Weer zeven nieuwe verhalen in weer één nieuwe dag #blimageNL

juli 27, 2015

Nee, dit is niet dezelfde blogpost als die van gisteren, of die van eergisteren. Hij lijkt er wel op.

Het is inmiddels drie dagen geleden dat ik hier een oproep deed. Een oproep om een persoonlijk verhaal te schrijven over onderwijs aan de hand van een aangeleverde foto. In de derde dag na de eerste oproep zijn er opnieuw zeven verhalen verschenen. Ongelofelijk! Ik word stil en warm.

Sommige bijdragers schrijven een ander verhaal dan zij gewend zijn te doen. Sommige bijdragers hadden al een tijdje niet geschreven, sommige bijdragers ontdekken blogs die zij niet kenden. Er gaan hopelijk bijdragers zijn die niet eerder hebben geblogd. De opzet van #blimageNL stimuleert creatief denken en er ontstaat een dialoog, er ontstaan verbindingen binnen zich uitbreidende persoonlijke leernetwerken. De #blimageNL uitdaging zorgt voor een blootstelling aan nieuwe ideeën, nieuwe bronnen, nieuwe mensen en misschien zo voor een nieuwe blik op jezelf. #blimageNL gaat over leren door het vertellen van verhalen.

Hieronder een korte introductie van de derde zeven verhalen. Je kunt ze lezen voor wat zij zijn of wat zij met je doen Je kunt ze misschien ook gebruiken om inspiratie op te doen om zelf aan deze #blimageNL uitdaging mee te gaan doen (of iemand uit te dagen!). Zie hier voor de achtergrond en de ‘regels’. Veel leesplezier! Veel inspiratie!

Karin Donkers, schoolleider op een school voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs , schreef het verhaal ‘Rood de kleur van…..‘, over de vele variaties van één kleur, over de vele variaties onderwijs die er nodig zijn voor de vele variaties aan leerlingen, over de bereidheid en noodzaak verder te kijken dan onze eigen kleur.

Jan Fasen, voorzitter centrale directie Connect College, schreef het doordacht relevante verhaal ‘Een stuur met teveel toeters en bellen‘, over de nooit gekozen en niet te kiezen weg naar de toekomst, over handen en hoofd, over mentoren en schijnbare valse starts, over dat het NOOIT aan kinderen ligt, over het stuur dat vooral in de handen van de leerlingen zou moeten liggen.

Judith van Hooijdonk, I-adviseur bij hogeschool Zuyd, schreef het verhaal ‘De bloemen van Zuyd‘, over hoe ragfijne draadjes bloemen kunnen bouwen, over de invloed van munten op de hoeveelheid, de kleur, de geur van bloemen, over de bereidheid en de grenzen van mensen.

Jannie van Maldegen, ex-juf, schreef het verhaal ‘Rups‘, over de liefde voor leerlingen én voor de natuur, over een kleuterjuf die langzaam maar zeker een schooltuinjuf wordt en dan als vanzelf een wijktuinjuf, over niet meer werken in een school en het niet missen omdat er nog iets mooiers is gevonden.

Tjeu Severeens, docent, schrijver en organisator, schreef het verhaal ‘#BlimageNL‘, over pijlers die zorgen dat het werkt, over een toevallig streng gezicht, een wens en durf tot provoceren, gewoon goed uitleggen, over balans creëren en blijven vervellen, elke vijf jaar iets anders, een nieuwe vlinder telkens weer, over naar het einde van de vakantie snakken omdat je weer iets nieuws wil, mag en kan gaan doen.

Ronald Heidanus, meester in onderwijs en opvoedingsoptimist, schreef het gevoelige gevoelvolle verhaal met de toch verrassend passende titel ‘Fuck die kruk‘, over het waarnemen van waarnemingen, over prikkels en ze leren negeren of uitschakelen, over tl-balken, rekenen en eten, over vragen stellen die ruimte voor antwoord laten, over zien en kansen bieden, over het geven van woorden zonder ze te gebieden, meesterlijk.

Marita Teunisse, juf in het speciaal onderwijs, schreef het verhaal ‘Verwondering in je klaslokaal‘, over steeds meer vast komen te zitten in wat er moet volgens de schema’s, over verwondering als het beste leermoment, over het belang van spelen, niet alleen voor kleuters, over spelen dat leren is, over proberen dat leren is.

En natuurlijk weer een plaatje voor als je de uitdaging aan wilt gaan. Je kunt je ook laten uitdagen door een van de afbeeldingen op het Pinterest bord waar alle #blimageNL afbeeldingen worden verzameld.

foto achtbaan cc wikimedia

 

 

 


Zeven nieuwe verhalen in één nieuwe dag #blimageNL

juli 26, 2015

Het is inmiddels twee dagen geleden dat ik hier een oproep deed. Een oproep om een persoonlijk verhaal te schrijven over onderwijs aan de hand van een aangeleverde foto. Het is een dag geleden dat ik de eerste zeven verhalen die zijn geschreven in één dag hier heb mogen delen. Het aantal edubloggers dat de uitdaging heeft geaccepteerd gaat langzaam richting de vijftig. In de tweede vierentwintig uur na de eerste oproep zijn opnieuw zeven verhalen verschenen.

Er gebeuren ook leuke onverwachte dingen. Mensen worden twee keer uitgedaagd! (Nederland toch kleiner dan we zelf wel eens denken? 😄). Mensen dagen niet specifiek iemand uit maar doen het algemeen. Het maakt allemaal niet uit. Daag iemand uit die nog niet of weinig blogt, iemand die twijfelt, daag iemand uit om eens met een gastblog op jouw blog te beginnen.

Hieronder een korte introductie van deze tweede zeven verhalen. Je kunt ze weer lezen voor wat zij zijn of wat zij met je doen Je kunt ze misschien ook gebruiken om inspiratie op te doen om zelf aan deze #blimageNL uitdaging mee te gaan doen (of iemand uit te dagen). Zie hier voor de achtergrond en de ‘regels’. Wat mij opnieuw opvalt is de verscheidenheid in achtergrond van schrijvers van deze tweede zeven verhalen. Dat doet mij weer veel goed. Veel leesplezier! Veel inspiratie!

Juf Margot, leerkracht groep 3, schreef het verhaal ‘Mijn route‘, over haar weg naar wat nu voor haar het geluk is dat onderwijs heet, over het eerst beter weten, het dal in en via schaamte en verdriet er weer uit, naar het nu, het T-shirt met de tekst die haar samenvat ‘Too blessed to be stressed’.

Een plaatsje apart, met een goede reden, voor…foto roze jasje

Erwin Klaasse, onderwijstourist, schreef, zeer bewust zonder deel te nemen aan de #blimageNL uitdaging!, het kleurrijke verhaal ‘#rozeistochmooier‘, over een meisjes voetbalteam dat met roze sokken wilde gaan spelen en dit ook deed, over de positieve aandacht die dat genereerde, over dat het toch niet meer mocht van de club, Zwart-Wit. De boodschap van de hashtag #rozeistochmooier is dat er altijd ruimte moet zijn om het anders te doen, dat je anders mag zijn, dat je jezelf mag onderscheiden, of dat nu op het voetbalveld is, of in het onderwijs, of in het leven.

Je kunt dus ook meedoen, zonder mee te doen. En zo hoort het!

De afbeelding toont het roze jasje waarmee ik Erwin heb geprobeerd uit te dagen. Een uitdaging die hij zowel wel als niet heeft opgepakt. Mooi!

Ilse Meelberghs, docente bij Zuyd Hogeschool, schreef het verrassende verhaal ‘Niet overlaten aan halfdronken docenten of toevallig luisterende barmannen‘, over barkrukken en bewust luisteren, over robots, over luisteren als gevende beweging, over de persoonlijke wens dit niet aan langer aan het toeval over te laten.

Juf Maike, leerkracht groep 1/2 en ICT coördinator op een school in Zuilen, schreef het verhaal ‘Waar mijn hart sneller van gaat kloppen in de klas‘, over blij worden van verzinnen, over tranen van geluk als jij het niet hebt verzonnen maar zij het zelf verzinnen en jij dit mag zien.

Florina Blokland, boerin en zelfstandig educatief auteur, schreef het aangrijpende verhaal ‘Wat te doen‘, over inwiersen, over veranderingen accepteren, over leren van momenten, over combineren, over liefde voor het boerenleven, over alsmaar willen delen wat je bezielt.

Sandra Verbruggen, onderwijs adviseur en kantelaar, schreef het verhaal ‘Rups wordt vlinder, het onderwijs‘, over hoe het onderwijs lange tijd de rups geweest is, perfect voor de omstandigheden en de mogelijkheden, over hoe onzichtbaar het is te zien wat er in die pop die de rups is gebeurt, over hoe de tijd er nu is voor het onderwijs vlinder te worden, zijn andere pracht te laten zien, over hoe de verandering nu voelbaar is en onvermijdelijk zichtbaar zal worden.

Sandra Jantjes, boerin en fotograaf, schreef het verhaal ‘Kuikentje‘, over dat leren het best werkt via uitdagingen, over het belang van luisteren als je een schijnbaar andere taal spreekt, over kinderen als eieren, over wat er nodig is om een ei te laten uitkomen, over kinderen de mogelijkheden geven te laten worden wat zij kunnen zijn, over luisteren naar het voedsel dat nodig is.

 

 

 

 


Zeven verhalen in één dag #blimageNL

juli 25, 2015

Gisteren plaatste ik hier een uitdaging om aan de hand van een foto een persoonlijk verhaal over onderwijs te schrijven. Ik ging er van uit dat, als er al iets zou gebeuren, het langzaam op gang zou komen. Het is immers vakantie. Ik heb mij weer eens mogen laten verrassen en verbazen door de sociale kracht van de sociale media.

Nog geen vierentwintig uur later hebben een kleine dertig mensen de uitdaging inmiddels geaccepteerd en zijn er al zeven verhalen te delen!

Hieronder een korte introductie van deze zeven verhalen. Je kunt ze lezen voor wat zij zijn of wat zij met je doen Je kunt ze misschien ook gebruiken om inspiratie op te doen om zelf aan deze #blimageNL uitdaging mee te gaan doen (of iemand uit te dagen). Zie hier voor de achtergrond en de ‘regels’. Wat mij opvalt is de verscheidenheid in achtergrond van schrijvers van deze eerste zeven verhalen. Dat doet mij veel goed.

Hanneke de Frel, directeur en ICT coördinator CBS Prinses Máxima in Berkel en Rodenrijs, schreef het verhaal ‘Ontpoppen‘, over de zomer als tijd van rust en afstand nemen, over de twijfels over genomen en te nemen beslissingen, over de rups die vlinder wordt die eitjes legt, de kunst van het begeleiden.

Ankie Cuypers, gepensioneerd docente Duits, schreef het verhaal ‘Zes maanden met pensioen en zes mooie herinneringen‘, over een schelp, een boekenlegger, een jaarlijkse kaart, de waarde van schijnbaar kleine zaken, ontmoetingen en keuzes maken, over een vlinder die aangetrokken blijft worden tot het kleurenspel dat onderwijs heet.

Jufanita, juf groep 6/7, schreef het  verhaal ‘Die eenzame auto…‘, over het verschil in ervaring tussen mogen en moeten, het spanningsveld tussen vakantie, lesvrije dagen en verplichte aanwezigheid, over samen aan de slag en niet als enige vroeg of laat op school zijn.

Karin Winters, zelfstandig ondernemer met een hart voor onderwijs, schreef het verhaal ‘Blimage: van de rups en de vlinder‘, over de rups die zij zich persoonlijk voelt tijdens haar Master Leren en Innoveren, informatie vretend omdat zij zo goed smaakt, over de wens om vlinder te worden, het verlangen om vlinder te worden, de hoop om vlinder te worden, de rups die niet kan wachten en soms niet langer informatie wil eten maar nu eindelijk eens wil vliegen, vliegen, vliegen.

Adrienne de Kock, adjunct directeur Effent, schreef het verhaal ‘#BlimageNL‘, over haar verandering van maker van onderwijs naar ontvanger van onderwijs, van lesgevende naar leidinggevende, over de energie die zij als rupsjenooitgenoeg ontleent aan alle informatie die zij tot zich neemt en die de honger alleen maar doet toenemen, over hoe mooi leren is.

Sylvia Schouwenaars, docente onderwijsvaardigheden aan het HBO, schreef het verhaal ‘De fotograaf‘, over zes ongelukkige voeten naast drie krukken, over zes stappen naar het zoeken van bruikbare informatie, over het niet vertellen hoe de stappen gezet zouden moeten worden maar over het laten meenemen erlangs, langs de koffie en het perspectief, via de reflectie naar het gezochte beeld.

Hartger Wassink, organisatiepsycholoog en werkzaam bij het NIVOZ , schreef het zeer persoonlijke en ontroerende verhaal ‘Een leeg schoolplein‘, over een vol schoolplein, waar toch één leeg plekje blijkt te zijn, en een leerkracht achteloos haar leerkracht toont.

 

foto sterrenstenen
foto autoreflectie

 

 

 

 

 

Hierbij nog twee foto’s van Hanneke de Frel, die zij op twitter heeft geplaatst met een algemene uitdaging. Wie wil hier zijn of haar verhaal aan koppelen? Wie durft de uitdaging aan?

 


Een uitdaging! #blimageNL

juli 24, 2015

foto rupswandMisschien is nu niet echt de beste tijd van het jaar om mensen uit te dagen te bloggen over onderwijs maar ik ga het toch doen.

Op twitter ben ik bij een aantal Engelstalige tweeps die ik volg de laatste dagen een aantal keer de hashtag #blimage tegen gekomen, vaak in combinatie met het woord challenge. Dit maakte mij nieuwsgierig. Een van de tweets bevatte een link naar een blogpost van Steve Wheeler (@timbuckteeth): “Blimey, it’s #blimage!“. Blimage blijkt een samentrekking van de woorden ‘Blog’ en ‘Image’ en is verzonnen door @amyburvall. foto espressohond

Het idee hierachter is simpel, maar krachtig, en heeft als een van de doelen mensen in het onderwijs over te halen (meer) te bloggen. Je stuurt een afbeelding naar iemand en daagt hem uit hierover een onderwijs-gerelateerde blogpost te schrijven. Het is een leuke en creatieve manier om mensen uit het onderwijs te laten nadenken over hun eigen praktijk en ervaringen en deze te delen met anderen.

Inmiddels zijn er een aantal uitdagingen verstuurd, geaccepteerd en zijn er een aantal blogposts geschreven. Er is een discussie aan het ontstaan op de blogs en op twitter en @sensor63 heeft een Pinterest bord aangemaakt waar de blogs zijn verzameld.

Nu zijn de blogposts via #blimage in het Engels en het lijkt mij leuk dit ook in het Nederlands te gaan doen. De hashtag voor twitter wordt dan #blimageNL. Zet ook #blimageNL in de titel van je post zodat deze gemakkelijk teruggevonden kan worden.

Hierbij dus de uitdaging!
Gebruik een van de afbeeldingen uit deze blogpost en schrijf er jouw verhaal bij. In principe is één afbeelding genoeg, ik heb er vier geplaatst om de start wat te vergemakkelijken. Je kunt er natuurlijk ook twee of drie of alle vier gebruiken! Je mag ook rustig een eigen afbeelding gebruiken als je dat liever wilt (hoewel de uitdaging dan misschien wat minder is 😄). De hier geplaatste afbeeldingen zijn door mij gemaakte foto’s, hou er rekening mee bij het gebruiken van afbeeldingen van het internet dat zij een Creative Commons licentie hebben. Wanneer je jouw verhaal hebt geschreven, daag dan iemand anders uit door hem of haar een afbeelding te sturen.

foto autoschoolfoto krukvoeten

Ik ben benieuwd!

Update: Inmiddels al voldoende reacties om een eigen Pinterest bord #blimageNL te starten. Mooi! Fijn! Dank!


Dagmomentonderwijs 18 blaadjes

juli 21, 2015

IMG_1418

Aan het begin van dit kalenderjaar had ik een idee. Ik werd blij van mijn idee. Het idee was simpel. Elke dag zou ik een moment kiezen dat mij was opgevallen, dat mij het meest geraakt had, dat het best kon illustreren hoe onderwijs door een docent dagelijks ervaren wordt. Elke dag zou ik een tweet plaatsen met de hashtag #dagmomentonderwijs. Maandelijks zou ik deze tweets dan verzamelen op dit blog. Gewoon, om een beeld te schetsen. Dat was het plan. Een goed plan, vind ik nog steeds.

De #tweedestap is dan de uitvoering.

En daar gaan helaas zoveel mooie intenties…..

Het lukte mij niet om maandelijks de ‘dagelijks’ getweette #dagmomentonderwijs tweets te verzamelen in een blogpost. Het lukte mij niet om dagelijks een moment te kiezen om te plaatsen. Soms een paar dagen geen, soms meer op één dag. In het begin gaf mij dat het gevoel van valsspelen, maar ik wist mijzelf te overtuigen van het grotere belang en bleef mijn best doen.

Inmiddels is het vakantie. Ik heb tot vandaag geen blogpost geplaatst over #dagmomentonderwijs. Ik vind dat jammer. Dus ga ik daar wat aan doen.

“Wat ga jij doen in de vakantie?”

Waarschijnlijk de meest gestelde vraag tijdens de traditionele afsluitende bijeenkomsten op de meeste scholen.

Mijn antwoord omvat al jaren, naast het beschrijven van het land waar ik naar toe ga en de omstandigheden die ik daar hoop aan te treffen en de redenen hiervoor, het woord ‘opruimen’.

Dat is iets dat in mijn geval ‘moet’. Iets dat niet altijd lukt 😜. Gedurende het jaar máák ik liever dan dat ik opruim.

Nú ben ik wel bezig met ‘opruimen’, omdat het echt ‘moet’. Er is geen plaats meer voor nieuw, dus oud moet weg.

Bij het opruimen kwam ik dit #dagmomentonderwijs tegen. Het komt uit een tijd lang voor ik zo bewust als nu een blog schreef.  Het komt van twee leerlingen die ik heb lesgegeven op een school waar ik nu niet meer werk.

Het raakte mij toen ik het las. Voor de eerste keer. Voor de tweede keer. En nu weer.

Het is geschreven op 18 blaadjes.

“Hallo, Top (secret message)”

“Mnr Droog”

“Hoe gaat het”

“Met Uw honden?”

“Ik vind ze ranzig”

“maar ja”

“life sucks”

“I 💚 Science”

“you 💜 Annouk”

“dit was het”

“voor vandaag”

“TTYN (talk to you never)”

“J”

“U”

“L”

“I’

“A”

“!”

IMG_1419

 

 


9 manieren om te checken of je slim lesgeeft

juli 15, 2015

Hieronder volgt een lijstje met activiteiten die je als docent misschien doet. Een lijstje waarmee je zou kunnen nagaan of je slim lesgeeft. Het is niet direct een lijstje in de stijl van “10 effectieve strategieën van succesvolle docenten” of “10 stappen naar een betere docent”. Het is meer een checklist, waarmee je kunt zien of je op de goede weg bent. De lijst is niet volledig wetenschappelijk en analytisch, maar ook niet slechts retorisch en abstract. Het zit er ergens tussen in. Het is menselijk, het is efficiënt, het is haalbaar en vol te houden, het geeft plezier.

1. Je maakt veel kleine aanpassingen.

Aanpassingen aan de inhoud, de materialen, de snelheid, de manier van toetsen. Dit betekent niet dat je niet gepland hebt of dit slecht gedaan hebt, maar je doet dit als reactie op de dagelijkse praktijk. Je bent constant bezig met het formeel en informeel meten van voortgang en past aan waar nodig. Een parallel klas heeft door omstandigheden veel meer lesuitval. Alle lessen van een klas zijn geroosterd op de laatste uren van de dag. Zeven leerlingen van een klas zijn een week ziek. Een formatieve toets laat zien dat een onderdeel zeer slecht begrepen is. Eén klas scoort gemiddeld veel lager, of hoger. Het is een week lang extreem warm. Er is drie dagen lang geen internet verbinding. Er moet een toets in de toetsweek zijn.

2. Je geeft geen les, je ontwerpt.

Je kent de voor- en nadelen van projectgestuurd leren, ontwerpgestuurd leren, praktijkgestuurd leren en wat dies meer zij. Je weet dat vaardigheden aangeleerd en verloren kunnen worden, dat kennisoverdracht belangrijk is, dat de wijze van toetsen kan toevoegen of afbreken. Je bent vrijwel continu bezig met het schetsen van de manieren waarop je lessen eruit zouden kunnen gaan zien. Het ontwerpen van ervaringen die het begrip van de belangrijkste inhoud vergroten is voor een groot deel wat effectieve docenten doen.
Je weerstaat de verleiding om simpelweg uit te voeren wat er van bovenaf, door leiding, door het boek, door het curriculum is vastgelegd. Je bent in staat om te switchen tussen het macro- en het microniveau. Je herkent de fouten en inconsistenties en beslist vanuit pragmatische pedagogiek. Je ontwerpt en scherpt aan.

3. Je plant achterstevoren.

Je hebt een doel voor ogen. Een bepaald niveau dat je wilt halen, een bepaalde gewoonte of vaardigheid die je wilt inslijpen, een vorm van toetsen of meten. Dit doel kan objectief zijn, maar ook subjectief. Maar je ontwerp begint met het doel.

4. Je doet niet wat er gezegd wordt.

Op papier kunnen docenten die exact uitvoeren wat er van hen verlangd wordt prima docenten zijn. Maar doen dit beste docenten dit ook? Het lijkt er niet op. Dit wil niet zeggen dat je alles anders moet doen. Je hoeft niet opstandig te zijn. Je moet slim zijn. Je doet zoveel van wat er moet als kan, maar je doet vooral wat er nodig is.

5. Je bent een feedback machine.

Je weet wat nuttige feedback is en hoe deze te geven. Je weet hoe nuttige feedback aankomt bij leerlingen. De meeste van je toetsen zijn kort en verschaffen inzicht in wat de leerling begrijpt. Je geeft directe feedback, nog dezelfde les. Je maakt gebruikt van technologie om dit te vergemakkelijken. Je ontwerpt samenwerkende opdrachten zo dat leerlingen elkaar feedback geven. Je leert leerlingen feedback geven en ze de waarde hiervan appreciëren. Je geeft leerlingen continu en consistent feedback op een manier die zij begrijpen en kunnen toepassen. De feedback die je geeft verandert mee met de leerling.

6. Je prioriteert continu.

De belangrijkste doelen, de meest efficiënte manieren om gegevens te verzamelen, de meest efficiënte manier om toetsen te ontwerpen, de meest betrouwbare tools en apps, de meest flexibele manier om planningen te maken, enzovoorts. Het is natuurlijk onmogelijk om dit allemaal te doen. Instinctief doe je als eerste wat het meest belangrijke is.

7. Je verandert.

Niets wat je doet is perfect. Dit vraagt dus om verandering. Leerlingen veranderen door jouw activiteiten tijdens de lessen. Dit vraagt om aanpassingen. Je verandert en wordt beter in sommige dingen, je leert prioriteren, maar je vergeet ook een aantal goede dingen te blijven doen, omdat je een mens bent. Jouw vak is onderhevig aan nieuwe ontdekkingen, inzichten, trends en vooruitgang, die sneller gaan dan de aanpassingen in het curriculum of het boek kunnen bijhouden. De technologie verandert en maakt meer en anders mogelijk. De samenleving verandert, in zijn complexiteit en zijn wensen. Dit vraagt van jou een continue verandering.

8. Je ziet leerlingen individueel.

Beginnende docenten zien een lokaal, of rijen. Jij ziet leerlingen. Je hebt het overzicht en de rust en de ervaring.  Je ziet niet alleen leerlingen als leerlingen maar ook als mensen. Je ziet ze als individuen. Niet als groepjes ingedeeld naar niveau of interesse voor jouw vak. Je ziet wat elke leerling nodig heeft en welke materialen en leerweg hem het meeste kunnen helpen. Natuurlijk weet je dat je dit niet elke dag voor elke leerling kunt waarmaken. Maar je ziet het wel, omdat je leerlingen als individuen ziet.

9. Je leerlingen veranderen, allemaal.

Leerlingen nemen steeds meer verantwoording. Stellen steeds consequenter steeds betere vragen. Bekritiseren plannen. Tonen interesse buiten de gebruikelijke stof. Hebben schik in wat zij doen, zowel inhoudelijk als de wijze waarop. De veranderingen zijn verschillend van grootte en vorm, afhankelijk van de leeftijd, het onderwerp, de startsituatie. De veranderingen zijn niet te standaardiseren.

Slimmer lesgeven zorgt voor leerervaringen die bij alle leerlingen tot veranderingen leiden, niet alleen bij de leerlingen die zonder jou ook gegroeid zouden zijn. Slimmer lesgeven eindigt met de leerlingen en hun groei als mens.

De echte maat of je slim lesgeeft is dan ook of het tot slim leren leidt voor al jouw leerlingen.

 

Bron: Teachthought, Smarter Teaching: 10 Ways You’ll Know You’re Doing It Right


Leerlingen zelf een elektronisch portfolio laten maken met Seesaw

juli 7, 2015

seesaw

Leerlingen maken heel wat producten gedurende een jaar; tekeningen, verslagen, presentaties, werkstukken. Vaak is het enige wat hiervan uiteindelijk zichtbaar blijft het verkregen cijfer. Via een elektronisch portfolio zouden de producten en vorderingen van leerlingen veel beter zichtbaar gemaakt kunnen worden. Het kan voor leerlingen ook een stimulans zijn om via het zelf aanleggen van hun eigen portfolio de eigen ontwikkelingen te kunnen terugzien en delen met docenten en ouders.

Misschien is dit een van de veranderingen om komend schooljaar te gaan doorvoeren?

Een van de tools die gebruikt kan worden om dit gratis online te doen is SeeSaw.

SeeSaw is beschikbaar als app voor de iPad, als Android app, en als Chrome web app. Leerlingen kunnen via deze apps zelf materiaal in hun portfolio plaatsen. Dit kan door het te schrijven, door foto’s te maken van schriftelijk of ander materiaal dat ze gemaakt hebben of door video’s te plaatsen. Leerlingen kunnen ook hun stem opnemen om de toegevoegde materialen van commentaar te voorzien. Het materiaal kan geordend worden middels het aanmaken van verschillende mappen voor bijvoorbeeld verschillende vakken of verschillende termijnen. Naast de leerling zelf kan de docent desgewenst ook materialen plaatsen.

De docent maakt een gratis account voor een klas en leerlingen melden zich hier bij aan via een code of door het scannen van een QR-code. Als docent is op deze manier al het werk van de leerlingen te zien. Het is ook mogelijk om accounts voor ouders te maken, zodat ook zij het werk van hun kinderen kunnen volgen. Desgewenst kan de docent ouders een bericht sturen wanneer er nieuw materiaal geplaatst is. Voor het ouderaccount geldt helaas wel dat alleen de laatste 30 dagen kunnen worden ingezien, voor een heel jaar dienen ouders een parentsplus account van $9,99 aan te schaffen.

Het leren omgaan met SeeSaw is erg eenvoudig en wijst zichzelf. Kinderen vanaf 5 jaar kunnen er vrijwel direct zelfstandig mee aan de slag. Op de site van SeeSaw staan bovendien een aantal handige tips en materialen om er mee te leren werken en het bij leerlingen en ouders te introduceren.


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 4.276 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: