Twaalf fouten bij het gebruiken van flipping the classroom

februari 9, 2016

Een lijst van twaalf tweets van Jon Bergman, een van de pioniers van flipping the classroom, over waar het fout kan gaan. De lijst is gebaseerd op zijn reizen rond de wereld waarbij hij flipping the classroom onder de aandacht brengt en ervaart waar de succesfactoren en de valkuilen liggen.

Flip-Your-Classroom-Cover-300x463

 

Dit is zijn lijst van twaalf fouten in de uitvoering van het eenvoudige principe: meer effectieve tijd in het klaslokaal.

1. De video’s zijn te lang.

2. Docenten voegen video’s toe aan huiswerk in plaats van deze vervangend te laten zijn.

3. Docenten leggen uit wanneer leerlingen de video’s niet bekijken. Red geen leerlingen die weigeren te kijken.

4. Docenten zijn niet actief in het klaslokaal.

5. De toegang tot de video’s is te gecompliceerd voor de leerlingen.

6. Docenten bereiden zich onvoldoende voor op leerlingen die niet alles begrijpen uit de video’s. Niet alle leerlingen kunnen de informatie uit de video’s volledig tot zich nemen.

7. De video’s zijn niet interactief.

8. Docenten gebruiken de video’s van anderen. Goed lesgeven gaat over relaties. Leerlingen vinden jouw video’s leuker.

9. Docenten leggen niet uit HOE de leerlingen de video’s moeten bekijken of er op reageren.

10. Docenten communiceren te weinig met belangrijke andere partijen: ouders, schoolleiding, leerlingen.

11. Docenten geven te gemakkelijk op.

12. Docenten maken de tijd in het klaslokaal onvoldoende interactief, interessant, betekenisvol.


Edmodo, nu ook quizzen delen!

augustus 9, 2015

edmodo logo kleinEdmodo is een gratis online leeromgeving waarin het heel gemakkelijk is om klassen aan te maken, met leerlingen informatie te delen, opdrachten te geven, quizzen of toetsen af te nemen. Het wordt wel het Facebook van het onderwijs genoemd en kent inmiddels ruim 50 miljoen gebruikers. Ik heb eerder uitgebreid over Edmodo geschreven: “Edmodo, wat het is en dat het werkt.

Afgelopen woensdag was de jaarlijkse online Edmodocon conferentie en, naast allerlei effectieve en creatieve manieren waarop Edmodo kan worden ingezet, werd daar door Vibhu Mittal, CEO of Edmodo, ingegaan op de veranderingen die gaan komen in de nieuwste versie. Deze veranderingen zijn grotendeels op verzoek van gebruikers doorgevoerd. En één ervan was zeker op veler verzoek.

De belangrijkste veranderingen zijn dat er emojis beschikbaar komen om bij berichten te plaatsen (😄), dat er pins komen om belangrijke berichten boven aan de timeline te kunnen vastzetten (👍) en dat er subfolders komen om organisatie van alle gedeelde informaties te vergemakkelijken (✅).

De allerbelangrijkste, en meest aangevraagde, verandering is echter dat quizzen gedeeld kunnen gaan worden! (😄👍✅).

Ik gebruik Edmodo zelf veel voor korte formatieve quizzen, om feedback te kunnen geven, en ook voor toetsen. Graag zouden mijn collega’s en ik deze quizzen en toetsen willen delen, maar dat was tot dusver nog niet mogelijk. We hebben voor komend jaar een aantal mogelijkheden bekeken om dit via omwegen wel voor elkaar te krijgen maar deze hadden allen de nodige nadelen. Wij zijn dus heel blij dat deze mogelijkheid tot het delen van quizzen, testen en toetsen er gaat komen! Een exacte datum weet ik nog niet maar ik hoop dat de nieuwe versie van Edmodo er snel gaat komen.

 


6 mythes over Flipping the Classroom

juli 9, 2015

Wat is Flipping the Classroom? Of zo je wilt: wat is Flip de Klas?

Regelmatig geef ik workshops over Flipping the Classroom en nog veel regelmatiger spreek ik erover met allerlei collega’s. De hype die het misschien leek te zijn is mogelijk voorbij, maar tegelijkertijd wordt het steeds meer geassimileerd en opgenomen als onderdeel van het onderwijs zoals veel docenten dat geven. De aandacht is misschien minder, de impact zeker meer.

Het beeld dat bij velen nog bestaat is de Flipping the Classroom gaat over video’s om lessen aan leerlingen aan te bieden. Een technologische visie. Het gaat echter om het actief leren in de klas te vergroten, om zo inzicht en kritisch denken te vergroten. Het is een pedagogisch instrument.

Om dit beeld te verduidelijken hieronder een zestal mythes over Flipping the Classroom. Met een aantal toelichtingen en tips gebaseerd op tot dusver gedaan onderzoek, gesprekken met ‘flippers’ en eigen ervaringen.

Mythe 1: Flipping the Classroom betekent video’s.
Een van de meest gebruikte manieren van het toepassen van  Flipping the Classroom bestaat uit het aanbieden van video’s die leerlingen thuis kunnen (moeten?) bekijken zodat de tijd in de klas effectiever gebruikt kan worden voor actief leren. Met dit basis model is niets mis en het is zeker het model dat omarmd wordt door de mensen die hun brood verdienen met onderwijs technologie.

De reden om Flipping the Classroom toe te passen is niet de technologie die deze verandering van het aanbieden van inhoud mogelijk maakt. De werkelijk onderliggende reden om Flipping the Classroom toe te passen is dat het hiermee mogelijk wordt om aandacht te besteden aan belangrijke elementen van leren in de klas: toepassen, samenwerken, kritisch reflecteren. Video’s die er voor zorgen dat deze tijd in de klas vrijkomt maken dit mogelijk. Maar een goed tekstboek met goede instructies van een goede docent doet dit ook.

Mythe 2: Flipping the Classroom gaat over gepersonaliseerd leren.
Regelmatig wordt de mogelijkheid tot gepersonaliseerd leren genoemd als doel van Flipping the Classroom. En het is zeker mogelijk wanneer informatie op video wordt aangeboden dat leerlingen deze op hun eigen snelheid bekijken, herhalen waar nodig, of overslaan waar niet nodig. Kom daar maar eens om bij een docent die directe instructie geeft in de klas. “Kunt U dit nog een keer herhalen?” “Kunt U wat langzamer praten?” “Wilt U even stoppen, ik moet naar de WC?”
Wanneer leerlingen naar de klas komen kunnen zij hun ‘traditionele’ huiswerk maken, terwijl de docent aanwezig is en rondloopt. Elke leerling kan op elke moment aan iets anders werken en elke leerling kan verschillende soorten feedback krijgen van de docent. Dit op zichzelf is al een groot voordeel voor veel klassen en veel leerlingen.

Veel docenten die deze eenvoudige manier van Flipping the Classroom, ook wel Flip 1.0 genoemd, gebruiken ontdekken dat zij nog veel meer met de vrijgekomen tijd in de klas kunnen doen. Zij zien de deur die geopend is naar andere pedagogische strategieën, dit kunnen bijvoorbeeld zijn peer-instructie, probleem-gestuurd leren constructivistisch leren,  activiteiten gericht op samenwerken, die allen gericht zijn en behulpzaam zijn bij het ontwikkelen van hoger-niveau denken en redeneren en hiermee voedingsbodem voor dieper en meer beklijvend leren.  De technologie wordt van doel hulpmiddel. Pedagogiek wordt de bestuurder, technologie de versneller.

Mythe 3: Flipping the Classroom maakt leren efficiënter.
Gepersonaliseerd en adaptief leren klinken alsof zij leren efficiënter maken. Elke leerling kan op eigen tempo verder als hij een concept begrijpt. Alsof een machine wordt geprogrammeerd om steeds meer te kunnen.

Maar echt leren, ‘diep’ leren, is zelden zo rechtlijnig en evident. De echte wereld is dat eveneens zelden of nooit.

Onderwijs zou er niet alleen op gericht moeten zijn het onbekende bekend te maken, het zou er ook gericht op moeten zijn onbekendheid een gewoonte te laten worden. Onderwijs zou leerlingen er ook op moeten voorbereiden vragen te beantwoorden die niet eerder gesteld zijn. Op school dienen leerlingen hiervoor dus al blootgesteld te worden aan onduidelijkheden en geholpen te worden zich hier doorheen te werken.

De tijd in de klas die door Flipping the Classroom wordt vrijgemaakt kan gebruikt worden om te leren omgaan met de ruis in de wereld. Goed uitgevoerd kan Flipping the Classroom bijdragen aan het nadenken over en beantwoorden van vragen die niet in het curriculum staan, door aan de slag te gaan met de methode die hiervoor nodig zijn. Kan de wetenschap iets zeggen over de crisis in Griekenland? Wat is de werkelijke waarde van geld? Waarom is muziek wel zo gemakkelijk te onthouden?

Mythe 4: Flipping the Classroom is een verandering van technologie, niet van pedagogie.
Flipping the Classroom kan in zijn eenvoudigste vorm een simpele verandering in technologie zijn. Een verandering in de manier waarop de leerling informatie wordt aangeboden. Maar dat zou alleen het begin moeten zijn. Het gaat niet om de techniek en techniek zou het implementeren ook nooit mogen belemmeren. Het gaat om de pedagogiek. Inhoud en de manier waarop deze inhoud wordt aangeboden zijn niet langer centraal in de klas. Leerlingen en hoe zij werken komen centraal te staan. Dat is waar de werkelijke Flip plaatsvindt. Dit kan zonder enige vorm van technologie. Technologie maakt het slechts mogelijk makkelijker tijd vrij te maken in de klas om deze verandering daadwerkelijk vorm te geven.

Mythe 5: Flipping the Classroom vereist internet verbinding thuis.
Vaak kan worden volstaan met een boek of een zelfgeschreven hand-out om de benodigde informatie aan leerlingen aan te bieden, zoals bij mythe 1 al aangeduid. Maar zelfs wanneer een video voordelen heeft, zoals bij bewegende beelden, animaties, commentaar stem, zijn er andere mogelijkheden dan internet. De informatie kan ook op DVD of een USB-stick  worden gezet. Hiernaast kunnen scholen er voor zorgen dat er voldoende toegang is tot computers op school, tijdens of na de reguliere schooltijden.

Mythe 6: Flipping the Classroom kent één vorm.
Er zijn vele manieren om Flipping the Classroom toe te passen. Een centraal aspect is om zowel leerlingen als docenten meer vrijheid te geven. Laat je als docent daarom niet weerhouden door de techniek en hou het doel dat je hebt voor je leerlingen, en de doelen die zij zelf hebben, voor ogen. Gebruik de tijd in de klas om leerlingen te helpen jouw en hun doelen te bereiken op een manier die bij jullie past. Laat het boek zijn werk doen, of maak toch een video of gebruik er een die beschikbaar is op het internet.

Bron: 6 Myths About Flipping the Classroom, Kriss Schaffer, Edutopia 


Het gaat niet om ICT, het gaat om D

april 29, 2015

Keep calm and flip your class

Alweer een aantal jaar maak ik bij mijn lesgeven gebruikt van Flipping the Classroom, ofwel Flip de Klas. Leerlingen krijgen de informatie voorafgaand aan de les aangeboden via een video of een animatie of een te bestuderen bron. Vervolgens hebben we in de les meer tijd voor vragen, verdieping, interacties.

Regelmatig geef ik workshops over hoe dit voor mij in de praktijk werkt.

Regelmatig krijg ik tijdens deze workshops vragen. En sommige vragen komen regelmatig terug.

Lang daarvoor al maakte ik en nog steeds maak ik bij mijn lesgeven gebruik van de T die hoort achter IC. De vorm van die T is in die tijd veranderd. Van rekenmachine naar PC, van ‘op de computer’ naar online, van vast naar mobiel. Van krijtbord naar overheadprojector naar whitebord naar digibord.

Regelmatig geef ik workshops over hoe dit voor mij in de praktijk werkt.

Regelmatig krijg ik tijdens deze workshops vragen. En sommige vragen komen regelmatig terug.

De I is in die tijd langzaam veranderd voor mijn vak. En daar wil ik op kunnen inspelen. De C is ook veranderd, door die veranderde T heb ik meer mogelijkheden tot C. En hebben dus ook mijn leerlingen meer mogelijkheden. En dus gebruik ik de T, voor betere C, met als doel diepere en meer beklijvende I bij mijn leerlingen. En als doel mijn leerlingen de vaardigheid bij te brengen zelf T en C meer en meer te kunnen gaan gebruiken voor hun I. Op  de school waar ze nu zitten, op de school waar ze hierna naar toe gaan, maar vooral op de plaatsen waar ze vervolgens naar toe gaan.

Eén van de vragen die ik regelmatig krijg is:

hoe weet je dat leerlingen die video’s wel kijken?

En de oplossing hiervoor heeft niets met T te maken, maar is wel met T op te lossen.

De vraag zou in het pre-T tijdperk als volgt geformuleerd zijn: hoe weet je dat leerlingen opletten?

En de oplossing hiervoor heeft niets met pre-T te maken, maar is wel met pre-T op te lossen.

Het antwoord is gebruik maken van D.

Het antwoord is in beide gevallen hetzelfde:

door vragen te stellen!

Tegenwoordig kun je die vragen stellen met behulp van T. Zodat je de antwoorden zelf ook hebt vóór de les.

Dit kan bijvoorbeeld in onderstaande vorm, die een van mijn standaarden is, maar die natuurlijk vele varianten kent.

Lever op de dag vóór de les digitaal het antwoord in op de volgende vragen:

– Noem drie begrippen uit de video die je al kende, en geef de betekenis van deze begrippen

– Noem drie begrippen uit de video die je nieuw geleerd hebt, en geeft de betekenis van deze begrippen

– Noem drie begrippen uit de video waar je meer over zou willen leren

Een andere vorm die ik standaard gebruik bij het inleveren van digitale opdrachten is de volgende:

Geef bij het inleveren van deze opdracht aan of je:

A. Alles begrepen hebt

B. Nog vragen hebt. Zo ja, voeg deze toe.

En de antwoorden op deze vragen kan ik als docent gebruiken om de inhoud van mijn les (mede) te bepalen. En als ik wil kan ik zien wie wel en niet naar de video of animatie of bron gekeken heeft. Maar na een tijdje blijkt dit niet meer nodig.

Het gaat niet om de ICT. Het gaat niet om de T.

Het gaat om de D.

Het gaat niet om de video.

Het gaat om de didactiek.


Dit ga ik morgen doen!

maart 18, 2014

Exit Tickets IMG_3536-xkjm0r …. zou een serie kunnen worden…..

Tijdens mijn “boekloze biologie” lessen met klas 3 maak ik afwisselend gebruik van verschillende typen basis activiteiten die leerlingen stimuleren tot leren tijdens de les. En daardoor minder vóór de toets. En daardoor minder voor de toets.

Dat gaan we morgen weer doen, omdat ik het elke dag een beetje beter wil doen. Omdat ik wil dat mijn leerlingen het elke dag een beetje beter doen.

Morgen gaat dat gebeuren door een paar minuten te besteden aan een formatieve toets test.

De basis activiteit die we morgen gaan doen is “luisteren en kijken naar de docent die iets uitlegt”. Dit gebeurt live, aan de hand van een aantal bronnen, die in dit geval in een SMART Notebook file zijn verzameld, dus niet aan de hand van een vooraf bedachte tekst of een lesplan waar van minuut tot minuut is aangegeven wat de docent doet met welk doel en wat de leerlingen doen met welk doel.

De leerlingen hebben geen boek en maken geen opdrachten. De leerlingen kijken dus ook geen opdrachten na met behulp van een “antwoorden”boek.
De leerlingen luisteren, maken aantekeningen, stellen vragen. Er worden vragen aan de leerlingen gesteld, random, zonder vingers op te steken. Dat is immers verboden!

De leerlingen letten op, want ze hebben geen boek om uit te gaan leren vóór de toets.
De leerlingen letten op, want het is live en de docent weet waar hij het over heeft.
De leerlingen letten op, want vragen stellen mag en gebeurt steeds tussendoor, zowel door de leerlingen als door de docent.
De leerlingen letten op, want de stof is best wel interessant :)

Blogpost poll.mobieltjes.uitslag.425De leerlingen krijgen na afloop de bronnen maar moeten tijdens de les het live gedeelte zien te vangen, op een manier die voor hen werkt. Ze krijgen de plaatjes maar de niet de praatjes.

Tot zover nog niet zo heel veel bijzonders.

Maar dan, aan het eind van de les, dan komen de mobieltjes tevoorschijn!
Er zijn ook een aantal laptops beschikbaar en een aantal chromebooks.

De leerlingen gaat naar m.socrative.com, melden zich aan in de juiste ‘room’ en beantwoorden daar een viertal vragen.

  1. Wat is je naam?
  2. Hoe goed heb je de lesstof begrepen? Een multiple choice vraag.
  3. Wat heb je geleerd hebben tijdens deze les? Een korte geschreven respons.
  4. Wat is het antwoord op de vraag die op het bord staat? Er staat dus een vraag op het bord, deze vraag is vooraf goed doordacht en zoveel mogelijk gericht op het testen van het begrip.

De leerlingen zijn dan klaar en verlaten het lokaal.
De docent stuurt de resultaten van de test, als een handig excel file, naar zichzelf via de email.

Op deze snelle, eenvoudige manier is er een schat aan belangrijke informatie verzameld, waarmee de docent iets kan.
Dat komt omdat de docent nu iets weet, wat hij anders mogelijk alleen maar zou vermoeden.

De docent weet:
– wat de leerlingen geleerd hebben en in hoeverre ze het begrepen hebben.
– waar eventuele moeilijkheden of problemen nog zitten
– dit voor het gemiddelde van de klas
– maar hij weet het ook voor een individuele leerling
– of er verschillen zijn tussen parallel klassen (door de gestelde vragen of de kwaliteit van het live optreden of gewoon omdat ze er zijn)

De docent kan:
– terugkomen op onderdelen die slecht zijn begrepen
– zijn lessen aanpassen voor een volgende groep
– individuele leerlingen gericht(er) ondersteunen
– zijn lesgeven verbeteren (elke dag een klein beetje beter)

Het heet een Exit Ticket en dit is een video van de Socrative versie ervan:

Exit Tickets 2.0 from Socrative Inc. on Vimeo.

Dit is wat ik morgen ga doen. En jij?


Leerlijstjes, niet alleen voor het eind van het jaar

december 24, 2013

Top10top-50-imageTopOne_resizeLangzamerhand is het een echte traditie om aan het eind van het jaar lijstjes te maken. Wat was er allemaal het beste in het afgelopen jaar, of de afgelopen jaren, in of andere categorie. De top 2000 liedjes, de beste sporters, de beste apps.

Een lijstje dat ik overigens zelf graag zou zien en graag zou delen: wat zijn de beste manieren om te leren en leren te leren? :-)

Het jaar 2014 zou wel eens de doorbraak kunnen betekenen van lijstjes in het onderwijs. En dan niet alleen lijstjes aan het eind, maar vooral aan het begin. En natuurlijk wel moderne varianten van lijstjes, (inter)actieve lijstjes in de vorm van playlists ofwel speellijstjes, ofwel leerlijstjes.

Leerlijstjes: lijstjes die aangeven in welke volgorde leeractiviteiten gedaan kunnen worden. Een manier om geschikte bronnen zoals sites, afbeeldingen, video’s, opdrachten in een wat anders georganiseerde vorm aan te bieden. Een vorm die helpt alle informatie uit de verschillende bronnen in het juiste kader te plaatsen en te begrijpen.

Natuurlijk is het van belang de juiste inhoud op de juiste volgorde te plaatsen en van de juiste richtlijnen te voorzien. Op deze wijze kunnen leerlijsten een grote toegevoegde waarde hebben ten opzichte van een simpele bronnenlijst of lijst met favoriete websites. Alles wat nodig is voor een les kan bijeen worden gezet een leerlingen zijn geen tijd meer kwijt met het zoeken naar websites of het intypen van internetadressen. Leerlijstjes kunnen ingezet worden bij allerlei vormen van zelfstudie maar ook een prima leidraad vormen bij Flipping the Classroom.

Er bestaan, naast een aantal sites waarop informatie netjes geordend bijeen gezet kan worden, zoals learnistblendspace en educlipper, inmiddels ook een aantal online toepassingen die het creëren van ‘echte’ leerlijstjes mogelijk en gemakkelijk maken. Er zullen er ongetwijfeld meer gaan verschijnen. Hieronder noem ik er kort twee.

MentorMob. “Stop Searching. Start Learning.mentormob-logo (1)

  • Leerlijsten worden Learning Playlists genoemd
  • Playlists kunnen open of privé gezet worden en academisch of recreatief zijn
  • Naast links naar websites, kunnen er files worden ge-upload of kan er eigen inhoud worden geschreven
  • Er kunnen gezamenlijke playlists worden gemaakt, waarbij anderen dus inhoud kunnen toevoegen
  • Er kunnen niveau’s worden ingesteld voor een doorlopen van een playlist en er kunnen worden getest middels quizzen

MentorMob bestaat al een tijdje en heeft laten zien dat het een plaats heeft in het onderwijs. Er is dan ook inmiddels een ‘gewone’ MentorMob en een educatieve: MentorMob EDU. Een uitgebreidere beschrijving voor het maken van leerlijsten is te vinden bij ICT-dee 111.

Gibbon, “Playlists for LearningGibbon logo small complete 373e5db

  • Leerlijsten worden Learning Flows genoemd, bestaande uit chapters, die ieder bestaan uit een video of website
  • Zowel docenten als leerlingen kunnen leerlijsten maken
  • Leerlingen kunnen zelf leerlijsten maken uit chapters van verschillende Learning Flows
  • Leerlingen kunnen badges verdienen door commentaren en adviezen te geven
  • Leerlingen kunnen aangeven of ze onderdelen geleerd hebben of overgeslagen
  • Elke Learning Flow die wordt gemaakt komt automatisch in de bibliotheek
  • Inhoud kan met een klik worden toegevoegd via Gibbon browser plugins en bookmarkers
  • De lengte van een leerlijst kan worden aangepast aan de hoeveelheid beschikbare tijd

Gibbon is erg nieuw en is Nederlands. Hoewel het minder direct op het onderwijs is gericht lijkt het er zeer goed voor bruikbaar. Ik heb geen video van Gibbon kunnen vinden maar een goed beeld wordt gegeven door het volgen van de allereerst les uit het  Gibbon User Manual. “What is Gibbon: flows, chapters and playlists” (duur is 2 minuten)

Mocht je ervaringen hebben met een van de genoemde tools dan hoor ik dat graag!

Bron: Makeuseof, Teach Yourself Anything


Verzamelen van de antwoorden van alle leerlingen voor formatieve assessments via The Anwer Pad

augustus 9, 2013

The Answer Pad logoAl een aantal jaar werk ik met verschillende student response systemen om toetsen af te nemen of het aanwezige kennisniveau te testen. Al deze systemen hebben zo hun voor- en nadelen en er is dan ook nog steeds de nodige ontwikkeling op dit gebied.
Wat ik graag zou willen doen is device-onafhankelijk, in een BYOD omgeving, leerlingen vragen kunnen stellen die op dat moment opkomen en waarop ik van alle leerlingen een antwoord wil. Ofwel digitaal formatief toetsen. Nu is daar The Answer Pad. Deze website lijkt een aantal mooie opties te hebben om dit mogelijk te maken.

Wat is het?
The Answer Pad is een ‘enhanced student dialoque system for BYOD”. Het bestaat uit twee afzonderlijke onderdelen: ‘Go Interactive‘ en ‘Answer sheets‘. In beide onderdelen worden de vragen niet digitaal gesteld aan de leerlingen, het gaat alleen om het digitaal antwoorden door de leerlingen waardoor deze antwoorden kunnen worden vastgelegd en geanalyseerd.

Go Interactive‘ biedt de mogelijkheid vragen te stellen waarop leerlingen via hun device kunnen antwoorden. Er zijn zes verschillende soorten vragen mogelijk: meerkeuze, juist/onjuist, ja/nee, duim omhoog/duim omlaag, schuifmaat, invullen. Een mooie optie is dat de docent er ook voor kan kiezen de leerling iets te laten tekenen en hij kan hem hiervoor een achtergrond of grafiek aanbieden.

The Answer Pad Teacher Dashboard 2013-08-09_1125
De docent ziet op zijn dashboard de antwoorden per leerling verschijnen, alsmede het gemiddelde van de klas. De docent krijgt zo een direct, live overzicht van het begrip bij de individuele leerlingen en de klas. Dit maakt The Answer Pad ideaal voor formatief diagnostisch toetsen. Het geeft de mogelijkheid voor de docent om onmiddellijk op gesignaleerde problemen in te gaan. De docent zie de antwoorden van alle leerlingen, dus inclusief de ‘stille’ leerlingen.
Een aangekondigde update zal het ook mogelijk maken om reacties te schrijven op de door de leerlingen gegeven antwoorden en deze naar de leerlingen terug te sturen. Hiermee ontstaat dus een persoonlijk interactief whiteboard ofwel een privé back-channel!

The Anwer Pad Answer Sheets 2013-08-09_1133‘Answer Sheets’. Deze optie biedt de mogelijkheid om de antwoorden op papieren toetsen digitaal te laten invullen, met hieraan gekoppeld een uitgebreide automatische analyse van de antwoorden die op vraag, leerling en klas niveau. Deze analyses zijn te koppelen aan de Amerikaanse Common Core maar een docent kan ook zelf een format aanmaken waarop zijn toetsen geanalyseerd moeten worden.

Hoe gebruik je het in de klas?
De docent werkt altijd via het internet, via een browser. Leerlingen kunnen werken via elke device waarmee zij op het internet kunnen, of via de gratis app TAPit voor de iPad. Bij ‘Go Interactive‘ stelt de docent de vragen mondeling, of bijvoorbeeld via het digibord. Bij ‘Answer Sheets‘ krijgen de leerlingen een papieren test. In dit laatste geval zou de test ook via een pdf bijvoorbeeld ter beschikking kunnen worden gesteld om de leerlingen volledig digitaal te laten werken, of voor leerlingen die op dat moment niet in het lokaal aanwezig zijn.

Oordeel?
Een prachtige tool die ik zeker ga testen met mijn klassen het komende schooljaar. De mogelijkheid om via ‘Go Interactive’ live feedback te krijgen per leerling in combinatie met de mogelijkheid om leerlingen ook dingen te laten tekenen zie ik als grote pluspunten. Hiernaast zijn de analyses die worden gegeven bij ‘Answer Sheets’ erg waardevol bij het bepalen van de kwaliteit van de toetsen en van de eventuele hiaten in de kennis van de klas of individuele leerlingen.
Een klein nadeel, als je dat zo mag noemen, is dat de gratis versie maximaal 1 klas van maximaal 36 leerlingen toestaat. De betaalde versie is 1$ per leerling per jaar en 10$ per docent per jaar. Nog steeds niet duur. In de betaalde versie zitten meteen ook wat mooie extra’s zoals de mogelijkheid om zelf templates te maken, afbeeldingen te uploaden en deze als achtergrond te gebruiken.

Een video met een overzicht hoe The Answer Pad werkt:

Deze post is mede geschreven na deelname aan twee webinars over de twee onderdelen van The Answer Pad. Tijdens deze webinars heb ik een coupon code ontvangen waarmee een docent 60 dagen lang de uitgebreide versie kan gebruiken. De coupon moet uiterlijk 15 augustus worden ingewisseld. Heb je interesse in deze coupon code dan kan je dit hieronder of op twitter aan mij doorgeven en kan ik je via een DM op twitter de code geven.


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 4.736 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: