Nakijkwerk helpt leerlingen lesstof beheersen

november 27, 2016

Interview Bionieuws 19 door Steijn van Schie.

Leerlingen die het nakijkwerk van de docent overnemen? Biologiedocent Frans Droog doet het met een speciale nakijkcommissie. ‘Leerlingen komen boven de stof te staan.’

‘Cijfers geven werkt niet. Op het moment dat leerlingen hun cijfer krijgen, houdt het leren op en zijn ze de stof zowat direct vergeten. Zelfs wanneer ze hun toets terugkrijgen en de fouten nakijken, ligt de focus op het verhogen van het cijfer en niet op een beter begrip van de stof’, vertelt Frans Droog, biologiedocent aan het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek. ‘Ik ben daarom altijd op zoek naar andere manieren van toetsen.’

Het idee van een nakijkcommissie voor leerlingen van collegadocent Iris Driessen paste daarom precies in Droogs straatje. ‘Toen ik afgelopen zomer een tweet hierover van Iris voorbij zag komen, was ik direct geïnspireerd. Aangezien niet iedereen op Twitter zit, heb ik het idee uitgewerkt in een blog op mijn website in de hoop meer leraren te bereiken en aan het denken te zetten. En ik ben het natuurlijk meteen gaan doen met mijn eigen 4-vwo-klas.’

Nakijkcommissie
Het concept is simpel: leerlingen kijken elkaars toetsen na en geven feedback. ‘Het begint allemaal wanneer leerlingen de klas inkomen voor een toets waar ze allemaal voor hebben geleerd. Op dat moment kies ik zo’n vijf of zes leerlingen die de toets niet hoeven te maken, maar de nakijkcommissie vormen. Terwijl de anderen aan de slag gaan, maakt de commissie een nakijkmodel. Met andere woorden: ze moeten met elkaar tot overeenstemming komen wat de juiste antwoorden zijn, beslissen wanneer ze wel of niet iets goed rekenen, en bedenken of er nog alternatieve antwoorden mogelijk zijn. Op die manier bereiden ze zich voor op het echte nakijkwerk en denken ze op meta-niveau na over de leerstof.’

In een volgende les kijkt de nakijkcommissie alle toetsen na om vervolgens in een slotles de toets te bespreken. ‘Bij elk fout antwoord staat een toelichting van de commissie en krijgen de leerlingen de kans om met het boek erbij na te gaan of ze het eens zijn met het oordeel. Vervolgens kunnen ze klassikaal in discussie met de nakijkcommissie, waarbij ik mij als gespreksleider zoveel mogelijk op de achtergrond houd. Gedurende het jaar neemt iedereen uiteindelijk een keer deel aan de nakijkcommissie.’

Toetsmoment
Volgens Droog is het een briljante manier om lesstof effectiever te internaliseren. ‘De nakijkcommissie neemt haar taak bijzonder serieus; de leden willen het werk van hun medeleerlingen graag zo goed mogelijk beoordelen. Die krijgen er immers wel gewoon een cijfer voor. Bovendien zijn de leerlingen over een langere periode met de lesstof bezig: minstens drie lessen verspreidt over meerdere weken. Normaal gesproken is dat wel anders. Dan is er één toetsmoment en daarmee is de kous af. En de leerlingen leren dan doorgaans alleen voor het eindresultaat: het cijfer. Die focus op cijfers en waardering zit jammer genoeg ingebakken in het schoolsysteem en in onze maatschappij.’

Aangezien de leerlingen nog steeds een cijfer krijgen voor de toets valt het idee strikt genomen niet onder formatieve evaluatie, een toetsingsmethode waar geen cijfer aan te pas komt. ‘Alhoewel ik volledig formatief lesgeven ambieer, blijft dat lastig voor de bovenbouw’, zegt Droog. ‘Je zit als school toch vast aan de landelijke eisen van toetsing. Maar in de onderbouw zijn er veel meer mogelijkheden en probeer ik verschillende dingen uit.’

‘Een paar jaar geleden heb ik alle schoolboeken in de derde klas verbannen en ben ik fundamenteel anders les gaan geven’

Leerlingen hebben in de derde klas bij Droog inmiddels nauwelijks meer met cijfers te maken. ‘Een paar jaar geleden heb ik alle schoolboeken in de derde klas verbannen en ben ik fundamenteel anders les gaan geven. Ik probeer mijn leerlingen elke les een casus voor te leggen die grenst aan hun belevingswereld. Ze maken opdrachten die aan het einde van de les af moeten zijn en waar ze informatie over moeten opzoeken op internet. Terugvallen op lesstof uit een boek kan niet. Ondertussen kan ik live via Google Docs meekijken hoe het ze vergaat en of ze vragen hebben. Zo ja, dan kan ik naar de desbetreffende leerling toe om hem of haar te helpen. Ik doe bijna niets meer klassikaal. Pratende docenten vinden leerlingen maar niks.’

Toetsen doet Droog door korte digitale vragen voor te leggen, waar leerlingen niet voor hebben kunnen leren. ‘Op die manier zie ik snel en zonder consequentie voor de leerling hoe de voortgang is en waar de kennishiaten van de klas zitten, zowel op individueel als op klassikaal niveau. Daar pas ik dan mijn lessen en individuele aandacht op aan. Slechts een paar keer per jaar krijgen de leerlingen een cijfer, helaas op basis van een toets. Maar die worden doorgaans prima gemaakt, mede doordat ik precies weet hoe het ervoor staat met hun kennis en daarop inspeel. Zowel ouders als leerlingen zijn doorgaans tevreden over deze ietwat ongebruikelijke methode.’

In de bovenbouw blijft het voorlopig bij de nakijkcommissie, een methode die niet alleen voor leerlingen voordelig is. Droog: ‘Docenten hoeven minder tijd te besteden aan nakijken en kunnen een deel van die gewonnen tijd besteden aan leerlingen leren nakijken en feedback geven. Er ontstaat zo meer interactie tussen leerling en docent. Alle andere overgebleven tijd kan de docent besteden aan het verbeteren van zijn lessen of toetsen. Win-win-win dus.’

frans-droog-nakijkcommissie

Frans Droog vlak voor zijn vertrek naar het jaarlijkse Edubloggersdiner in Utrecht, waar de ongeveer vijftig bloggende Nederlandse docenten bij elkaar komen om ideeën uit te wisselen over onderwijs.


Tutorleren

november 20, 2016

Dalton uren VVV logo 2013-01-26_1045

Ik heb hier eerder over  geschreven: VVV-uren, Over verrassende VVV-uren, Leerlingen ruimte geven voor moois. Nu dus weer. Omdat ik dit alle leerlingen en leraren gun.

VVV-uren zijn: Verbetering of Verbreding of Verdieping.

VVV-uren zijn: niet standaard, niet elke leerling doet hetzelfde, geen gevulde vakken in een rooster of een lokaal.

VVV-uren zijn: leerzaam én leuk

VVV-uren zijn: vriendelijk, verrassend, vrolijk.

Vrijdag 4 november om 17.00 uur werd de inschrijving voor de VVV-uren van deze periode open gezet. Een vrijdagmiddag dus, het eind van een lesweek dus, het begin van een vrij weekend dus.

Van de 42 modules waar deze leerlingen uit konden kiezen zijn er 1o nieuw. Modules gemaakt door collega’s die meer kunnen dan vakken vullen en bereid zijn hun idee ook handen en voeten te geven.

Vrijdag 4 november om 17.01 uur waren er van de 42 beschikbare modules 17 vol.

Ik zat thuis en ik pinkte een traantje weg. (Jaja, overdreven en het zal wel maar het is gewoon waar.)

Een module waar ik in deze blog extra aandacht aan wil besteden is tutorleren. Leerlingen melden zich aan om andere leerlingen te helpen. Andere leerlingen melden zich aan omdat zij hulp zoeken. Zes weken lang gaan deze leerlingen elkaar een uur per week ontmoeten. En zij gaan leren.

Ik word er stil van.


Het woord speeddate zoemde door de school

november 16, 2016

Ooit heb ik hier geschreven over het inzetten van een speeddate bij het geven van presentaties. Speeddate je presentatie, mooi onderwijs? en speeddate je presentatie werkt! Je kunt een speeddate ook inzetten bij het leren voor een toets. In deze gastblog beschrijft Carla Upperman haar eerste ervaringen hier mee.
speeddate-digibord-rand-2016-11-16_0642Het was even schrikken voor de leerlingen, laatste les voor de toets, staan de tafels tegenover elkaar in plaats van naast elkaar! Zittend tegenover elkaar lezen ze op het bord het woord speeddate. Was da?

Het idee van een speeddate heb ik van een tweet en blog van Henk ter Haar. ‘De focus van de leerlingen ligt bij de toets en niet bij nieuwe dingen’, was een van de zinnen in de blog van Henk die ik herkende. Evenals, ‘de meerwaarde moet zitten in het samen leren’ . Een van de voordelen van school, je hebt altijd medeleerlingen bij de hand waar je uitleg aan kunt vragen. Dit kun je als docent ook bewust benutten tijdens de lessen.

Goed voorbeeld doet goed volgen. Ik heb de onderwerpen voor de komende biologie toets in een powerpoint gezet en steeds dezelfde opdracht bij de verschillende onderwerpen gezet. De opdracht was: “Praat met elkaar HOE je hebt geleerd over het onderwerp, over WAT je precies hebt geleerd en bespreek eventuele vragen/moeilijkheden betreffende het onderwerp met elkaar.”

De 30 leerlingen van v4 gaan tegenover elkaar zitten, lezen de uitleg van het speeddaten, lezen het eerste onderwerp en beginnen met elkaar te praten. Na 5 minuten gaat er een bel en schuiven de leerlingen door naar een andere tafel. Om het overzichtelijk te houden schuiven alleen de leerlingen zittend aan de rechterkant door. Als ze bij de volgende tafel zitten komt het volgende onderwerp op het bord en komen de gesprekken weer op gang.

Het is onwennig, vooral omdat leerlingen met leerlingen komen te zitten waar ze niet vaak mee praten. En het verschilt nogal met wie ze aan tafel zitten qua kennis en voorbereiding. Zo heeft een leerling een geweldige samenvatting gemaakt en voor ze het weet komen leerlingen hier een foto van maken. Dat is handig delen! De vraag HOE ze hebben geleerd blijkt niet zomaar aan de ander uit te leggen. Tja, hoe leer je? “Nou gewoon uit het boek”. En ook WAT er nu geleerd is komt niet gemakkelijk over tafel. Mijn rol als docent is anders, luisteren en alleen mee bemoeien als er een stilte valt of als er vragen zijn.

De les bij v5 met 16 leerlingen en 2 uur later zag er al anders uit. Ik had de powerpoint voorzien van plaatjes om zo het onderwerp aansprekender te maken. Door over het plaatje te praten werd er makkelijker gepraat over ‘WAT heb ik eigenlijk geleerd, klopt dit met wat ik zie op het plaatje?’ Naast tussendoor, heb ik aan het eind van de les ook nog vragen beantwoord waar de leerlingen niet uitkwamen. Daarnaast had ik minder onderwerpen want na 5x wisselen is het wel mooi geweest en zijn de leerlingen er wel klaar mee.

Bij beide groepen is er werk aan de winkel, we moeten aan de slag met de vragen: ‘HOE leer ik?’ en ‘WAT leer ik dan?’

Hoe we dit gaan aanpakken en de rol van een speeddate in mijn lessen komt in een volgend blog.


Formatief toetsen is hot

november 15, 2016

hot-pepper-wallpaper-08853

Formatief toetsen is op het ogenblik in het onderwijs net zo hot als ‘differentiëren’ en ‘gepersonaliseerd leren’. Het wordt vaak genoemd als onderdeel van de weg daar naar toe. Formatief toetsen is daarmee ook een term die gekaapt dreigt te worden. Er is belangstelling voor, er is een behoefte aan, dus wordt de formatieve toets sticker steeds gemakkelijker geplakt. Formatieve toetsen zijn te waardevol voor echt leren om dit zomaar te laten gebeuren.

Daarom hier wat formatieve toetsen, of liever formatieve assessments, vooral wel doen en wat zij vooral niet doen.

formatieve-assessments-2016-11-15_2053

Bron: ncte.org (via Bas Trimbos)

 

 

 


Meer leren MET mobieltjes

oktober 30, 2016

meer-leren-met-mobieltjes-unknown

Leerlingen nemen vrijwillig iets mee naar de klas, iets waarmee ze kunnen leren. Het staat niet op de boekenlijst of op de lijst van ‘verplicht-elke-dag-bij-je-te-hebben’ items, zoals een geodriehoek, een HB potlood, een rekenmachine. En toch, ze vergeten het bijna nooit! Hun ‘mobieltje’. Hun manier om te communiceren.

Prachtig toch!

Technologie in het onderwijs is onontkoombaar. Het is  de taak van de docent zich te bekwamen in het gebruiken van technologie, niet óm de technologie, maar om het te kunnen inzetten om te communiceren en informeren. Het is de taak van scholen om hiervoor tijd en ruimte beschikbaar te stellen, als een investering, niet als iets ‘ten koste van’.

Wat is er aan de kant van de docent voor technologische kennis nodig om het gebruik van mobieltjes in zijn klas toe te staan? NIETS!

Toestaan van mobieltjes is dus een prima start voor het gebruiken van technologie in de klas. Wanneer mobieltjes bewust worden ingezet kunnen leerlingen leren buiten de muren van de school. Het leren kan daarmee ook dieper worden, verder gaan dan feiten en het boek.

1. Accepteer en activeer direct onderzoek

Het creëren van een omgeving waarin vragen stellen en antwoorden zoeken de sleutels zijn tot leren vereist durf en vertrouwen en kost tijd. Aan de andere kant brengt het aanbieden van alle vragen en alle antwoorden via een methode het risico met zich mee dat de natuurlijke nieuwsgierigheid die leerlingen bezitten wordt verbannen tot een niet-schoolse activiteit. Wanneer een leerling in het bezit is van een apparaat dat hem in staat stelt het antwoord te vinden op een vraag die hem op dat moment te binnen schiet, waarom hem dit antwoord niet laten zoeken en vinden? Zeker als dit kan leiden tot meer en andere en betere vragen, ofwel dieper leren? Waarom dit proces niet versterken door geen antwoord te geven op vragen maar wel te sturen op het zoeken?

2. Help organiseren en samenwerken

Als leraren gebruiken wij, als volwassenen, mobieltjes om ons te verbinden met onze collega’s, binnen de school of daarbuiten, via mail, whatsapp (ik zit zelf in negen WhatsApp groepen over onderwijs) of anders. Deze vorm van samenwerken werkt en er is geen reden om dit onze leerlingen te onthouden. Sterker nog, WhatsApp groepen met leerlingen kunnen leren versterken, met name door de snelheid waarmee informatie kan worden gedeeld.

3. Laat directe feedback zorgen voor betrokkenheid

Kijk eens terug naar de laatste onderwijs conferentie waar je bent geweest, of de laatste studiemiddag op jouw school. Is het je opgevallen dat veel van de aanwezigen naar hun mobieltje kijken en niet naar de man of vrouw vooraan in de zaal of het lokaal? Doe je dit zelf ook? Wat zou er gebeuren wanneer je, als je aan de voorkant staat van die zaal of dat lokaal, vragen zou gaan stellen die via die mobieltjes te beantwoorden zijn? Zouden ogen gericht op mobieltjes, of verplicht starend in de ruimte, ogen kunnen worden die leren laten zien?

4. Documenteer leren en denken op het moment dat het gebeurt.

Het gebeurt mij vaak dat mijn beste, mooiste, waardevolste gedachten in mij opkomen terwijl ik bij de bakker mijn brood bestel, bij de groenteboer mijn groenten of op de weg daar naartoe of ervan terug. Of vaker nog, tijdens mijn wandelingen, met of zonder mijn viervoeters. Ik ben dan blij met mijn mobiel en typ of spreek daarin wat er op dat moment in mijn hoofd zit. Gedachten laten zich niet dwingen door vakken, uren, lokalen. Mobieltjes maken het mogelijk gedachten te vangen die niet direct op de plaats waar zij ontstaan hun vruchten gaan afwerpen. Foto’s kun je maken waar je bent, wanneer je daar bent. Zijn leerlingen op een excursie? Laat ze actief en bewust hun mobiel gebruiken. Laat ze hun data delen als bron voor discussie, digitaal of in het lokaal.

5. Samengevat.

Het is totaal onbekend wat de technologie gaat zijn die onze leerlingen in de toekomst gaan gebruiken. Het is onze verantwoording om hen te leren omgaan met wat nu beschikbaar is, als bouwblokken voor de uitdagingen die hen en ons te wachten staan.

Bron:

https://www.edsurge.com/news/2016-08-07-5-ways-teachers-can-encourage-deeper-learning-with-personal-devices


edcamps zijn als live concerten

oktober 30, 2016

Je moet erbij geweest zijn.

edcampbe-tz1dac6a

Op zaterdag 22 oktober was het 3e edcampBE. Ik was daarbij en heb genoten. Ergens op twitter kwam gedurende de dag de vraag langs of er ook een livestream was. Die was er niet. Hij had er kunnen zijn, maar dan nog had je iets gemist. Het echte goud is het aanwezig zijn terwijl het gebeurt. De energie is niet volledig te vangen als je niet zelf onderdeel bent van de bron. Een edcamp is als een live concert. De muziek klinkt op dat moment, in die omgeving, anders, intenser. Zij komt binnen op een unieke manier die zowel rijk als onnavolgbaar is. Natuurlijk kan niet iedereen er altijd bij zijn, op een zaterdag. Maar evenzo natuurlijk kan niet iedereen er nooit bij zijn, op een zaterdag.

Rond half acht vertrok ik naar Sint-Niklaas, naar de Broederschool Humaniora, wat een prachtige lokatie bleek te zijn. Ik schudde de hand van Esbjorn en Bram, de zeer relaxt ogende organisatoren, die zich achter de schermen danig druk hadden gemaakt om alles tot in de puntjes te regelen, voor zover een edcamp dat toestaat. Ik kreeg koffie en kon kiezen uit verschillende koekjes en wat ik herkende als Limburgse ‘toert’. Tijdens de lunch was er zelfgemaakte soep, super belegde broodjes en in de middag nog als verrassing mattentaart.

‘Is dat niet ver rijden?’, vroeg een collega mij maandag op school, toen ik enthousiast vertelde over mijn weekend en dus deze dag. ‘Nee,’ was mijn directe antwoord, ‘binnen Nederland rijd ik menigmaal verder om te kunnen leren’.

edcampbe-humaniora-school-img_4264

Na de introductie door Esbjorn schreven alle aanwezigen op een post-it wat zij zouden willen delen en vervolgens gaven zij aan waar zij zelf naar zouden willen luisteren. Dit resulteerde in 12 sessies, met steeds de keuze uit twee. Het pijnlijkste moment voor velen bleek, het was allemaal zo interessant!

edcampbe-sessies-img_20161022_121434

Ik heb gekozen voor:

Toen was er pauze en deze vraag aan mij:

“Is Uw achternaam werkelijk Droog? Het zou zomaar een goed gekozen artiestennaam kunnen zijn.”

Tijdens de pauze was er naast het fantastische voedsel ook ruimte voor het voedzame gesprek. En dat was er. In tweetallen, drietallen, per tafel, per vak, per interesse, per fect.

Na de pauze heb ik gekozen voor:

  • Liesbeth, die ons een contract liet tekenen, zoals zij haar leerlingen laat doen, over via welk pad wij het rekenen zouden gaan leren. Een mooie methode met vele mogelijkheden, een bekend fenomeen in België, volgens mij zeer bruikbaar ook in Nederland.
  • Jelle, die ons de tool LoQuiz liet ervaren door ons daar buiten mee aan de slag te laten gaan. Leerlingen zien vragen pas op het moment dat zij op de juiste lokatie zijn aangekomen. Perfect voor excursies!
  • de vrouw wiens naam ik nu even niet kan terugvinden en wiens naam er ook niet wezenlijk toe doet maar die ik toch graag zou vermelden omdat ik zo onder de indruk was van haar zijn, die met ons haar reis deelde als directeur van twee scholen op hun pad van een ‘slechte’ school naar een ‘goede’ school en het belang van gedeelde verantwoordelijkheid, saamhorigheid, bereidheid tot verandering, keiharde keuze’s maken en uitvoeren als bezienswaardigheden liet voelen.

Wil je meer lezen over edcampBE#3 dan kun je terecht bij de blog van Jörgen, die voor het grootste deel andere sessies heeft bijgewoond dan ik en zijn ervaringen heeft beschreven. Je kunt ook kijken op de facebook pagina van edcampBE. Er gaat een vierde edcampBE komen en ik zou niet weten waarom je daar niet bij zou willen zijn. Je kunt zelf aangeven wat jouw voorkeur heeft met betrekking tot lokatie en moment. Als het maar enigszins kan ga ik erbij zijn. Ik hou van live muziek en van live leren.

Er gaat ook in Nederland weer een edcampNL komen. Ik ga die samen met Patricia van Slobbe, (En mogelijk anderen? Wil jij mee helpen? Laat het ons weten), organiseren. Het staat hier nu, dus het zal zo gaan zijn. De plaats zal Amsterdam zijn. De exacte lokatie en datum volgen spoedig. Ga jij erbij zijn?

edcampNL logo spot 2013-08-10_1926


Leren voeden via FeedUp FeedBack FeedForward

oktober 30, 2016

feedback-unknown

Afgelopen donderdag was ik op bezoek bij Jörgen van Remoortere. Niet bij hem thuis, maar op zijn school, het Visser ’t Hooft Lyceum in Leiderdorp. Jörgen had daar een activiteit georganiseerd binnen het ‘regie over je eigen professionalisering’ platform The Crowd. Het onderwerp was het organiseren van feedback, voor Jörgen een onderdeel van zijn zoektocht naar hoe effectief cijferloos les te geven. Voor de andere aanwezigen vooral een middel om effectiever les te geven. De directeur van de school van Jörgen was ook aanwezig. Zij gaf tijdens de voorstelronde aan graag live mee te maken hoe zo’n activiteit van The Crowd nu zou verlopen. Na afloop gaf zij aan onder de indruk te zijn van de betrokkenheid van de aanwezigen en graag deelnemer te worden. Tussendoor gaf zij aan hoe zeer zij de persoon Jörgen als leraar waardeert en dat zij mede daarom hem de ruimte geeft zijn ‘experiment’ met cijferloos lesgeven uit te voeren. De aanwezigen waren leraren uit PO, VO en MBO.

Dat feedback een van meest krachtige gereedschappen is in de gereedschapskist van de leraar beschouw ik hier verder als een gegeven. Een andere keer misschien daarover weer meer. Dat het zo is is zo.

De eerste dia van de middag/avond was de volgende. Hij zou de enige zijn, maar gaandeweg de levende discussie en interactie kwamen er toch ook andere even langs. Die beelden waren niet alleen van Jörgen, ook Rhea en Sacha deelden. Het was een mooie live of levende les.

feedbackschema

Origineel: Dylan William. Vertaling: Bas Trimbos

Ik werd mij er tijdens deze bijeenkomst (weer eens) van bewust dat ik in mijn eigen lesgeven nauwelijks iets doe met het expliciet gebruiken van leerdoelen, terwijl zij impliciet sterk aanwezig zijn in het ontwerp en het uitvoeren van mijn lessen. Jörgen gaf aan dat begrip van leerdoelen bij leerlingen essentieel is voor effectieve feedback. Hij liet zien waardoor en hoe hij dit invult en dat het werkt met hem, zijn vak en zijn leerlingen. Toch twijfel ik zelf nog. En dat ervaar ik als goed. Twijfel kan leiden tot verbetering. Ik denk er dus nu over na. Ga ik leerdoelen meer delen met leerlingen? Zo ja, hoe?

We hebben gesproken over de manieren waarop feedback kan worden gegeven en hoe leerlingen hier zoveel mogelijk zelf bij te betrekken. Hoewel bij feedback de persoonlijke interactie een belangrijke factor is kunnen digitale tools wel degelijk ondersteunend zijn, met name in het creëren van tijd en ruimte voor de leraar om wel aan die persoonlijke interactie toe te komen. Feedback hoeft niet continu fysiek te zijn wanneer de relatie tussen leraar en leerling gevormd, wederzijds, open en echt is. Er zijn tijdens de bijeenkomst verschillende tools langsgekomen die op verschillende wijzen kunnen bijdragen aan het gericht testen van aanwezige kennis en vaardigheden om daar als leraar gericht feedback te kunnen geven. Korte testjes kunnen leerlingen en leraar laten zien waar zij staan. Dit kan bijvoorbeeld via SocrativeKahootPlickers, QuizizEdmodoNearpod, Edpuzzle, GoFormative, peerScholar. Aan snelle hulpmiddelen hiervoor is duidelijk geen gebrek. De keuze hieruit is aan de leraar, wat past het beste bij hem, zijn vak, zijn leerlingen, zijn mogelijkheden? Korte formatieve testjes hoeven natuurlijk niet digitaal. Naast papier zijn wisbordjes een prima alternatief. Ter plekke werd even opgezocht dat witbordjes inderdaad niet meer dan een euro per stuk hoeven te kosten.

Een video die werd genoemd als bron om de waarde van goede feedback en de manier waarop deze gegeven kan worden en aangeleerd kan worden aan leerlingen is de volgende en deze kan in dit verslagje niet ontbreken: ‘Austin’s butterfly’.

Een video van een paar minuten. Kun je zo in de klas of aan je collega’s laten zien. Maakt veel woorden overbodig.

Ik heb ook een boek besteld dat werd genoemd. 10 ways to go gradeless in a traditional grades school.

Bij het laatste rondje werd alle aanwezigen gevraagd of de bijeenkomst had voldaan aan hun verwachtingen en wensen en wat zij hadden geleerd of gaan meenemen. Binnen de variatie in de antwoorden waren er duidelijke constanten. De tijd was te kort om aan feedforward toe te komen en de inbreng van de leerling hierin vorm te geven. De positieve energie was onbeschrijfelijk, de betrokkenheid evenzeer, de waarde onmeetbaar. We willen verder en dus een vervolgbijeenkomst. Die zal er zeker gaan komen. Ik ga er weer bij zijn. Bedankt Jörgen!

Twee van de andere aanwezigen hebben ook over hun ervaringen geschreven en deze zijn hier en hier terug te lezen. Even doen, om van vier kanten te kunnen kijken.

feedback-2-images


%d bloggers op de volgende wijze: