieuwe. Vragen van mijn collega’s. Vragen van mijn stagiaire. Foutjes en herstel. Eisen en wensen.

“Meneer, klopt het dat wij geen boek hebben voor biologie dit jaar?”
“Ja, dat klopt.”
“Ok.”

“Meneer, mag ik even naar de docent Duits om iets te vragen?”
“Ja, dat mag.”

“Meneer, mogen wij op onze mobiel om te werken aan ons goededoelen project? We hebben nog geen schoolwerk om te doen in dit Daltonuur.”
“Ja, dat mag.”
“Wilt U ons ook sponsoren?”
“Misschien, vertel.”
“Wij gaan….. ”
“Ok, ik sponsor jullie.”

“Meneer, ik heb op dinsdag drie tussenuren, maar als ik die dag bij U in de les mag bij de parallelklas dan heb ik er geen. Mag dat?”
“Ja, dat mag.”

Ik geef zelden het antwoord nee op een vraag. Ik krijg hoogstzelden vragen waarop de steller het antwoord nee verwacht.

Elke ochtend strooi ik het schijnbaar door mijn lokaal en het verdampt en het permeëert de vloer, de stoelen, de tafels, de muren, het plafond. Het vindt zijn plek en blijft daar, zich tegelijkertijd verspreidend.

“Meneer, mag ik een stempel voor mijn DUP-kaart?”
“Ja, dat mag. Je mag hem zelf zetten.”
“Hoeft U dan niet te controleren of ik mijn werk wel heb gedaan?”
“Denk je zelf dat je de stempel verdient?”
“Ja.”
“Dan mag je hem zelf zetten.”

Gisteren kreeg ik tijdens een feestje een vraag van een collega in het onderwijs. Een lastige mail met een lastig verzoek. Anderzijds eenvoudig te beantwoorden wanneer de kern wordt gezien.

Om te beginnen hoop ik dat u een goede vakantie heeft gehad waarin u heeft kunnen uitrusten en een mooi zwembroekpatroon heeft kunnen creëren. Natuurlijk zal ik graag even door willen gaan over nog meer mooie vakantiemomenten waarvan ik hoop dat u ze heeft mogen meemaken, maar ja, de overheid heeft bepaald dat we morgen weer terug naar de werkelijkheid moeten.
Ik heb een vraag wat betreft het keuzewerktijduur van woensdag en mijn rooster. Ik zal het even kort toelichten hoe het er nu uit ziet. Ik begin om 11 uur met een keuzewerktijduur, hierna heb ik een tussenuur, aansluitend nog een tussenuur, aansluitend nog een pauze waarna ik dan om kwart voor 2 mag beginnen met mijn eerste ‘echte’ les van de dag.
Na 5 jaren vol ervaring weet ik van mezelf dat ik effectiever thuis werk dan in een keuzewerktijduur. Nu ik in 6VWO zit, schat ik in dat ik zelfstandig genoeg ben en in staat ben de verantwoordelijkheid te nemen mijn tijd nuttiger thuis te besteden.
Mijn vraag aan u is nu of ik mijzelf bij u in het keuzewerktijduur mag inplannen, dat u mij aanwezig meldt en dat ik dan mijn tijd nuttiger thuis kan besteden i.p.v. een keuzewerktijduur en vervolgens tussenuren en een pauze uitzitten.
Ik heb dit probleem ook al bij mijn mentor neer gelegd en die gaat ermee aan de slag, maar u begrijpt dat er nu dus nog geen oplossing voor is. Vandaar de vraag.

‘Natuurlijk’ kan deze collega niet op dit verzoek ingaan. Er is een lesverplichting en leerlingen moeten voldoende uren op school aanwezig zijn. Er zijn regels waarin hij/zij zich dient te houden.

‘Natuurlijk’ gaat deze collega op dit verzoek in. Hij/zij kent deze leerlingen en weet het verzoek op waarde te schatten. Uitzonderingen vormen de kracht van regels.

Op het feestje waren ook andere docenten aanwezig, sommige kende ik, sommige niet. Er ontstond een discussie, en zoals dat op feestjes gaat, geen consensus of conclusie.

“Die leerling moet niet zeuren. Die moet gewoon op school zijn en kan in die tussenuren aan huiswerk werken.”
“Ja, als je dat voor één leerling toestaat gaat andere leerlingen dat ook eisen.”
“Dat moet toch gewoon kunnen, ik zie het probleem niet.”
“Er zijn vast meer leerlingen met datzelfde rooster, dus dat kun je niet zomaar toestaan.”
“Volgens de nieuwe regels in de wet over lesuren en contacturen hoeven leerlingen toch niet altijd op school te zijn om te kunnen leren?”
“Als een leerling meer leert door niet op school te zijn is dat toch prima?”
“Niet doen, geeft alleen maar gezeur.”
“Het gaat er toch om dat leerlingen iets leren, maakt toch niet uit hoe of wanneer of waar?”
“Ze moeten gewoon leren werken en niet zo zeuren.”
“Daar gaan leerlingen toch helemaal niet over!”
“Ja, hallo, als je daar aan begint is het hek van de dam.”

De eerste drie jaar dat ik les gaf volgde ik het boek. Ik vertrouwde erop dat het boek goed was, de informatie goed was, de vragen goed waren, de antwoorden goed waren. Ik vertrouwde de uitgever en ik vertrouwde het systeem.

Ik ben inmiddels tien jaar verder. Meer en meer ben ik mijzelf meer gaan vertrouwen. En mijn leerlingen. En ik heb ontdekt dat het lesgeven zo meer en meer aan waarde heeft gewonnen, en ook nog eens leuker is geworden. Dat vermaledijde woord dat toch echt wel leuk is om te gebruiken.

PS: Zou deze leerling bij mij op school zitten zou ik haar present melden bij elke afwezigheid.

Advertenties

Gasfornuis #blimageNL

september 6, 2015

foto 28

Het profielwerkstuk is een praktische opdracht voor leerlingen in de laatste klas uit de bovenbouw van het vmbohavo en vwo die als een soort ‘meesterproef’ dient. Zij maken een uitgebreid werkstuk over een onderwerp uit hun gekozen profiel. Een leerling van het vmbo dient er minimaal 20 uur aan te werken. Voor leerlingen van de havo en het vwo is de minimumeis 80 uur. Het cijfer wordt als onderdeel van het combinatiecijfer meegeteld bij het bepalen van de examenuitslag. Voor het vmbo wordt deze ‘meesterproef’ overwegend aangeduid met het sectorwerkstuk, daar vmbo met zogenaamde sectoren werkt in plaats van profielen.
De leerling voert zelfstandig of in een groepje een klein onderzoek uit. Het doel daarvan is tweeledig: enerzijds kan de leerling zijn theoretische kennis verdiepen, anderzijds wordt hij getoetst op vaardigheden, zoals het opzetten van een onderzoekexperimenterenanalyserenbeschrijven en presenteren. Vaak vindt er op scholen een presentatie-avond van de profielwerkstukken plaats.

Tot zover wikipedia over het profielwerkstuk, ofwel PWS.

Dit jaar mag ik zeven groepjes leerlingen begeleiden bij de uitvoering van hun PWS. Een feest met hindernissen. Leren dus.

Twee leerlingen hebben zich, na een aantal andere onderwerpen te hebben overwogen en afgewezen, gericht op de vraag of zij in staat zouden zijn een hulpmiddel voor blinden of slechtzienden te ontwerpen dat zou voldoen aan een behoefte. Als eerste hebben zij een enquete uitgezet om te achterhalen tegen welke praktische problemen blinden en slechtzienden aanlopen en in de lijst die verscheen viel hen iets op dat zij nooit hadden bedacht, verwacht en ik al evenmin. Het correct plaatsen van pannen op een gasfornuis.

Hier gaan zij dus nu aan werken. Het begin van een mogelijke oplossing. Ik kreeg van hen een mail met het verzoek mijn gasfornuis te fotograferen. Ter inventarisatie van hoe gasfornuizen er in de praktijk uit zien. Ik heb direct twee foto’s genomen en naar deze twee leerlingen gestuurd.

Het gasfornuis stond uit. Toch kreeg ik het warm van het lezen van de vraag, het maken van de foto’s, het versturen van de mail, het schrijven van deze blogpost.

foto 27

 

 


De verhalen van week 6 #blimageNL

september 6, 2015

Het is inmiddels zes weken na de start van de #blimageNL uitdagingen ook deze week zijn er weer vier nieuwe verhalen geschreven. De #blimageNL uitdaging is simpel: ontvang een foto en schrijf naar aanleiding hiervan jouw verhaal over onderwijs, daag vervolgens iemand die je kent uit met een nieuwe foto die je hem/haar stuurt. Het resultaat is verbijsterend, fantastische verhalen door bevlogen onderwijsmensen.

Hieronder een korte introductie van de nieuwste verhalen. Je kunt ze lezen voor wat zij zijn of wat zij met je doen. Laat de mensen die de verhalen geschreven hebben weten als ze je op een of andere manier geraakt hebben. Je kunt ze misschien ook gebruiken om inspiratie op te doen om zelf aan deze #blimageNL uitdaging mee te gaan doen (of iemand uit te dagen!). Zie hier voor de achtergrond en de ‘regels’. Veel leesplezier! Veel inspiratie!

Ms Mott, docent scheikunde, schreef het verhaal Resultaat, over het maken van plannen, het gebrek aan tijd, en dat het toch helpt, over groente en fruit en leerlingen, over gewenste uitkomsten en te volgen paden, over andere cijfers willen, over leren meten, over leerlingen die naar buiten lopen en weten.

Amber Walraven, lerarenopleider op de Radboud Docenten Academie, schreef het verhaal Supercell, over de storm aan het begin van een jaar, over leerlingen die het beter verwoorden dan docenten, over de geuren en kleuren die leraren in opleiding gaan ervaren, over het maken van keuzes terwijl iedereen je een andere kant lijkt op te sturen.

Frans Droog, docent biologie, schreef het verhaal Gasfornuis, over leerlingen die het verschil gaan maken, niet omdat zij het verschil willen maken, over leerlingen die iets doen, niet omdat het moet, over leerlingen die de wereld mooier maken, niet omdat iemand ze dit verteld, over leerlingen die gewoon de mensen zijn.

Sandra Verbruggen, initiatiefnemer United4Education, schreef het verhaal De Spin, over angsten en ze in de ogen kijken, over beslissingen nemen en onthouden, over de kracht van het verleden.

 


Korte introducties en links naar alle tot dusver verschenen verhalen zijn terug te vinden op De #blimageNL lijst.

En afsluitend weer een nieuwe afbeelding voor als je zelf de uitdaging ook aan wilt gaan. Je kunt je ook laten uitdagen door een van de afbeeldingen op het Pinterest #blimageNL bord, waar alle gebruikte afbeeldingen worden verzameld. Er is geen limiet aan hoe vaak een afbeelding mag worden gebruikt. Je mag natuurlijk ook je eigen afbeelding gebruiken.

 

Deze week kan ik niet anders dan onderstaande foto aanbieden. Ik kan hem alleen niet laten zien.

Zwart vlak 2015-09-06_0942

 

 

 

 

 


%d bloggers liken dit: