Stukkie wandelen

juni 25, 2019

 

Zaterdag 22 juni 2019 heb ik de Marathon rond Sneek en meer gewandeld. Dit was de 5e keer dat deze Marathon werd georganiseerd en de 5e keer dat ik deelnam. Ze waren allemaal bijzonder, steeds om een verschillende reden, deze dus ook.

Om dat plezierig te kunnen doen hebben we, zoals ook in de voorafgaande vier jaren, een huisje in de buurt gehuurd voor het weekend (Huisje bij de Molen deze keer) en zijn we daar vrijdagmiddag naar toe vertrokken. Gelukkig had ik in de middag geen verplichtingen op school en konden we lekker op tijd daar aanwezig zijn.

Na ons te hebben geïnstalleerd, begroet door twee lieve viervoeters waarvan die ene van ons helaas niet zoveel moest hebben, besloten we te gaan eten op een mooie plek, Rufus aan het water, onderdeel van de route van de Marathon. We gingen daar niet heen voor het lekkere eten, wel voor de mooie plek, midden tussen de weilanden, buiten aan het water de boten voorbij zien komend.

Op de terugweg naar ons huisje kwamen we langs Scharnegoutum en moesten daar over een brug over het water, niet ongewoon in Friesland. Daar stonden een paar mensen en ik bedacht me ineens waarom: Maarten!

We besloten te stoppen en zochten een plekje langs het water. Uit alle informatie via dat magische internet en die soms toch wel handige mobieltjes begrepen we dat het nog ongeveer twee uren zou duren voor Maarten! langs zou komen. Langzamerhand werd het steeds drukker, gezelliger, we kletsten een beetje met mensen met viervoeters, met mensen met kinderen, met kinderen. Maar vooral luisterden en keken we. We waren getuige van en maakten deel uit van een saamhorigheid die niet over te dragen is en niet te vangen is in woorden zoals ‘je had erbij moeten zijn’.

En toen kwam Maarten! voorbij.

Heel dicht voorbij.

Een bedrieglijk schijnbaar trage slag, armen hoog boven het water, het gezicht naar ons toe, mond open voor adem. Arm in, arm uit, adem in, adem uit.

Ik zal dat beeld nooit vergeten (foto genomen door mijn vrouw).

Boten voor hem en boten echter hem. Enthousiaste mensen in de boten die de enthousiaste mensen langs de kant toezwaaiden en terug. Die mensen in die boten deden het voor Maarten! en Maarten! deed het voor hen. Die mensen aan de kant deden het voor Maarten! en Maarten! deed het voor hen.

Om half zes vrijdagavond was hij vertrokken, rond zeven uur maandagavond zou hij finishen. Dat was het plan. Zou het dit jaar lukken?

Wij vertrokken, nadat we ieder ander de tijd en ruimte hadden gegeven om te vertrekken, naar ons huisje. Ik had moeite de slaap te pakken, onvoldoende moe, teveel prikkels.

Op zaterdag startte ik om 08.00 uur, in de eerste startgroep. Ik was minder voorbereid dan in de voorafgaande vier edities omdat ik te vaak domme beslissingen had genomen wanneer het ging om te gaan wandelen of iets anders te gaan doen wat op dat moment ook belangrijk leek. Dat tweede was ook vaak verleidelijker omdat dat zittend kon worden gedaan en er kon worden beargumenteerd dat het een groter belang diende. Mijn lijf was er niet klaar voor zoals eerder en mijn hoofd wist dat.

Normaliter maak ik van wandelen toch een soort wedstrijd, een uitdaging, hoewel dat niet zo zou hoeven of moeten, vind ik zelf. Het is schijnbaar toch hoe ik ben. Doelen stellen en halen.

Het doel nu was te finishen. Opgeven is nooit een optie. Dat was het ook nu niet, maar voor het eerst kwam het wel een paar keer in mij op. Steeds moest ik dus iets verzinnen om dat niet te gaan doen. Vaak was dat Maarten! die niet ver bij mij vandaan aan het zwemmen was. Dat wist ik, ik had hem gezien. Even zo vaak was dat de vrouw die met mijn viervoeter langs de kant stond en mij voorzag van water en energie in de vorm van bananen en evergreens en een kus.

Ik haalde de finish, had er langer over gedaan dan de eerste vier deelnames, zou me daar misschien trots over mogen voelen maar dat valt me zwaar.

Maarten! haalde de finish ook, twee dagen! later, glansrijk. Hij stapte uit het water en gaf helder antwoord op de hem gestelde vragen. Hij zwom bijna 5 keer de afstand die ik liep.

Waarom dit stukkie over wandelen?

Wanneer je 8 uur wandelt heb je tijd om te denken. Al een aantal jaar denk ik na over het volgende en dit jaar ga ik het mogelijk doen:

  1. Ik loop van mijn woonplaats naar mijn werkplaats, de afstand is 35 km
  2. Ik geef les, hoeveel  uren en aan wie weet ik nog niet, ik zal proberen er die dag iets over effecten van sporten in te betrekken (in de eerste versie van mijn rooster voor komend jaar is dit van 08.15 tot 16.45 uur)
  3. Ik loop terug van mijn werkplaats naar mijn woonplaats
  4. Dit alles binnen 24 uur, totaal dus 70 km wandelen en een nu nog onbekend aantal uren les geven
  5. Stap 1: start om 00.00 uur en arriveer om 07.00 uur
  6. Stap 2: ik geef les
  7. Stap 3: ik vertrek om 17.00 uur en arriveer om 00.00 uur

De voorwaarden en afspraken:

  1. Ik wil geld ophalen voor EduKans, om kinderen over de hele wereld de kans te geven om te leren (zie de video hieronder)
  2. Ik ga lopen wanneer er door of via mijn mentorklas of andere kinderen die ik lesgeef of collega’s of vrienden minstens € 1000 is verzameld
  3. Ik zal het verzamelde bedrag zelf verdubbelen (met een maximum van één maandsalaris 😜)
  4. De datum is vrijdag 4 oktober, Werelddierendag, de verjaardag van mijn vrouw en de dag van Sint Franciscus

PS1: ik kan zelf niet zwemmen

PS2: ik kreeg direct al hartverwarmende verzoeken hoe er gedoneerd kan worden. Daar had ik nog niet over nagedacht. Het kan naar rekeningnummer:

NL71 INGB 0678 8410 20, onder vermelding van WANDELEN

Betalen kan inmiddels ook via een open tikkie:

https://tikkie.me/pay/q5eueb5f61dji90ka3lm

PS3: Op verzoek zal ik hier regelmatig het opgehaalde bedrag met datum vermelden.

12 aug: € 807,00

Dank je!

Streefbedrag: € 1000,00 -> € 2000,00

PS4: Mij is gevraagd wat mijn maandsalaris is 😜:

€ 3323,71

Advertenties

Leraar zijn is een prachtberoep

december 15, 2018

Ik heb afgelopen week weer genoten van mijn baan als leraar. Genoten van de interacties tijdens de lessen, de vragen, de verhalen van de kinderen zo even tussendoor. Ik heb genoten van de schitterende presentaties van de Profielwerkstukken aan de ouders. Genoten van de kwaliteit en diepgang die zij toonden en de trots in de blikken van de ouders. Ik heb gelachen met de kinderen, wij hebben elkaar weer een beetje meer gezien via flauwe grappen en kleine woordjes hier en daar.

Leraar zijn is een #prachtberoep. 

Ruim twee jaar geleden schreef ik hier over positief schrijven onder onderwijs.

Goed nieuws is geen nieuws.

Nuances leveren geen headlines.

Wanneer het onderwijs in het nieuws komt is dit ‘dus’ meestal negatief.

Twee weken geleden kreeg ik onder die post de vraag hoe het ermee stond, dat positief schrijven over onderwijs plan.

Beste Frans,

Mede na het zien van het item over bedreigde leraren / docenten in De wereld draait door van woensdag 28 november is bij mij het positieve vuur ontwaakt! Het moet een keer afgelopen zijn met de negatieve beeldvorming van (werken in) het onderwijs. Ik heb gisteren de redactie van De wereld draait door een uitnodiging gestuurd om bij hen aan tafel de komen zitten om een realistisch positief beeld van (werken in) het onderwijs neer te zetten. Tot op heden geen reactie. Wel heb ik van het plaatselijke Rotterdamse huis aan huis blad de toezegging dat ik op reguliere basis een positief verhaal over het Rotterdamse onderwijs mag schrijven.

Wat is de huidige status van dit item “positief schrijven over onderwijs” en kunnen wij daar samen misschien iets in betekenen?

Annemieke van Dillen

Die vraag kon ik niet direct beantwoorden.

Hoi Annemieke,

Ik weet niet wat de status is.
Ik kan slechts persoonlijk het positieve blijven benadrukken op een voor mij realistische manier.

Wat iedereen daarin kan betekenen is hetzelfde doen en blijven doen en opnieuw doen. Onverbiddelijke oprechte aardigheid.

Wat iedereen kan doen is even wachten met het reageren als de emotie hoog is en de formulering niet opbouwend.

Wat iedereen kan doen is wat er mooi is delen. Wat er fijn voelt delen. Wat doet glimlachen delen. Hoe ‘klein’ ook.

Ik zal deze post nogmaals delen. Ik hoop dat velen ons volgen door het delen van een like te voorzien, liefst met een eigen commentaar, van en retweet te voorzien van een eigen woordje, of veel liever nog een eigen verhaal.

Mocht er iemand iets willen schrijven en geen blog hebben: ik plaats het graag.

Met hartelijke groet,
Frans

Hieronder een stuk uit De Havenloods met de oproep van Annemieke. Ik deel het stuk graag.

Annemieke vraagt mensen mooie verhalen over het onderwijs te delen

Rotterdam – Annemieke van Dillen is docent op Hogeschool Rotterdam en actief in Broedplaats010. Ze heeft genoeg van de negatieve berichten over het onderwijs en stuurde deze oproep naar De Havenloods.

‘Woensdagavond 28 november ontwaakte het vuur in mij en nam ik het volgende besluit: Het imago van (werken in) het onderwijs moet echt verbeteren! In een item van DWDD werd (werken in) het onderwijs negatief neergezet. Het item was een reactie op de opening van het NOS-journaal ‘een kwart van de docenten is slachtoffer van geweld door leerlingen’. DWDD deed er nog een schepje bovenop. Twee MBO-leraren vertelde laconiek over hun eigen ervaringen met verbaal en fysiek geweld. Hun reactie vond ik volkomen misplaatst. Bovendien begrijp ik niet dat zij vergeten zijn om ook de mooie kanten van (werken in) het onderwijs te benoemen. Zelf werk ik al jarenlang als docent. Werken in het onderwijs (lees; medeverantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van jongeren) is een van de mooiste en meest zinvolle beroepen die je kan uitoefenen. Waarin iedere dag hele mooie en waardevolle dingen gebeuren. Deze worden naar mijn mening onvoldoende belicht in de media. Met dit artikel doe ik een oproep aan alle lezers van De Havenloods om positieve ervaringen te delen. Met elkaar kunnen wij ervoor zorgen dat het imago van het onderwijs realistisch positief wordt!’

Je kunt positieve verhalen delen via de Facebookpagina ‘Onderwijs010 positief zien’ en natuurlijk bij De Havenloods via redactie.hl@persgroep.nl of op onze facebookpagina.

 


Flash Forward: 5 minuten de toekomst in

november 30, 2018

Wat is het dat jij wilt dat jouw leerlingen zich nog herinneren, nog weten, nog kunnen?

Een vraag waar je misschien wel eens even aan denkt maar waarover je zelden of nooit de tijd neemt om werkelijk over na te denken.

Het is een essentiële vraag, een vraag die je ook aan je leerlingen kunt stellen.

Wat is het jij wilt dat jij je nog herinnert, nog weet, nog kan?

Hoe vaak je ook reflecteert over wat je wil dat leerlingen leren en onthouden je vraagt het nooit aan de leerlingen. Waarom hen ook niet de kans geven hierover na te denken en hierover een antwoord te formuleren?

Je kunt dit omzetten in een activiteit in de klas. Aan het eind van een periode stel je leerlingen eens deze vraag:

Flash Forward: Wat wil jij nog weten?

Nu je dit onderwerp hebt gevolgd wat is nu het belangrijkste dat je over 10 jaar nog wilt weten (en waarom)?

Je kunt je leerlingen vragen naar één ding of naar een paar (met een maximum van 5 bijvoorbeeld) en de tijdseenheid aanpassen naar elke hoeveelheid die jij passend vindt (één jaar, vijf jaar, twintig jaar?).

Flash Forward heeft een aantal voordelen voor jouw leerlingen.

  • Zij zijn bezig met Retrieval Practice. Door specifiek naar één ding te zoeken in hun geheugen zullen ze dit nog beter gaan onthouden.
  • Zij zijn bezig met Spacing. Ze moeten het gehele onderwerp terughalen uit hun geheugen en het langslopen.
  • Zij zijn bezig met Metacognitie. Ze reflecteren op wat ze nog weten en ook op wat ze zijn vergeten.

Flash Forward heeft een aantal voordelen voor jou als leraar.

  • Je bouwt (verder) aan een ondersteunde cultuur in de klas rondom het proces van leren
  • Je krijgt feedback over de onderdelen die voor de leerlingen het meest waardevol blijken
  • Je genereert tijd voor zelf-reflectie en inspiratie voor de volgende periode of het volgende jaar

Gebruik Flash Forward, al is het maar voor 5 minuten. Het kan in elke klas, op elke niveau worden gebruikt. Laat leerlingen je verrassen met hun inzichten. Tijdens de discussie zullen leerlingen elkaar herinneren aan andere onderdelen of aan verbanden met andere onderwerpen. Zij zullen actief bezig en mogelijk zelfs jou de vraag stellen. Wat is jouw Flash Forward? Heb jij je antwoord dan/al klaar?

Update: hoe kun je Flash Forward nog effectiever inzetten?

Door leerlingen te laten delen.

  1. Leerlingen denken na over of schrijven hun Flash Forward op
  2. Leerlingen gaan tegenover elkaar staan of zitten
  3. Leerlingen delen hun Flash Forward
  4. Leerlingen schuiven een plaats op en delen opnieuw hun Flash Forward
  5. Leerlingen nemen deel aan een gezamenlijke discussie in de klas over de genoemde thema’s en de reacties hierop

Een waardevolle toevoeging aan de originele vraag is de leerlingen nog twee vragen te stellen.

  1. Hoe ga jij je dat ene ding herinneren?
  2. Wat ga je doen om te zorgen dat je het niet vergeet?

Bron: Retrieval Practice: flash-forward-what-do-you-want-to-remember-10-years-from-now

 


Drie redenen om niet bang te zijn ‘desirable difficulties’ te gebruiken

november 4, 2018

Ja, retrieval practice, spacing en feedback kunnen mogelijk ‘intimiderend’ overkomen. Dat mag echter geen reden zijn ze niet te gebruiken.

Wanneer het over leren gaat leiden eenvoudige strategieën tot korte-termijn leren. Langzamere, meer-eisende strategieën leiden tot lange-termijn leren.

‘Desirable difficulties’ (gewenste moeilijkheden), zoals retrieval practice, spacing en feedback  dagen uit tot leren en dat is goed!

Wees dus niet bang om ze te gebruiken! Hier zijn drie redenen waarom niet.

1. We gebruiken ze al in ons klaslokaal.
Uit het geheugen terug laten halen wat leerlingen al weten, dit verspreidt over de tijd doen, feedback geven, het gaat als vanzelf, zonder nadenken. Het zijn intuïtieve strategieën en daarom zijn ze eenvoudig en flexibel. Deze strategieën zijn niet nieuw en stevig ingebed in onderzoek dat aantoont dat zij een significant positief effect op leren hebben. Maar toch… doen we het wel zo vaak als we zouden willen? Haal het stof van je boeken en de twijfels uit je hoofd en gebruik deze strategieën die bewezen werken

2. Het is niet nodig meer tijd aan nakijken te besteden.
Gatver! Nakijken! Een vaak gevoelde noodzaak die meer pijn dan plezier brengt. Leiden retrieval practice, verspreiden over de tijd of feedback tot het toenemen van de tijd besteed aan nakijken? Nee! Integendeel, gebruik maken van deze strategieën op een zo cijfer-loze manier als mogelijk verlaagt het belang van een test en vergroot het leren. Er is geen reden om papier te verzamelen, punten toe te kennen of iets in een cijferprogramma in te vullen.

3. Je bespaart tijd in de klas, je verspilt het niet.
Leerlingen betrekken in een activiteit die slechts een paar minuten duurt haalt een paar nootjes uit een zak vol tijdens de les. Op de langere termijn levert dit ineens, alsof het magie is, een heerlijke chocolade reep vol nootjes. Bam! Met andere woorden, wanneer leerlingen betrokken actief zijn in een retrieval practice activiteit gedurende een paar minuten onthouden zij meer en langer en hoef jij als docent minder later opnieuw te laten leren. Daarvan kun je verzekerd zijn!
Bron: https://www.retrievalpractice.org/strategies/2018/10/31/halloween

Actief aan de slag met Retrieval Practice

september 8, 2018

Bij leren wordt vooral gedacht en gewerkt aan het zorgen dat informatie de hoofden van onze leerlingen inkomt. Minstens zo belangrijk natuurlijk is dat die informatie er ook weer uitkomt.

‘Retrieval practice’ is een leerstrategie die gericht is op het informatie ook uit de hoofden van onze leerlingen krijgen en zo het leren te versterken. Door zeer regelmatig actief informatie terug te roepen wordt het geheugen voor deze informatie versterkt en wordt vergeten verzwakt.

Retrieval practice is een veel onderzochte, aantoonbaar effectieve en eenvoudig uit te voeren manier van leren.

Hier is een voorbeeld van een zeer actieve retrieval strategie die gebruikt kan worden en die slechts een vijf- tot tiental minuten van de les in beslag neemt. Leerlingen reflecteren hier op hun metacognitie als klas, niet alleen individueel.

Actief aan.de slag met Retrieval practice via de Metacognitie Rij:

  1. Leerlingen verzamelen aan een kant van het klaslokaal. De leerkracht noemt een kernbegrip of concept en leerlingen proberen in stiltje de informatie die zij hierover bezitten terug te halen in hun hoofd.
  2. Leerlingen bepalen zelf hoe goed hun begrip is en verplaatsen zich naar een van de drie posities in het lokaal, waarbij zij tegelijkertijd een rij vormen. Zij baseren hun keuze op metacognitie en geven hun antwoord nog niet. De posities zijn gemarkeerd als ‘Zelfverzekerd teruggehaald’ aan een kant, ‘Soort van teruggehaald’ in het midden en ‘Kan het niet terughalen’ aan de andere kant. (De Engelse termen zijn: “Confidently Retrieve It”, “Kind of Retrieved It” en “Can’t Retrieve It”)
  3. Leerlingen bespreken met de leerling die het dichtst bij hen staat wat zij weten of denken te weten over het begrip of het concept, gedurende twee minuten.
  4. Leerlingen gaan vervolgens in contact met de leerling die zo ver mogelijk bij hem vandaan staat en delen, discussiëren, onderwijzen en leren, gedurende opnieuw twee minuten.
  5. De leraar vraagt vervolgens aan de leerlingen die de informatie in eerste instantie niet konden terughalen wat zij geleerd hebben en aan de leerlingen die de informatie zelfverzekerd terughaalden of hen overeenkomstige misvattingen zijn opgevallen.

De Metacognitie Rij werkt snel en zorgt ervoor dat leerlingen opstaan en bewegen. De Metacognitie Rij is bij alle niveau’s en alle onderwerpen te gebruiken en brengt Retrieval practice, Feedback en Metacognitie op een eenvoudige en plezierige manier de klas in.

Dus…, doe het gewoon ergens in de komende weken en betrek leerlingen actief bij Retrieval practice, in slechts een paar minuten van een les.

Ik ga het in elk geval doen deze komende week, bij een aantal van mijn klassen. We gaan actief aan de slag met leren.

Bron:
– Retrieval Practice – Try Metacognition Line Up for retrieval practice and peer feedback

PS: Een van de doelen voor dit schooljaar voor mijzelf is het hier delen van leerstrategieën waarvan aangetoond is dat zij een positief effect op leren hebben, met speciale aandacht hoe deze in de dagelijkse praktijk toe te passen. Weten wat werkt en hoe dit toe te passen in de klas. Deze post is de tweede in deze serie. De eerste was Hoe kun je leren versterken zelfs op de eerste dag van het schooljaar. Een uitgebreidere toelichting en een overzicht hoop ik later te schrijven.


Hoe kun je leren versterken, zelfs op de eerste dag van het schooljaar?

augustus 26, 2018

De scholen zijn alweer gestart of gaan weer starten en in de eerste uren, dagen en weken staat leraren weer een hoop te doen: relaties opbouwen, klassen vormen, materialen organiseren, programma’s afstemmen, zorgen dat de koffiepot gevuld blijft…

Ondanks dat is het mogelijk al vanaf het eerste dag een paar minuten retrieval practice in te voegen in de les. Geen planning en geen cijfers – gewoon alleen leren.

Bij leren wordt vooral gedacht en gewerkt aan het zorgen dat informatie de hoofden van onze leerlingen inkomt. Minstens zo belangrijk natuurlijk is dat die informatie er ook weer uitkomt.

‘Retrieval practice’ is een leerstrategie die gericht is op het informatie ook uit de hoofden van onze leerlingen krijgen en zo het leren te versterken. Door zeer regelmatig actief informatie terug te roepen wordt het geheugen voor deze informatie versterkt en wordt vergeten verzwakt.

Retrieval practice is een veel onderzochte, aantoonbaar effectieve en eenvoudig uit te voeren manier van leren.

Hier zijn drie voorbeelden van retrieval strategieën die al op de eerste dag van de lessen gebruikt kunnen worden en die slechts en paar minuten in beslag nemen.

  1. Twee Dingen. Vraag leerlingen zich twee dingen te herinneren van het afgelopen schooljaar, twee dingen die zij in de vakantie geleerd hebben, twee dingen die ze al weten over de stof van het komende schooljaar
  2. Geheugen Dumps. Laat leerlingen in een minuut alles opschrijven wat zij zich kunnen herinneren over een bepaald onderwerp of al weten van een onderwerp dat dit jaar nieuw gaat zijn. In een biologie klas kan dit bijvoorbeeld zijn alles over voortplanting of evolutie.
  3. Warm Ups. Om kennis te maken zijn ijsbrekers prima maar Warm Ups beter. Leerlingen halen hun eigen informatie en ervaringen terug via grappige vragen die leiden tot een korte discussie of een stemming in de klas. Wat is je minst favoriete ijsje? Waar in de wereld zou je het liefst naar toe reizen en waarom? Zou je liever een zeilboot of een luchtballon hebben en waarom? Welk dier zou een goede muzikant zijn en waarom?

De discussie die volgt na deze activiteiten zorgt voor feedback, die zo belangrijk is voor het leren. Het is aangetoond dat het terughalen van informatie leren verbetert, zelfs voor gerelateerde informatie die niet direct zelf is teruggehaald.

Dus, doe het gewoon en betrek leerlingen direct vanaf dag een bij retrieval practice, in slechts een paar minuten.

Ik ga het in elk geval doen deze komende eerste week, bij al mijn klassen. Ik zal de Twee Dingen en de Geheugen Dumps gebruiken, de Warm Ups dus niet.

Bronnen:
– Retrieval Practice – One Minute
Retrieval Practice – Two Things
Retrieval Practice – Brain Dumps
Retrieval Practice – Warm Ups

PS: Een van de doelen voor dit schooljaar voor mijzelf is het hier delen van leerstrategieën waarvan aangetoond is dat zij een positief effect op leren hebben, met speciale aandacht hoe deze in de dagelijkse praktijk toe te passen. Weten wat werkt en hoe dit toe te passen in de klas. Deze post is de eerste in deze serie. Een uitgebreidere toelichting en een overzicht hoop ik later te schrijven.


Motiveren is te leren – recensie

juli 26, 2018

 

Motiveren is te leren, Uitgeverij SWP 2018, geschreven door Dirk van der Wulp, is een heel praktisch boek. De schrijver koppelt zijn eigen langjarige ervaringen als docent en mentor aan een grondige wetenschappelijke onderbouwing en beschrijft hoe je de motivatie van leerlingen bij hen kunt terugbrengen. Via concrete voorbeelden wordt getoond hoe de suggesties die de wetenschap biedt een plaats kunnen krijgen in de dagelijkse praktijk in de klas.

Het motiveren van leerlingen is een dagelijkse strijd voor veel mensen werkzaam in het onderwijs. Leerlingen willen wel leren maar niet altijd wat hen wordt aangeboden of op het moment dat het hen wordt aangeboden of hoe het hen wordt aangeboden. Er is voor veel leerlingen zoveel meer dat speelt in hun leven dat zij naar school gaan vooral als een verplichting ervaren die met zo min mogelijk inspanning ondergaan dient te worden.

In het boek wordt getoond dat het stellen van drie verhelderende vragen de motivatie van leerlingen kan aanwakkeren. Die vragen zijn terug te leiden op de wetenschap en komen in verschillende vormen aan bod in andere boeken over het geven van effectieve feedback. Wat wil je? Wat doe je al? Wat ga je doen om te komen waar je wilt komen? Deze vragen worden op drie niveau’s gesteld: taak, proces en zelfregulatie.

Het stellen van deze vragen alleen is nog niet genoeg wordt betoogd. Om ze werkelijk waardevol te kunnen maken is het nodig de leerlingen te laten voelen dat ze ook op school zeker een bepaalde mate van autonomie hebben en dat in verbondenheid haalbare doelen gesteld en bereikt kunnen worden. Om leerlingen werkelijk te motiveren is het nodig om in je didactiek hier zeer bewust mee om te gaan.

Het boek kent een hele duidelijke indeling, waarbij de eerste vier hoofdstukken gaan over de theorie en de onderzoeksresultaten die in meer of minder mate bruikbaar zijn om motivatie te vergroten: zelfdeterminatie, oplossingsgericht werken, feedback en groeimindset, In het vijfde hoofdstuk worden deze samengebracht. Elk hoofdstuk laat voorbeelden uit de praktijk zien en eindigt met een zeer bruikbare sectie ‘concreet in de klas’.

Bij het boek hoort ook de website motiveren is te leren met aanvullende materialen.

Bestellen
– bij de uitgever Uitgeverij SWP

Inhoudsopgave
1. De zelfdeterminatietheorie
2. Het oplossingsgericht werken
3. De kracht van feedback
4. Op weg naar een groeimindset
5. Eenheid in verscheidenheid, de integratie

Over de auteur
Dirk van der Wulp is 38 jaar biologiedocent geweest en 36 jaar klassenmentor. Hiernaast is hij 25 jaar actief geweest als schoolcounselor. Hij geeft trainingen Oplossingsgericht Werken en Excellent Gemotiveerd aan docenten, mentoren en leidinggevenden.


%d bloggers liken dit: