Edmodo, nu ook quizzen delen!

augustus 9, 2015

edmodo logo kleinEdmodo is een gratis online leeromgeving waarin het heel gemakkelijk is om klassen aan te maken, met leerlingen informatie te delen, opdrachten te geven, quizzen of toetsen af te nemen. Het wordt wel het Facebook van het onderwijs genoemd en kent inmiddels ruim 50 miljoen gebruikers. Ik heb eerder uitgebreid over Edmodo geschreven: “Edmodo, wat het is en dat het werkt.

Afgelopen woensdag was de jaarlijkse online Edmodocon conferentie en, naast allerlei effectieve en creatieve manieren waarop Edmodo kan worden ingezet, werd daar door Vibhu Mittal, CEO of Edmodo, ingegaan op de veranderingen die gaan komen in de nieuwste versie. Deze veranderingen zijn grotendeels op verzoek van gebruikers doorgevoerd. En één ervan was zeker op veler verzoek.

De belangrijkste veranderingen zijn dat er emojis beschikbaar komen om bij berichten te plaatsen (😄), dat er pins komen om belangrijke berichten boven aan de timeline te kunnen vastzetten (👍) en dat er subfolders komen om organisatie van alle gedeelde informaties te vergemakkelijken (✅).

De allerbelangrijkste, en meest aangevraagde, verandering is echter dat quizzen gedeeld kunnen gaan worden! (😄👍✅).

Ik gebruik Edmodo zelf veel voor korte formatieve quizzen, om feedback te kunnen geven, en ook voor toetsen. Graag zouden mijn collega’s en ik deze quizzen en toetsen willen delen, maar dat was tot dusver nog niet mogelijk. We hebben voor komend jaar een aantal mogelijkheden bekeken om dit via omwegen wel voor elkaar te krijgen maar deze hadden allen de nodige nadelen. Wij zijn dus heel blij dat deze mogelijkheid tot het delen van quizzen, testen en toetsen er gaat komen! Een exacte datum weet ik nog niet maar ik hoop dat de nieuwe versie van Edmodo er snel gaat komen.

 


6 mythes over Flipping the Classroom

juli 9, 2015

Wat is Flipping the Classroom? Of zo je wilt: wat is Flip de Klas?

Regelmatig geef ik workshops over Flipping the Classroom en nog veel regelmatiger spreek ik erover met allerlei collega’s. De hype die het misschien leek te zijn is mogelijk voorbij, maar tegelijkertijd wordt het steeds meer geassimileerd en opgenomen als onderdeel van het onderwijs zoals veel docenten dat geven. De aandacht is misschien minder, de impact zeker meer.

Het beeld dat bij velen nog bestaat is de Flipping the Classroom gaat over video’s om lessen aan leerlingen aan te bieden. Een technologische visie. Het gaat echter om het actief leren in de klas te vergroten, om zo inzicht en kritisch denken te vergroten. Het is een pedagogisch instrument.

Om dit beeld te verduidelijken hieronder een zestal mythes over Flipping the Classroom. Met een aantal toelichtingen en tips gebaseerd op tot dusver gedaan onderzoek, gesprekken met ‘flippers’ en eigen ervaringen.

Mythe 1: Flipping the Classroom betekent video’s.
Een van de meest gebruikte manieren van het toepassen van  Flipping the Classroom bestaat uit het aanbieden van video’s die leerlingen thuis kunnen (moeten?) bekijken zodat de tijd in de klas effectiever gebruikt kan worden voor actief leren. Met dit basis model is niets mis en het is zeker het model dat omarmd wordt door de mensen die hun brood verdienen met onderwijs technologie.

De reden om Flipping the Classroom toe te passen is niet de technologie die deze verandering van het aanbieden van inhoud mogelijk maakt. De werkelijk onderliggende reden om Flipping the Classroom toe te passen is dat het hiermee mogelijk wordt om aandacht te besteden aan belangrijke elementen van leren in de klas: toepassen, samenwerken, kritisch reflecteren. Video’s die er voor zorgen dat deze tijd in de klas vrijkomt maken dit mogelijk. Maar een goed tekstboek met goede instructies van een goede docent doet dit ook.

Mythe 2: Flipping the Classroom gaat over gepersonaliseerd leren.
Regelmatig wordt de mogelijkheid tot gepersonaliseerd leren genoemd als doel van Flipping the Classroom. En het is zeker mogelijk wanneer informatie op video wordt aangeboden dat leerlingen deze op hun eigen snelheid bekijken, herhalen waar nodig, of overslaan waar niet nodig. Kom daar maar eens om bij een docent die directe instructie geeft in de klas. “Kunt U dit nog een keer herhalen?” “Kunt U wat langzamer praten?” “Wilt U even stoppen, ik moet naar de WC?”
Wanneer leerlingen naar de klas komen kunnen zij hun ‘traditionele’ huiswerk maken, terwijl de docent aanwezig is en rondloopt. Elke leerling kan op elke moment aan iets anders werken en elke leerling kan verschillende soorten feedback krijgen van de docent. Dit op zichzelf is al een groot voordeel voor veel klassen en veel leerlingen.

Veel docenten die deze eenvoudige manier van Flipping the Classroom, ook wel Flip 1.0 genoemd, gebruiken ontdekken dat zij nog veel meer met de vrijgekomen tijd in de klas kunnen doen. Zij zien de deur die geopend is naar andere pedagogische strategieën, dit kunnen bijvoorbeeld zijn peer-instructie, probleem-gestuurd leren constructivistisch leren,  activiteiten gericht op samenwerken, die allen gericht zijn en behulpzaam zijn bij het ontwikkelen van hoger-niveau denken en redeneren en hiermee voedingsbodem voor dieper en meer beklijvend leren.  De technologie wordt van doel hulpmiddel. Pedagogiek wordt de bestuurder, technologie de versneller.

Mythe 3: Flipping the Classroom maakt leren efficiënter.
Gepersonaliseerd en adaptief leren klinken alsof zij leren efficiënter maken. Elke leerling kan op eigen tempo verder als hij een concept begrijpt. Alsof een machine wordt geprogrammeerd om steeds meer te kunnen.

Maar echt leren, ‘diep’ leren, is zelden zo rechtlijnig en evident. De echte wereld is dat eveneens zelden of nooit.

Onderwijs zou er niet alleen op gericht moeten zijn het onbekende bekend te maken, het zou er ook gericht op moeten zijn onbekendheid een gewoonte te laten worden. Onderwijs zou leerlingen er ook op moeten voorbereiden vragen te beantwoorden die niet eerder gesteld zijn. Op school dienen leerlingen hiervoor dus al blootgesteld te worden aan onduidelijkheden en geholpen te worden zich hier doorheen te werken.

De tijd in de klas die door Flipping the Classroom wordt vrijgemaakt kan gebruikt worden om te leren omgaan met de ruis in de wereld. Goed uitgevoerd kan Flipping the Classroom bijdragen aan het nadenken over en beantwoorden van vragen die niet in het curriculum staan, door aan de slag te gaan met de methode die hiervoor nodig zijn. Kan de wetenschap iets zeggen over de crisis in Griekenland? Wat is de werkelijke waarde van geld? Waarom is muziek wel zo gemakkelijk te onthouden?

Mythe 4: Flipping the Classroom is een verandering van technologie, niet van pedagogie.
Flipping the Classroom kan in zijn eenvoudigste vorm een simpele verandering in technologie zijn. Een verandering in de manier waarop de leerling informatie wordt aangeboden. Maar dat zou alleen het begin moeten zijn. Het gaat niet om de techniek en techniek zou het implementeren ook nooit mogen belemmeren. Het gaat om de pedagogiek. Inhoud en de manier waarop deze inhoud wordt aangeboden zijn niet langer centraal in de klas. Leerlingen en hoe zij werken komen centraal te staan. Dat is waar de werkelijke Flip plaatsvindt. Dit kan zonder enige vorm van technologie. Technologie maakt het slechts mogelijk makkelijker tijd vrij te maken in de klas om deze verandering daadwerkelijk vorm te geven.

Mythe 5: Flipping the Classroom vereist internet verbinding thuis.
Vaak kan worden volstaan met een boek of een zelfgeschreven hand-out om de benodigde informatie aan leerlingen aan te bieden, zoals bij mythe 1 al aangeduid. Maar zelfs wanneer een video voordelen heeft, zoals bij bewegende beelden, animaties, commentaar stem, zijn er andere mogelijkheden dan internet. De informatie kan ook op DVD of een USB-stick  worden gezet. Hiernaast kunnen scholen er voor zorgen dat er voldoende toegang is tot computers op school, tijdens of na de reguliere schooltijden.

Mythe 6: Flipping the Classroom kent één vorm.
Er zijn vele manieren om Flipping the Classroom toe te passen. Een centraal aspect is om zowel leerlingen als docenten meer vrijheid te geven. Laat je als docent daarom niet weerhouden door de techniek en hou het doel dat je hebt voor je leerlingen, en de doelen die zij zelf hebben, voor ogen. Gebruik de tijd in de klas om leerlingen te helpen jouw en hun doelen te bereiken op een manier die bij jullie past. Laat het boek zijn werk doen, of maak toch een video of gebruik er een die beschikbaar is op het internet.

Bron: 6 Myths About Flipping the Classroom, Kriss Schaffer, Edutopia 


Het gaat niet om ICT, het gaat om D

april 29, 2015

Keep calm and flip your class

Alweer een aantal jaar maak ik bij mijn lesgeven gebruikt van Flipping the Classroom, ofwel Flip de Klas. Leerlingen krijgen de informatie voorafgaand aan de les aangeboden via een video of een animatie of een te bestuderen bron. Vervolgens hebben we in de les meer tijd voor vragen, verdieping, interacties.

Regelmatig geef ik workshops over hoe dit voor mij in de praktijk werkt.

Regelmatig krijg ik tijdens deze workshops vragen. En sommige vragen komen regelmatig terug.

Lang daarvoor al maakte ik en nog steeds maak ik bij mijn lesgeven gebruik van de T die hoort achter IC. De vorm van die T is in die tijd veranderd. Van rekenmachine naar PC, van ‘op de computer’ naar online, van vast naar mobiel. Van krijtbord naar overheadprojector naar whitebord naar digibord.

Regelmatig geef ik workshops over hoe dit voor mij in de praktijk werkt.

Regelmatig krijg ik tijdens deze workshops vragen. En sommige vragen komen regelmatig terug.

De I is in die tijd langzaam veranderd voor mijn vak. En daar wil ik op kunnen inspelen. De C is ook veranderd, door die veranderde T heb ik meer mogelijkheden tot C. En hebben dus ook mijn leerlingen meer mogelijkheden. En dus gebruik ik de T, voor betere C, met als doel diepere en meer beklijvende I bij mijn leerlingen. En als doel mijn leerlingen de vaardigheid bij te brengen zelf T en C meer en meer te kunnen gaan gebruiken voor hun I. Op  de school waar ze nu zitten, op de school waar ze hierna naar toe gaan, maar vooral op de plaatsen waar ze vervolgens naar toe gaan.

Eén van de vragen die ik regelmatig krijg is:

hoe weet je dat leerlingen die video’s wel kijken?

En de oplossing hiervoor heeft niets met T te maken, maar is wel met T op te lossen.

De vraag zou in het pre-T tijdperk als volgt geformuleerd zijn: hoe weet je dat leerlingen opletten?

En de oplossing hiervoor heeft niets met pre-T te maken, maar is wel met pre-T op te lossen.

Het antwoord is gebruik maken van D.

Het antwoord is in beide gevallen hetzelfde:

door vragen te stellen!

Tegenwoordig kun je die vragen stellen met behulp van T. Zodat je de antwoorden zelf ook hebt vóór de les.

Dit kan bijvoorbeeld in onderstaande vorm, die een van mijn standaarden is, maar die natuurlijk vele varianten kent.

Lever op de dag vóór de les digitaal het antwoord in op de volgende vragen:

– Noem drie begrippen uit de video die je al kende, en geef de betekenis van deze begrippen

– Noem drie begrippen uit de video die je nieuw geleerd hebt, en geeft de betekenis van deze begrippen

– Noem drie begrippen uit de video waar je meer over zou willen leren

Een andere vorm die ik standaard gebruik bij het inleveren van digitale opdrachten is de volgende:

Geef bij het inleveren van deze opdracht aan of je:

A. Alles begrepen hebt

B. Nog vragen hebt. Zo ja, voeg deze toe.

En de antwoorden op deze vragen kan ik als docent gebruiken om de inhoud van mijn les (mede) te bepalen. En als ik wil kan ik zien wie wel en niet naar de video of animatie of bron gekeken heeft. Maar na een tijdje blijkt dit niet meer nodig.

Het gaat niet om de ICT. Het gaat niet om de T.

Het gaat om de D.

Het gaat niet om de video.

Het gaat om de didactiek.


Een praktijkvoorbeeld

april 6, 2015

Ik kreeg via twitter een vraag. Van een docent die lesgeeft op een docentenopleiding en op zoek was naar een goed praktijkvoorbeeld van het gebruik van ict in het onderwijs.

Specifieker was de vraag naar een les die ik zelf geef met een beschrijving, de tool, materiaal en misschien een foto of filmpje ‘in actie’. De studenten gaan dit praktijkvoorbeeld dan analyseren op tpack, samr en zij geven hun eigen visie.

Hieronder mijn antwoord in de vorm van een blogpost. Misschien dat andere opleiders, docenten in opleiding of docenten er ook iets aan hebben.

De beschrijving
Deze les is de eerste in een klas waarin leerlingen biologie krijgen zonder dat zij een boek hebben. De les zou ook prima passen in klassen waarin wel met een boek gewerkt wordt.

De tool(s)
De leerlingen hebben voorafgaand aan deze les, tijdens een klassikale les die in het computerlokaal is uitgevoerd allen een account aangemaakt op Edmodo, hierbij gebruikmakend van hun school mailadres. Dit schoolmailadres is tegelijkertijd een Google Mail adres en geeft toegang tot Google Apps For Education, waaronder Google Drive. Tijdens die eerste les hebben de leerlingen ook een map aangemaakt binnen Google Drive die zij met mij hebben gedeeld. Hierin gaan zij al het werk plaatsen dat zij tijdens de biologie lessen maken. De map heeft een verplichte naam: Biologie – Klas – Leerlingnummer – Voornaam. Het aanmaken van accounts en mappen op deze wijze vergemakkelijkt de organisatie voor docent en leerling aanzienlijk. Het is voor de leerlingen mogelijk om hun Google Mail te koppelen aan Edmodo.

Mijn Edmodo account met een aantal van mijn klassen:

Edmodo groepen 2015-04-06_1220

 

De opdracht
De leerlingen krijgen de opdracht om twee video’s te bekijken en hierover een aantal vragen te beantwoorden. Deze opzet is vrij standaard geworden binnen deze lessenserie. Bekijk een video, animatie of een andere bron op het internet, beantwoord hierover een aantal vragen, deel de antwoorden en geef aan of je alles begrijpt of dat je nog vragen hebt naar aanleiding van de inhoud en verwerking van de opdracht.

Edmodo opdracht 03 2015-04-06_1222

De uitvoering
De leerlingen voeren de opdracht uit in het computerlokaal op school. De docent is beschikbaar voor vragen. De leerlingen leveren de opdracht in op Edmodo en kunnen tijdens dit inleveren ook commentaar toevoegen. De opdrachten zijn voorzien van een uiterste inleverdatum en een aantal ervan wordt beoordeeld middels een cijfer.
In voorkomende gevallen kan het ook zo zijn dat de leerlingen de opdracht thuis uitvoeren of tijdens een Daltonuur (=zelfstandig werken uur). Dit is afhankelijk van een aantal factoren, waarbij het type opdracht in combinatie met het belang van het aanwezig zijn van de docent bij de uitvoering bepalend is. Deze lessenserie is een voorbeeld van een combinatie van Flipping the Classroom 101 en Flipped Mastery.

Mijn Google Drive met hierin een aantal klassenmappen:

Google Drive mappen 2015-04-06_1229

 

De gedeelde mappen van de leerlingen zijn georganiseerd per klas:

Drive Map Klas 2015-04-06_1234

Een map van een leerling met hierin de gemaakte opdrachten:

Drive Map Leerling 2015-04-06_1237

 

De leerlingen krijgen feedback van de docent in het gedeelde document en kunnen dit desgewenst verwerken. Op zaken die opvallen tijdens het bekijken van de documenten wordt waar nodig klassikaal ingegaan. Dit geldt voor veel voorkomende fouten of voor vaak gestelde vragen.

Ik hoop dat de docent die mij de vraag op twitter stelde uit de voeten kan met bovenstaande antwoord. Ik hoop natuurlijk ook dat de studenten van deze docent er iets aan hebben. Ik zie al hun werk, opmerkingen en reacties graag tegemoet!

Mochten er vragen zijn naar aanleiding van dit praktijkvoorbeeld dan zal ik die graag beantwoorden.


Het Nieuwe Leren, een klein praktisch voorbeeldje

juli 6, 2014

Loesje Het Nieuwe LerenAan het eind van het schooljaar zijn er altijd wel een aantal zaken die leerlingen nog moeten inhalen of mogen herkansen. Gemiste opdrachten, gemiste toetsen, slecht gemaakte opdrachten, slecht gemaakte toetsen.

Ik had er dit jaar een aantal van deze.

Eén hiervan betrof de mogelijkheid om een aan het begin van het jaar slecht gemaakte toets, voor een vak dat al halverwege het jaar was afgesloten, aan het eind van het jaar ‘opnieuw’ te maken. Het betrof hier één leerling. Hij had het vak met een 5 afgesloten en dit zou hem mogelijk/waarschijnlijk beperken in zijn mogelijkheden bij de overgang.

Met deze leerling heb ik voor de uitvoer hiervan de volgende afspraken gemaakt voor op de inhaaldag.

1. De leerling krijgt een aantal verwerkingsopdrachten van telkens 1 lesuur.
2. De opdrachten worden digitaal aangeboden, via het LMS of de ELO Edmodo (meer info te vinden in een eerdere post: Edmodo, wat het is en dat het werkt). Ze zijn voorzien van de nodige bronnen.
3. De opdrachten worden ingeleverd als Google Documenten in een Google Drive map, die de leerling al eerder heeft aangemaakt tijdens de lessen en die met mij gedeeld is.
4. De leerling levert de opdracht in op Edmodo en geeft hierbij aan of hij nog vragen heeft.
5. De leerling krijgt feedback op zijn werk, direct in het Google Drive document. Dit kunnen antwoorden zijn op zijn vragen maar ook correcties of aanvullingen op zijn werk.
6. Aan het eind van de serie opdrachten volgt een toets. Deze wordt digitaal afgenomen, via Edmodo. De leerling ziet wanneer hij klaar is direct de behaalde score.

De uitvoering verliep als volgt.

Ik zat thuis. Ik hoefde dus niet 70 minuten te reizen om dit te kunnen begeleiden. Ik zie dit als een voordeel. Ik had de opdrachten vooraf klaar gezet en verstrekte ze zoals afgesproken. Ondertussen keek ik ongestoord en geconcentreerd toetsen na en verwerkte ik de gegevens. Af en toe wierp ik een blik op mijn computer.

De leerling zat op school, achter een laptop, in een lokaal met andere inhalers en in aanwezigheid van een surveillant. Hij kreeg van mij de opdrachten zoals afgesproken en ging er mee aan de slag.

Ik kon op Edmodo zien wanneer de leerling een opdracht had ingeleverd.

Ik kon in de Google Drive documenten de voortgang zien van de leerling en hier direct feedback op geven. Dit was vooral in de vorm van aanvullende vragen of suggesties.

De leerling kon mijn feedback lezen en hier op reageren.

Ik kon in de Google Drive documenten live zien wat de leerling typte. Ik kon zien waar hij zichzelf corrigeerde, of soms iets goeds in iets verkeerds veranderde. (Ik zou het hebben kunnen zien wanneer hij hele stukken zou hebben gekopieerd en geplakt). Ik kon volgen hoeveel tijd hij steeds nodig had.

Voor de meeste opdrachten bleek de leerling minder dan het geplande lesuur nodig te hebben. Hij kreeg de vervolgopdrachten dan ook eerder, zodra ik zag dat hij klaar was en mijn feedback had verwerkt.

De leerling kon door zijn reacties op mijn feedback mij laten zien of hij iets verkeerd had opgeschreven of iets verkeerd had begrepen. Ik kon daarop een inschatting maken van zijn begrip en hier op reageren. Ik leerde hier zelf van waar een aantal problemen met onderdelen van deze stof bij leerlingen zitten.

Ik vond een goede manier van werken en denk dat bovenstaand een klein praktisch voorbeeldje is van wat Het Nieuwe Leren zou kunnen zijn. Hier is vooral het onderdeel plaats-onafhankelijk gebruikt. Hetzelfde zou prima tijd-onafhankelijk kunnen worden uitgevoerd. Het betrof hier nu slechts één leerling, maar met meerdere zou middels de feedback ook prima gedifferentieerd kunnen worden.

De leerling was blij met de geboden mogelijkheid.

Blogpost Het Nieuwe Leren Edmodo 2014-07-06_1502

En behaalde het resultaat dat hij wenste op de afsluitende toets.

Blogpost Het Nieuwe Leren cijfers 2014-07-06_1512

 


Even eenvoudig een twitter storm veroorzaken. Of niet.

juni 9, 2014

Little Pork Chop 2014-06-09_1013

Vanmorgen kwam ik in mijn krant, of op twitter zoals anderen dat zeggen, een serie tweets tegen van @PeterMcAllister. Het ging over een manier om een tweetstorm te maken, ofwel een aantal tweets achter elkaar over hetzelfde onderwerp. Dit wordt nu gemakkelijker gemaakt door een toepassing met de niet zo toepasselijke naam Little Pork Chop. Je kunt hier een stukje tekst intypen en zien hoe dit over een aantal tweets verdeeld zal gaan worden. Je kunt zelf ook aangeven of je andere indeling zou willen. Een leuke toevoeging is dat je ook de volgorde van de tweets kunt aanpassen, zodat ze in je tijdlijn van boven naar onder zijn te lezen. Meer informatie met een toelichting door de maker zelf is hier te vinden.

Vanmorgen was ik aan het bedenken of ik vandaag weer eens wat korte informatieve tweets zou versturen via het account dat ik vrijwel exclusief gebruik voor mijn leerlingen. Dit omdat er weer toetsen zitten aan te komen de komende weken en deze tweets als trigger kunnen werken voor gerichter en actiever leren. Little Pork Chop lijkt mij een handige toepassing hier.

Zoals moge blijken uit de via Little Pork Chop gemaakte serie tweets van Pierre is hij geen voorstander:

Tweetstorms 2014-06-09_0929

 

Pierre heeft er ook er ook een blogpost over geschreven: Tweetstorms (in een glas water?)

Ik zie wel mogelijkheden. Voor specifieke gevallen. Voor het bereiken van hen die wel twitter gebruiken maar geen blogs lezen. Voor wie het kort moet. Om te voorkomen dat een reactie door zijn beperktheid verkeerd wordt geïnterpreteerd, leidend tot een discussie die vaak eindigt met dat men het toch eens is. Voor uitwisselingen waarvoor je misschien een blog liever niet inzet. Voor het onderwijs dus bijvoorbeeld.

Ik zie dus wel mogelijkheden. Mits met mate gebruikt. :)

 


Dit ga ik morgen doen!

maart 18, 2014

Exit Tickets IMG_3536-xkjm0r …. zou een serie kunnen worden…..

Tijdens mijn “boekloze biologie” lessen met klas 3 maak ik afwisselend gebruik van verschillende typen basis activiteiten die leerlingen stimuleren tot leren tijdens de les. En daardoor minder vóór de toets. En daardoor minder voor de toets.

Dat gaan we morgen weer doen, omdat ik het elke dag een beetje beter wil doen. Omdat ik wil dat mijn leerlingen het elke dag een beetje beter doen.

Morgen gaat dat gebeuren door een paar minuten te besteden aan een formatieve toets test.

De basis activiteit die we morgen gaan doen is “luisteren en kijken naar de docent die iets uitlegt”. Dit gebeurt live, aan de hand van een aantal bronnen, die in dit geval in een SMART Notebook file zijn verzameld, dus niet aan de hand van een vooraf bedachte tekst of een lesplan waar van minuut tot minuut is aangegeven wat de docent doet met welk doel en wat de leerlingen doen met welk doel.

De leerlingen hebben geen boek en maken geen opdrachten. De leerlingen kijken dus ook geen opdrachten na met behulp van een “antwoorden”boek.
De leerlingen luisteren, maken aantekeningen, stellen vragen. Er worden vragen aan de leerlingen gesteld, random, zonder vingers op te steken. Dat is immers verboden!

De leerlingen letten op, want ze hebben geen boek om uit te gaan leren vóór de toets.
De leerlingen letten op, want het is live en de docent weet waar hij het over heeft.
De leerlingen letten op, want vragen stellen mag en gebeurt steeds tussendoor, zowel door de leerlingen als door de docent.
De leerlingen letten op, want de stof is best wel interessant :)

Blogpost poll.mobieltjes.uitslag.425De leerlingen krijgen na afloop de bronnen maar moeten tijdens de les het live gedeelte zien te vangen, op een manier die voor hen werkt. Ze krijgen de plaatjes maar de niet de praatjes.

Tot zover nog niet zo heel veel bijzonders.

Maar dan, aan het eind van de les, dan komen de mobieltjes tevoorschijn!
Er zijn ook een aantal laptops beschikbaar en een aantal chromebooks.

De leerlingen gaat naar m.socrative.com, melden zich aan in de juiste ‘room’ en beantwoorden daar een viertal vragen.

  1. Wat is je naam?
  2. Hoe goed heb je de lesstof begrepen? Een multiple choice vraag.
  3. Wat heb je geleerd hebben tijdens deze les? Een korte geschreven respons.
  4. Wat is het antwoord op de vraag die op het bord staat? Er staat dus een vraag op het bord, deze vraag is vooraf goed doordacht en zoveel mogelijk gericht op het testen van het begrip.

De leerlingen zijn dan klaar en verlaten het lokaal.
De docent stuurt de resultaten van de test, als een handig excel file, naar zichzelf via de email.

Op deze snelle, eenvoudige manier is er een schat aan belangrijke informatie verzameld, waarmee de docent iets kan.
Dat komt omdat de docent nu iets weet, wat hij anders mogelijk alleen maar zou vermoeden.

De docent weet:
– wat de leerlingen geleerd hebben en in hoeverre ze het begrepen hebben.
– waar eventuele moeilijkheden of problemen nog zitten
– dit voor het gemiddelde van de klas
– maar hij weet het ook voor een individuele leerling
– of er verschillen zijn tussen parallel klassen (door de gestelde vragen of de kwaliteit van het live optreden of gewoon omdat ze er zijn)

De docent kan:
– terugkomen op onderdelen die slecht zijn begrepen
– zijn lessen aanpassen voor een volgende groep
– individuele leerlingen gericht(er) ondersteunen
– zijn lesgeven verbeteren (elke dag een klein beetje beter)

Het heet een Exit Ticket en dit is een video van de Socrative versie ervan:

Exit Tickets 2.0 from Socrative Inc. on Vimeo.

Dit is wat ik morgen ga doen. En jij?


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 4.382 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: