Ik zie R

juni 28, 2015

Ik ben mentor van een 4V klas. Ik ben al drie jaar mentor van deze zelfde klas. Ik ken ze een beetje en zij kennen mij een beetje.

In de drie jaar dat ik mentor ben heb ik twee keer de overgangsvergadering voorbereid. Van klas 2V naar klas 3V en van klas 3V naar klas 4V. De overgang is gebaseerd op cijfers en kent een procedure en normen.

Wij hebben zes normen. Wanneer een leerling aan alle normen voldoet wordt de leerling bevorderd naar het volgende leerjaar. Wanneer een leerling aan één norm niet voldoet dan wordt deze leerling hiermee ‘bespreekgeval’. Wanneer een leerling aan twee normen niet voldoet wordt de leerling niet bevorderd naar het volgende leerjaar. Er zijn bijzondere omstandigheden beschreven waarbij leerlingen door teamleider en mentor kunnen worden voorgesteld als ‘bespreekgeval’. Dit kunnen bijzondere omstandigheden zijn zoals ziekte en thuissituatie, of zoals een sterk stijgende lijn in de prestaties die net niet voldoende blijkt.

De groep leerlingen waar ik mentor van ben bestond in klas 2 uit 32 leerlingen. In klas 4 zijn dit er nog 29. Er zijn in die twee jaar een paar leerlingen afgestroomd, zoals dit heet, van vwo naar havo, en door de gekozen profielen in klas 4V zijn er ook leerlingen uit de klas gegaan of er bij gekomen.
Van de 32 leerlingen uit klas 2V zijn er nog 17 dezelfde, met dit verschil dat zij aanzienlijk gegroeid zijn, fysiek zeer zichtbaar.

Ik ben nu bezig met de voorbereiding van de overgangsvergadering die a.s. donderdag of vrijdag zal gaan plaatsvinden, het rooster hiervoor is op dit moment nog niet bekend. Dinsdag ga ik deze vergadering met mijn teamleider voorbespreken. Ik ben nu de cijfers aan het verwerken van de laatste toetsweek, die vrijdag is geëindigd en 8 dagen heeft geduurd. Nog niet alle cijfers zijn binnen, de meeste wel.

Zoals het er nu voor staat gaan 29 van de 29 leerlingen niet besproken worden. 24 niet omdat zij aan alle normen voldoen, 5 niet omdat zij aan twee normen niet voldoen.

Wat gaan wij dan bespreken? Een goede vraag.

Waarover gesproken zal gaan worden, tijdens de vergadering of daarvoor of daarna of alle drie is het aantal leerlingen dat niet bevorderd kan worden. Het zal gaan over B., L, M., N., S.. Maar niet echt. Het zal gaan over de aantallen leerlingen, de percentages, de redenen waarom zij niet eerder zijn ‘tegengehouden’.

Doubleren is niet goed voor de doorstroomcijfers van een school. Doubleren kost geld, 500 miljoen euro per jaar wordt er gezegd. Landelijk worden er in 4V zo’n 10% van de leerlingen niet bevorderd naar 5V. Daar liggen problemen.

Maar ik zie nu geen cijfers en geen percentages. Hoe gek ik ook op ze ben.

Ik zie R.

R. is van klas 2V naar klas 3V bevordert als ‘bespreekgeval’. R. is van klas 3V naar klas 4V bevordert als ‘bespreekgeval’. Bij de overgang van klas 2V naar 3V werd R. afgeraden om het vwo te blijven volgen, havo zou verstandiger zijn. R. legde het advies naast zich neer en ging naar 3V. R. wilde in de bovenbouw heel graag een N-profiel gaan proberen omdat zij daarmee de opleiding zou gaan kunnen doen die zij op dat moment voor zich zag. Bij de overgang van klas 3V naar klas 4V werd haar dit afgeraden. R. legde het advies, na lang twijfelen en een aantal intensieve gesprekken met haar en haar ouders, naast zich neer.

R. ontdekte dat het haar in 4V niet lukte om het gewenste N-profiel succesvol af te ronden. Halverwege het jaar besloot zij van profiel te wijzigen. Nu wist zij het echt zelf, zij had het geprobeerd en het was niet gelukt.

Ook in haar nieuwe pakket heeft R. wiskunde en dat leek een struikelblok te blijven. Met de cijfers van vóór de laatste toetsweek zou R. opnieuw ‘bespreekgeval’ zijn. Maar er is iets in R. gebeurd, iets dat zichtbaar is geworden sinds haar verandering van pakket. Iets dat tijd nodig had. Tijd die zij heeft gekregen door haar zelf te nemen. Ze is zich meer gaan inspannen door het veel duidelijkere doel voor haar ogen.

R. stond niet bekend om haar lach, niet om haar positiviteit, niet om haar bereikbaarheid voor docenten.

Haar interne twijfel werd gevoed door de reacties die zij kreeg.

Ik zag en zie geen cijfers, ik zag en zie geen percentages. Ik zag en zie R.

Zij lacht nog steeds niet uitbundig. R. kijkt wel veel minder vaak alsof er iets mis  is. Ze kijkt minder vaak alsof ze wordt aangevallen en ze zich moet verdedigen. Ze kijkt met veel minder twijfel. Ze kijkt met meer ervaring.

R. is blij met het traject dat zij heeft gevolgd. R is blij met de keuzes die ze heeft gemaakt.

Zij ziet er veel gelukkiger uit.

Wat je ook gaat doen. Het ga je goed R.!

 


 

PS:1 Ik had hier ook kunnen vertellen over I, die ook twee jaar ‘bespreekgeval’ was en nu zal worden gaan bevordert van klas 4V naar 5V zonder enig tekort. Ik zie I. ook.

PS2: Met de 5 leerlingen die aan twee normen niet voldoen heb ik regelmatig gesprekken gehad. Alle 5  hebben aangegeven dat, mocht het toch niet meer goed komen, zij graag zouden doubleren, dus klas 4V nogmaals doen, om zo de kans te behouden het vwo met een diploma af te sluiten. Ik ben groot voorstander van zomercursussen, extra opdrachten, voorwaardelijke overgang, zodat leerlingen die het ‘net’ niet halen niet een volledig jaar hoeven over te doen. Dit (b)lijkt helaas vooralsnog lastig uitvoerbaar.


Laat leerlingen tops en tips geven

juni 25, 2015

Gisteren heb ik hier geschreven over het belang van het motiveren van leerlingen: 10 tips om de leerling te motiveren. Dit was naar aanleiding van een onderzoek door het LAKS en gepubliceerd in Trouw. Eveneens gisteren heb ik op twitter een korte uitwisseling gehad met Arjan van der Meij van De Populier in Den Haag naar aanleiding van zijn tweet:

Blogpost leerlingen geven tops en tips 2015-06-25_0651

Het kan snel gaan.

Vandaag lees ik op Nu.nl (zie onderaan voor de volledige tekst) dat er in de Tweede kamer voldoende steun is voor een voorstel om scholieren op het voortgezet onderwijs mee te laten doen aan de beoordeling van hun docenten. Een voorstel van het LAKS.

Ik ben daar helemaal voorzichtig vóór!

Ik ben van mening dat leerlingen op een bepaalde manier experts zijn in leren. Het is iets dat zij de hele dag doen, of ondergaan. Zij kijken anders tegen bepaalde zaken aan dan docenten, die ook op een bepaalde manier experts zijn in leren, maar vooral doceren.

Van twee kanten bekeken wordt iets altijd beter.

Met de oprichting van het Education Design Lab op onze school hebben leerlingen zelf de eerste stappen gezetten om het gesprek met docenten en school aan te gaan om hun lessen nog beter te krijgen. Zij hebben inmiddels zitting gehad in de sollicitatie commissie voor de nieuwe teamleiders, een groene kaart systeem ontwikkeld om leerlingen meer zeggenschap over hun activiteiten tijdens de lessen te garanderen, en zijn nu bezig met de ontwikkeling van een TOPTIP systeem om docenten van feedback te voorzien.

En daarin schuilt mijn voorzichtigheid. Feedback geven is iets heel anders dan beoordelen.

Er is een verschil tussen scholen de ruimte geven leerlingen een stem te geven en dit van onderop te laten ontstaan en het verplichten van scholen hier iets mee te doen. Het kan heel eenvoudig.

Blogpost leerlingen geven tops en tips 2015-06-25_0713

Ik ben er van overtuigd dat het LAKS, de VVD en de PVDA het goed bedoelen. Ik hoop dat het plan geen beoordelingsinstrument gaat opleveren maar een deelinstrument. Ik hoop van harte dat het deze keer lukt in het onderwijs dit niet te laten verworden tot een papieren tijger en dat de ruimte en het belang van feedback waarover nu wordt gesproken niet gaat worden gevangen in een papieren kooi.

Bij United4Education is er binnen het transitiepad De Leerling Centraal aandacht voor het verzamelen van allerlei initiatieven waarbij de leerling een stem heeft gekregen of bezig is te krijgen in zijn eigen leren. Het delen van voorbeelden is een van de doelen van United4Education om zo positieve ontwikkelingen te verbinden, verbreden en versterken. Een mooie stem is natuurlijk die van de feedback gevende leerling, aan de docent, of aan de school. Ken je meer voorbeelden van leerlingen die docenten feedback dan wil je oproepen ze te delen. Bijvoorbeeld als reactie op dit blog. Of waar dan ook. Wat voor de een volkomen logisch, standaard en geaccepteerd is kan voor de ander een vergezicht zijn dat onbereikbaar lijkt.

De volledige tekst van het artikel op Nu.nl:

In de Tweede Kamer is er steun te vinden voor een voorstel om scholieren op het voortgezet onderwijs mee te laten doen aan de beoordeling van hun docenten.

Het voorstel komt van de belangenbehartiger voor scholieren LAKS.

VVD-Kamerlid Karin Straus wil nu dat de mening van leerlingen onderdeel gaat uitmaken van het personeelsbeleid van de school. Het voorstel kan op steun rekenen van de PvdA waarmee er een meerderheid is in de Tweede Kamer.

“Wij willen graag dat er op scholen professioneel personeelsbeleid wordt gevoerd en dat het oordeel van de leerlingen daar een serieuze rol in krijgt, zij ervaren immer dagelijks hoe er les gegeven wordt”, stelt ze.

LAKS-voorzitter Andrej Josic: “Anderen zien de docenten alleen in de wandelgangen. En als ze bij de lessen gaan kijken zijn die er op afgestemd”, stelt hij.

Uit onderzoek van de Inspectie voor het Onderwijs blijkt dat maar 42 procent van de scholieren zich momenteel gemotiveerd voelt door de docent.

Maatregelen

De invloed voor scholieren is voor LAKS een onderdeel van een pakket maatregelen om de motivatie op te krikken en de kwaliteit van de lessen te kunnen verbeteren.

Sommige scholen gebruiken de input van scholieren nu al. Volgens het LAKS worden op het Maartenscollege in Groningen zelfs al sollicitatiegesprekken gevoerd door de scholieren.

Hoe de scholen de betrokkenheid van de leerling versterken wil de VVD-politica niet precies invullen. Dit mogen scholen zelf bepalen.

Variant

“Je kan dit doen in een milde vorm, door bij de zoektocht naar een nieuwe docent leerlingen te laten meebeslissen bij het opstellen van een profiel, maar je kunt ook denken aan een variant dat je scholieren vraagt of iemand wel of niet een vaste aanstelling krijgt. Of je kunt via enquêtes scholieren vragen om docenten te beoordelen.”

Volgens Straus gaat het de scholieren echt niet alleen om de populariteit van de leraar, maar gaat het juist om de manier van lesgeven.

PvdA-Kamerlid Tanja Jadnanansing is er eveneens erg voorstander van dat jongeren kunnen meepraten over de kwaliteit van het onderwijs.

Feedback

“Daarom steunt de PvdA voorstellen die leerlingen helpen om positieve feedback te geven aan hun docenten. Zo helpen zij leraren om nog beter les te geven en daarmee komen scholieren weer een stapje dichterbij de beste editie van zichzelf te worden.”, aldus Jadnanansing.

Donderdag debatteert de Tweede Kamer over een wetsvoorstel om de inspectie op scholen te verbeteren. Straus zal daarbij haar voorstel om de positie van scholieren bij de beoordeling van docenten wettelijk te verankeren.

 


10 tips om de leerling te motiveren. Motiveren kun je leren.

juni 24, 2015

Motivatie is een krachtige motor voor leren.

Moeten is dat in wat mindere mate.

In zijn overtuigende boek Drive beschrijft Daniel Pink de drie krachten achter het ‘waarom’ mensen iets doen: zingeving, autonomie en meesterschap.

Om leerlingen te motiveren zou het dus goed kunnen zijn om te kijken naar wat hen zin geeft, wat hen autonomie geeft, wat hen een gevoel van meesterschap geeft. Je zou deze drie termen namelijk kunnen samenvatten in één woord: motivatie.

Motivatie is een probleem, of liever, in mijn terminologie, een uitdaging in het onderwijs. Motivatie manifesteert zichzelf in essentie op individueel niveau, maar na het bereiken van een zekere grenswaarde wordt het waargenomen op het niveau van een klas of een leerjaar. En hierbij bedoel ik helaas niet dat motivatie wordt waargenomen en besproken, maar dat vooral het afnemen ervan of het ontbreken ervan wordt besproken. Het schijnt dat er in leerjaar 3 en 4 een flinke dip optreedt.

Een mogelijke start om het gebrek aan motivatie op te lossen is deze vraag aan leerlingen te stellen.

Wat motiveert jou?

In een reeks provinciedebatten vroeg het Landelijk Aktie Komitee Scholieren (Laks) driehonderd leerlingen, komend van negentig middelbare scholen, van alle niveaus, uitgebreid naar hun ervaringen.

Hieronder de resultaten, zoals vandaag gepubliceerd in Trouw.

Ik heb de kop van het verhaal verwijderd. Helaas gaat dat slechts in op een detail. Ook heb ik de inleiding grotendeels weggelaten. Het woord tips is voor mij cruciaal. Je kunt ze lezen als: ‘ja, natuurlijk, dat doe ik al’. Je kunt ze lezen als: ‘ ja, hallo, wie gaat mij vertellen hoe ik het moet doen!’. Je kunt ze lezen als: ‘ja, dat zou ik best wel eens willen gaan doen…”. Het zijn tips.

Uit de inleiding heb ik wel twee zinnen overgenomen. Ter motivatie. 😄

De docent motiveert niet! 

Slechts 42 procent van de scholieren is tevreden over de manier waarop wordt lesgegeven.

 

Tien tips om de scholier te motiveren:

1. Vertel duidelijk waaróm
Heel demotiverend is het als je niet weet wat je met al die lesstof in het dagelijks leven kunt doen. Ook het verband met ‘later’ is belangrijk: wat doe je in hemelsnaam met dit vak na de middelbare school?

2. Koppel de lesstof aan de actualiteit
Scholieren hebben het graag over dagelijkse gebeurtenissen, ze willen die begrijpen en verklaren. Zij zouden graag met de klas naar het nieuws kijken en daarover discussiëren. Ook filosofie is veel genoemd als mogelijkheid om te reflecteren op de buitenwereld.

3. Breng lesstof in de praktijk
Opdrachten uitvoeren bij bedrijven, buurtonderzoek doen of een project buiten school opzetten en uitvoeren. Veel scholieren snakken naar lessen die zich richten op hun latere, professionele leven. Inclusief vaardigheden als solliciteren of presenteren. Vooral vwo’ers willen kennismaken met toekomstige werkplekken.

4. Wees positief, maar geen vriend
Humor en geduld scoren goed. Maar het helpt ook al als een docent zijn leerlingen positief benadert, oog heeft voor de persoon. Veel scholieren geven aan dat zij zich eerder inzetten voor een docent die laat meedenken over de lessen. Ze willen gehoord worden. Maar: een docent is geen vriend of ouder, maar leraar. Orde houden wordt consequent als kerncompetentie genoemd.

5. Varieer met werkvormen
Afwisseling is cruciaal. Altijd hetzelfde doen, zowel binnen een vak als gedurende een dag, gaat enorm vervelen. Zo werkt iPad-onderwijs niet als het alle andere methoden vervangt. Geen enkele scholier wil elk uur bezig zijn op een scherm. Schrijven of lezen uit een boek, een discussie voeren of een mooi verhaal aanhoren zijn ook erg prettige vormen van leren.

6. Gebruik alleen digitale leermiddelen als je weet hoe
Ruim één op de vijf scholieren is ontevreden over het gebruik van ICT op school. Prima als een docent instructiefilmpjes op internet zet, om thuis terug te kijken. Maar dan vooral als hij of zij in de les meer diepgang of individuele aandacht geeft. De grootste ergernis is dat veel docenten geen idee hebben waar ze mee bezig zijn, niet weten hoe zij ICT of apparaten moeten inzetten. Of ze vergeten digitale info te updaten. Liever ouderwetse leermiddelen dan dat de docent digitaal aanmoddert.

7. Beloon goede inzet
Complimenten werken, straf niet, ook al is die terecht. Straf heeft bijna altijd een negatieve invloed op de relatie tussen docent en scholier. Liever zien leerlingen dat zij een keer minder huiswerk krijgen als ze veel moeite hebben gedaan voor een opdracht.

8. Geef scholieren keuzes en daag ze uit
Scholieren bepalen graag zelf op welke manier zij vaardigheden ontwikkelen en kennis opdoen. Zelf leerdoelen stellen en een werkplan maken, motiveert meer dan dat leraren vertellen wat ze moeten doen.

9. Bied meer dan het boek
Vakkennis wordt gewaardeerd, maar nog mooier is het als docenten hun eigen lesstof overstijgen. Veel scholieren geven aan dat zij gemotiveerd raken als docenten meer vertellen dan in het boek staat en kennis aanreiken die verwondert.

10. Sta open voor kritiek
Meedenken met lessen is één ding, het Laks zou graag zien dat docenten ook open staan voor gesprekken over hun functioneren. LED noemen ze dat: Leerlingen Evalueren Docenten. Op het IJburgcollege in Amsterdam kunnen leerlingen al (anonieme) tips en tops geven. Op het Maartenscollege in Groningen voeren leerlingen gesprekken met sollicitanten en bespreken ze hun bevindingen met de schoolleiding voordat de leerkracht wordt aangenomen. Op de Breul in Zeist adviseren scholieren zelfs na een jaar of een docent een nieuw contract verdient.

 

 

 


Mijn persoonlijke waarom

mei 17, 2015

Blogpost Mijn persoonlijke waarom 43315950

Deze blogpost is een antwoord op een hier door Ilse Meelberghs gestelde vraag, ‘benieuwd naar je persoonlijk why…’

Bij mij in de les mag die vraag niet gesteld worden. Waarom?

Je kunt niet vragen: “Waarom is gras groen?”
Je kunt wel vragen: “Waardoor is gras groen?”

Je kunt niet vragen: “Waarom zijn mensen soms niet aardig?”
Je kunt wel vragen: “Hoe komt het dat mensen soms niet aardig zijn?”

Je kunt niet vragen: “Waarom heb ik dit cijfer voor deze toets?”
Je kunt wel vragen: “Hoe is dit cijfer voor deze toets tot stand gekomen?”

Er is geen waarom. Waarom? Er is geen antwoord op de vraag waarom.

Toch wordt die vraag veel gesteld. Waarom? Waarom wordt die waarom vraag zoveel gesteld?

Waarom is een vraag die je eigenlijk nooit zou moeten stellen. Eigenlijk is een woord dat je eigenlijk nooit zou moeten gebruiken. Moeten is een woord dat je eigenlijk nooit zou moeten gebruiken.

Mijn persoonlijke waarom?

Het geeft mij een goed gevoel als ik iets kan doen dat ik zinnig vind. Het geeft mij een goed gevoel als ik iets kan doen dat een beroep doet op mijn meesterschap. op iets waar ik goed in ben. Het geeft mij een goed gevoel als iets kan doen waarvan ik zelf heb bepaald dat ik dat wil doen.

Ik wil graag dingen doen op een manier die leuk is, voor mij en voor de anderen met wie ik ze doen. Ik wil graag plezier maken, voor mezelf en voor de anderen die al dan niet toevallig om mij heen zijn.

Het geeft mij een onplezierig gevoel dat sommigen veel hebben en anderen niet(s). Daar waar ik kan doe ik hier iets aan en mee. Het geeft mij een onplezierig gevoel dat mensen op hun werk hun persoonlijkheid soms zo gemakkelijk inleveren. Daar waar ik kan breng ik dat ter sprake.

Waarom al die dingen mij een goed gevoel geven? Waarom ik die dingen wil doen? Goede vragen! Waarom stel jij ze? Wat zorgt ervoor dat jij ze stelt? Of niet?

Mijn antwoord op de niet te beantwoorden vraag? Waarom? Daarom! :-)

Denk na over de vraag. Ga niet op zoek naar een antwoord.

Fijne zondag!

Andere reacties op de gestelde vraag:
Wanneer wordt een bruggenbouwer een brugwachter


Op pad met het Education Design Lab

mei 9, 2015

WebsterUnvLeidenHDR-e1370354270910

Donderdag ben ik met een aantal leerlingen van het Education Design Lab op pad geweest. Dat heb ik eerder gedaan en dat zal ik vaker doen. Ik heb mij al eerder voorgenomen hier wat vaker over te vertellen. Dat zal ik proberen te doen (het enige dat mij heeft weerhouden, en mogelijk zal weerhouden, is tijd).

De leerlingen van het Education Design Lab zijn, naar aanleiding van de blogpost over het bestaan van het Education Design Lab en een hierop volgend bezoek aan onze school door een aantal geïnteresseerde docenten en schoolleiders, uitgenodigd om op de Webster University in Leiden met een groep studenten in discussie te gaan over het onderwijs  van de toekomst. Of de toekomst van het onderwijs?
Voor de studenten is het de afsluiting van hun vak sociologie, waarbij in deze afsluitende les onderwijs centraal staat.

Hoe gaat zoiets?
Via de whatsapp groep worden de afspraken gemaakt en aangepast. Wat moeten we voorbereiden? Is de eerdere presentatie geschikt die gebruikt is bij MeetUp010 geschikt? We krijgen de tekst van het hoofdstuk uit het dikke sociologie boek dat de studenten moeten voorbereiden voor de les. Is het in het Engels?Indrukwekkend vocabulaire. Wie gaat er mee? Hoe laat begint het? Hoe gaan we er naar toe? Wie is hoe laat waar? Screenshots van mails met informatie over de bijeenkomst worden gedeeld. Het programma van de avond wordt door de betrokken docent een aantal keer aangepast, steeds verder ingevuld en nieuwe screenshots worden gedeeld. Wat is de makkelijkste plek voor iedereen om te ontmoeten? Wat gaan we doen met eten?

Wat mij opvalt?
Het gemak waarmee dit gaat. De snelheid waarmee dit gaat. De positiviteit waarmee dit gaat. Bij elk berichtje dat langskomt in de groep voel ik mij bevoorrecht. Elk berichtje dat langskomt geeft mij zin.
Donderdag was het meivakantie. Deze leerlingen zijn dus in hun vakantie iets gaan doen waar ze niet op beoordeeld gaan worden. Iets gaan doen waar ze geen cijfer voor gaan krijgen. Gewoon. Omdat zij dit willen. Omdat zij willen leren. Omdat zij leren willen delen. Omdat zij van het delen willen leren. Omdat zij autonoom zijn en willen zijn. Tijdens de planning van deze activiteit bleek dat een van de leerlingen van het EDL op vakantie zou zijn en dus niet mee zou kunnen. Hij belde direct zijn moeder en kwam zwaar teleurgesteld terug met het antwoord. Hij kon niet mee, hij moest op vakantie.

De reis.
Om 16.00 afgesproken op het station. De leerlingen komen afzonderlijk en met de auto rijden we naar Leiden. We parkeren en wandelen de stad in. Even langs het geboortehuis van Rembrandt, langs de molen, door de Breestraat, langs de studentenverenigingen, het stadhuis, de terrasjes, Annie’s terras en de zon nodigen ons uit. We eten en praten. We zijn.

annie-s-restaurant-leiden-1(p-restaurant,15693)(c-0)

Bij binnenkomst op Webster University moeten wij ons inschrijven en ons ID nummer invullen. Niet iedereen heeft dat paraat. Even bellen met thuis en binnen drie minuten is alles geregeld.

De les.
De studenten hebben al een uur les gehad voor wij arriveren en hebben even 15 minuten pauze. Naast de leerlingen van het EDL zijn ook twee leerlingen van het LAKS en een politicus met onderwijs als specialisatie aanwezig als experts.
De les begint met het voorstellen van de experts, gevolgd door video over het niet vanzelfsprekend zijn van onderwijs. Brady, een van de studenten, presenteert hierna zijn visie op het hoofdstuk uit het boek, en wordt hierop beoordeeld door een drietal van de leerlingen via een uitgereikte rubric. De beoordeling wordt direct ook mondeling gedeeld met Brady.

De docent geeft hierna een overzicht over het hoofdstuk en stelt vragen aan de studenten. Ik observeer mijn leerlingen. Zij luisteren aandachtig. Er wordt verteld over visies op onderwijs: functionalism, conflict theory, cultural reproduction. (Ja, het was dus in het Engels).
Ik observeer ook de studenten, zij lijken deels ongeïnteresseerd. Een aantal maakt aantekeningen op hun laptop, een aantal op papier, een aantal niet. (Op de weg terug discussiëren wij over de overeenkomsten/verschillen tussen deze visies, het gebruikte vocabulaire, het belang ervan).

De studenten verdelen zich in groepjes van drie. Elk groepje wordt door de docent gekoppeld aan een van de uitgenodigde experts. Er worden twee vragen gesteld over The Future of Education:
What is education for?
What is good education?

De studenten gaan aan de slag. Zij blijken wel degelijk geïnteresseerd en nemen actief deel aan de discussie. (Iets waarover wij op de terugweg discussiëren. Ook mijn leerlingen was het opgevallen hoe actief de studenten werden. Het (te) lang luisteren viel hen mogelijk zwaar?) De studenten betrekken heel vanzelfsprekend de veel jongere leerlingen van het EDL en het LAKS bij hun discussies. De leerlingen van het EDL moeten heel even wennen, vooral aan het Engels, maar doen snel actief mee.

foto 24

Het is een genot om rond te lopen, de discussies te horen en de presentaties te zien ontstaan.

foto 21

De docent neemt ondertussen even waar of de studenten hun ‘huiswerk’ hebben gedaan en noteert dit op haar laptop. Heel terloops, in het voorbijgaan, maar niet onopgemerkt voorbijgaand.

foto 22

De vellen worden voller. Hoe zien wij de toekomst van het onderwijs?

foto 23

De discussies gaan verder. De tijd vliegt voorbij.

Eén van ‘mijn’ leerlingen heeft een bijdrage die mij raakt. Niks ‘out-of-the-box’, niks ‘outside-of-the-box’. Voorzichtig maar tegelijkertijd zelfverzekerd merkt zij op:  “There should be NO boxes“…

foto 25

De groepjes presenteren hun visie op het onderwijs van de toekomst aan de hand van de vragen. Ik zoek ondertussen, net als tijdens het rondlopen, vooral naar de overeenkomsten.

foto 26

Die zijn er.

– Geen cijfers.
– Kleine groepen.
– Minder gebouw-gebonden.
– Socialer
– Meer relevantie. Relatie tot de werkelijke wereld.
– Andere dan standaard  ‘vakken’. Meer overkoepelend. Bv filosofie.
– Meer keuze. Niet ieder leerling wil hetzelfde, kan hetzelfde, hoeft hetzelfde te kunnen.

Na afloop.
De studenten moeten beoordelingsformulieren invullen voor de docent. Wij gaan naar de docentenkamer en bespreken de ervaringen.
– Engels was een initiële belemmering, maar redelijk snel te overkomen.
– Verschillen in niveau kunnen en moeten worden overbrugd. Onderwijs moet hier op inspelen.
– Spreken met leerlingen uit verschillende landen en achtergronden is zeer verrijkend.

Verder? 
Is dit het onderwijs van de toekomst? De toekomst van het onderwijs? Eén van de toekomsten van het onderwijs? Leerlingen van verschillende niveaus, van verschillende scholen, die bij elkaar op bezoek gaan om te leren van elkaar en met elkaar?
Ik heb in ieder geval geleerd gisteren en genoten. Ik zal het zo weer doen als de gelegenheid zich voordoet.
‘Mijn’ leerlingen ook. Zij vonden het een zeer plezierige ervaring om zo gemakkelijk als gesprekspartners en zelfs experts te worden meegenomen in de discussie. Zij zouden het zo weer doen. Het heeft hun ideeën aangescherpt en ze zijn op nieuwe invalshoeken gewezen.
De studenten ook. Zij gaven aan verbaasd te zijn en onder de indruk te zijn van het feit dat leerlingen van een middelbare school in hun vakantie langskwamen om dit te doen. Zij gaven ook aan inhoudelijk van de bijdrage van de leerlingen te hebben geleerd.
Dank je, Pieternel voor de uitnodiging en de ervaring.

Mochten jullie een leerlingen van het Education Design Lab willen spreken dan kan dat. Bijvoorbeeld op 29 mei bij MeetUp010 meets edcampNL. Zij delen graag hun leren. Inschrijven voor die bijeenkomst kan via dit formulier.

PS: Op de terugweg werden mij door een van de leerlingen nog een aantal zeer directe en pertinente vragen gesteld. Deze vragen heb ik ‘beantwoord’ maar zij hebben meer dan de directe antwoorden in mij los gemaakt en mij verder aan het denken gezet. Ik hoop de tijd te vinden hier in een komende blogpost verder op in te gaan. (Als iemand mij hieraan herinnert is de kans groter dat dit ook gaat gebeuren :-) )

 


Leerlingen uitdagen

mei 4, 2015

Ik kwam vanochtend een video tegen op Facebook van iemand die zo mooi en goed 3D kan tekenen dat het moeilijk is je ogen niet te geloven.

Een van de reacties op Facebook was van een docent die suggereerde dat dit iets voor een Daltonweek zou zijn.

Blogpost leerlingen uitdagen 2015-05-04_1553

Mijn eigen eerste gedachte was dat ik dit graag wilde delen met twee leerlingen die voor hun Genius Hour bezig zijn met het zelf maken van optische illusies en het ontdekken van hoe deze werken. Ik wilde hen dit laten zien en kijken of dit voor hen een uitdaging zou kunnen zijn.

Ik wilde deze video dus delen via Facebook maar  deze leerlingen en ik zijn geen vrienden, althans niet op Facebook. Ik moest dus op zoek naar een andere manier van delen. Als eerste probeerde ik de video via Facebook te embedden op mijn blog. Maar dat bleek niet te werken, althans niet voor mijn type blog. Dus ging ik op zoek naar het origineel van de video. Dat bleek redelijk snel gevonden op YouTube. Niet door het zoeken naar de titel overigens maar door het zoeken naar de maker, PortraitPainterPabst. Via het zoeken op de titel kwam ik wel andere, soortgelijke video’s tegen. Ook hele leuke. Zeker een aanrader

Terwijl ik aan het zoeken was dacht ik dit misschien wel iets was om breder dan alleen met deze leerlingen te delen. Ook gezien de opmerking van mijn collega docent. Leerlingen uitdagen! Stel je eens voor dat je leerlingen uitdaagt vergelijkbare tekeningen te maken die een geheel gaan vormen? Een kast met glazen? Een eettafel vol met?

Verschillende soorten gaten?

 

 

Onmogelijkheden?

 

 

Voorbeelden genoeg. Creativiteit en leren gezocht en gevonden :-)

 

 

 


Wat is een edcamp?

mei 3, 2015

EdcampNL logo open 2013-08-10_1924Wat is een edcamp?
Een edcamp is: een ‘onconferentie’ (Engels: unconference), ofwel een door deelnemers gedreven bijeenkomst zonder specifiek programma en met een vrije structuur, waarbij de conferentie in meer of mindere mate wordt ingevuld of tot stand komt tijdens de conferentie zelf. Vooraf wordt mogelijk wel de bedoeling, de richtlijnen en de parameters bekendgemaakt. (bron; Wikipedia).
De Edcamp Foundation omschrijft het als volgt: ”Edcamp is free, democratic, participant-driven professional development for teachers.”

Wat zijn de kenmerken van edcampNL?
– het is gratis voor deelnemers
– deelname is open voor iedereen met een warm hart voor onderwijs
– er zijn géén uitgenodigde sprekers
– er zijn géén commerciële activiteiten
– het thema is onderwijs
– de organisatie wordt gedaan door de deelnemers
– de inhoud wordt bepaald door de deelnemers
– de inhoud van de sessies wordt op de dag zelf pas vastgelegd
– de kosten van de organisatie worden zo laag mogelijk gehouden
– deelnemers nemen hun eigen lunch mee
– deelnemers nemen zoveel mogelijk hun eigen materialen mee

Voor wie is edcampNL?
Voor iedereen die iets met onderwijs te maken heeft. Voor iedereen die zijn kennis over het onderwijs graag deelt of vergroot.
Dat betekent in de eerste plaats leerkrachten en docenten maar ook onderwijs ondersteunend personeel, teamleiders en directieleden. Hiernaast zijn ook mensen actief in jeugdwerk, kunst en cultuur of werkend in bedrijven die een interesse hebben in onderwijs van harte welkom om een bijdrage te leveren.
edcampNL is voor mensen die iets komen delen, brengen of halen, het is uitdrukkelijk niet voor mensen die iets komen verkopen.

Edcamp inschrijfbord img_2448Hoe werkt het op de dag zelf?
Er is een duidelijke tijdsplanning voor de dag, maar de inhoud van de geprogrammeerde sessies wordt bepaald door de deelnemers. Het thema van alle sessies is onderwijs.
Er zal een groot prikbord zijn waarop deelnemers die iets willen presenteren of delen of bediscussiëren dit aangeven in één van de aangegeven tijdsloten. Vervolgens geven alle deelnemers op dit zelfde bord aan bij welke sessie zij aanwezig willen zijn. Bij voldoende interesse gaat een sessie door en er geldt vol = vol.
De tijdsloten zijn 25 minuten met 5 minuten wisseltijd.
Het is heel goed denkbaar dat op de dag zelf de deelnemers naar aanleiding van de opgedane ervaringen of uitwisselingen zelf in groepsverband met elkaar aan de slag gaan.

Waaruit bestaat een sessie?
Een sessie of activiteit kan uit van alles bestaan.
– lezing of presentatie
– discussie
– vraag
– brainstormen
– een praktijkvoorbeeld delen
– kringgesprek
– iets met of door leerlingen
– iets maken
– ………..

Hoe kun je zelf bijdragen aan een edcamp?
– door mee te helpen bij de organisatie vooraf
– door mee te helpen bij de organisatie op de dag zelf
– door ideeën aan te leveren, wat zou jij wel/niet willen zien?
– door zelf een sessie te verzorgen
– door te sponsoren of sponsors te helpen zoeken
– door materialen aan te leveren
– door een geschikte locatie aan te leveren
– door catering te verzorgen 
of hierbij te helpen
– door te helpen informatie over het edcamp te verspreiden!


Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 4.202 andere volgers

%d bloggers op de volgende wijze: