De 2 – 4 – 8 methode, om aan het denken te zetten

januari 4, 2017

 

2-4-8-maxresdefault

Gisteren schreef ik hier over de 2 – 4 – 8 methode, om leren te vermeerderen. Bij het zoeken naar een geschikte afbeelding om bij deze blog te plaatsen kwam ik op het internet bovenstaande zwart-wit opeenvolging van de cijfers 2, 4 en 8 tegen, gescheiden door komma’s. Ik heb de afbeelding wel opgeslagen, maar uiteindelijk niet gebruikt en ervoor gekozen zelf de afbeelding hieronder te maken.

2-4-8-xl-design-2017-01-03_1814

De blog kreeg een aantal reacties op verschillende sociale media en één ervan ging vergezeld van de zwart-witte opeenvolging van de komma-gescheiden getallen 2, 4 en 8.

2-4-8-de-video-2017-01-04_0630

In deze afbeelding staat als extra een wit-omrandde blauwe cirkel met hierin een naar rechts-wijzende driehoek, het symbool dat aangeeft dat klikken hierop tot het afspelen van een video leidt.

Deze video blijkt niets te maken te hebben met de 2 – 4 – 8 methode, om leren te vermeerderen. Of misschien toch wel iets? Kijk zelf maar.

Ik vind de video sowieso zeer waardevol en hij lijkt me zeer goed bruikbaar op aardig wat verschillende plaatsen in het onderwijs.

 


De 2 – 4 – 8 methode, om leren te vermeerderen

januari 3, 2017

2-4-8-xl-design-2017-01-03_1814

Een van de werkvormen die ik mijn boekloze klas 3 lessen regelmatig gebruik is de wat ik heb genoemd: de 2 – 4 – 8 methode om leren te vermeerderen. Deze methode is niet gebonden aan een bepaalde inhoud en daarmee geschikt voor elk vak. Zij is eenvoudig toe te passen.

Wat het is

Les 1. De leerlingen voeren tijdens de les in tweetallen een opdracht uit. Deze opdracht bestaat uit het schrijven van een verhaal over een onderwerp, waarvoor zij al dan niet verdere informatie via instructies of bronnen voor krijgen. De instructies kunnen bijvoorbeeld bestaan uit een aantal begrippen die in het verhaal moeten voorkomen of de antwoorden op een aantal vragen die in het verhaal moeten voorkomen. De bronnen kunnen bijvoorbeeld bestaan uit specifieke websites met tekstuele informatie, online nieuwsberichten of video’s waaruit relevantie informatie te halen is. De tweetallen schrijven hun verhaal in een gedeeld Google Drive document.

Les 2. De tweetallen worden gecombineerd tot viertallen. Zij lezen elkaar’s verhaal, lichten waar nodig toe aan elkaar en beantwoorden vragen van elkaar. Vervolgens creëren zij als viertal een nieuw, verbeterd document.

Les 3. De viertallen worden gecombineerd tot achttallen. Zij lezen opnieuw elkaar’s verhaal, stellen vragen aan elkaar en beantwoorden deze. Er wordt weer een nieuw, derde, tweemaal verbeterd document gecreëerd.

Hoe het werkt

Tijdens les 1 werken de leerlingen aan twee computers, of liever nog één computer (Tweetallen zijn effectiever achter de computer). Zij krijgen de opdracht en de eventuele bronnen digitaal ter beschikking. De leerlingen hebben allen reeds een Google Drive account en in een eerder stadium hebben zij een map aangemaakt die zij delen met de docent. In hun mappen plaatsen zij hun gezamenlijke document. Tijdens de les loopt de docent rond en beantwoord vragen of geeft tips. De docent kan ook vanachter zijn computer live in de documenten van de samenwerkende leerlingen kijken en daar directe feedback geven. Aan het eind van de les dient ieder lid van elke groep in staat te zijn kort het verhaal dat zijn groep geschreven heeft te vertellen. Tijdens les 2 en 3 zijn de activiteiten grotendeels hetzelfde.

Toevoegingen

De hier genoemde lessen hoeven natuurlijk geen volledige lesuur te beslaan of kunnen ook meer dan een lesuur beslaan.

Er kan ook een 1 – 2 – 4 methode van gemaakt worden, deze mist in de eerste stap dan wel de samenwerking en er ontstaan minder interacties die leiden tot verdieping en verbetering.

Er kan een combinatie opdracht van worden gemaakt waarbij in de eerste en/of tweede les niet alle groepjes dezelfde opdracht krijgen, doordat zij bijvoorbeeld niet dezelfde woorden krijgen, niet dezelfde vragen of niet dezelfde bronnen.

Het staat leerlingen natuurlijk altijd vrij meer bronnen te raadplegen dan de aangereikte.

De opdrachten dienen in het algemeen aan het eind van de les te zijn afgerond. Dit zorgt voor focus en betrokkenheid tijdens de les. Zeker wanneer leerlingen dit verzoeken, aan het eind van een les, is het een goede optie de tijd tot afronden te verlengen.

Aan het eind van de serie van drie lessen volgt in het algemeen een digitale test, waarbij wordt gemeten hoeveel de leerling weet en waar mogelijk nog hiaten zitten in kennis of begrip. Deze test kan zijn voor een cijfer of gebruikt worden als indicator.

De toegevoegde waarde van ict de 2 – 4 – 8 methode om leren te vermeerderen is groot en zit in de mogelijkheden gemakkelijk samen te werken, live aanpassing te maken, video te gebruiken, actualiteit via online bronnen te gebruiken, en de kracht van feedback zowel tijdens de lessen als daartussen in te zetten. In de basis kan de 2 – 4 – 8 methode ook zonder ict gebruikt worden.

De 2 – 4 – 8 methode maakt zeer bewust gebruik van het leren door herhalen (ook wel bekend als spaced repetition), waarbij de herhaling een zo actief mogelijk activiteit is geworden.

De 2 – 4 – 8 methode maakt, zeker als onderdeel van boekloos les geven, zeer bewust gebruik van het actief leren tijdens de les om leren meer te laten zijn dan leren vóór de toets voor de toets.

Hoewel ik het de 2 – 4 – 8 methode heb genoemd kunnen de aantallen natuurlijk leerlingen samenwerkende leerlingen natuurlijk naar behoeve worden aangepast. Groepjes kunnen ook uit elkaar worden gehaald om zo meer nieuwe combinaties te kunnen vormen.

2-4-8-rk1_2-4-8_300-crop_1

Ik kan me voorstellen dat het bovenstaande mogelijk te algemeen beschreven is om direct duidelijk te zijn. Daarom hieronder een voorbeeld hoe ik de 2 – 4 – 8 methode toepas bij het vak biologie.

Voorbeeld van de 2-4-8 methode bij biologie

Het onderwerp is voortplanting. In de eerste les worden leerlingen van een klas via een random group generator (ik gebruik hiervoor flippity) ingedeeld in tweetallen. De eerste helft van de tweetallen wordt ingedeeld bij het onderdeel geslachtelijke voortplanting, de tweede helft van de tweetallen bij het onderdeel ongeslachtelijke voortplanting.

De leerlingen bij beide onderdelen krijgen acht woorden. Met behulp van het internet zoeken zij per tweetal de betekenis van de acht woorden en schrijven zij een verhaal waarin zij deze acht woorden gebruiken om uit te leggen wat geslachtelijke respectievelijk ongeslachtelijke voortplanting is. Voorwaarden hierbij zijn dat zij dit in eigen woorden doen, op een wijze die begrijpbaar is voor een redelijk opgeleide leek, en dat zij aan het eind van het lesuur van 45 minuten in staat zijn ook te vertellen wat zij hebben opgeschreven. Dit wordt steekproefsgewijs gecontroleerd.

Alle leerlingen hebben een Google Drive map voor het vak biologie, die zij hebben gedeeld met de docent. Zij schrijven hun verhaal in een Google Drive document, dat zij een naam geven volgens het format dat bij deze lessenserie wordt gehanteerd en dat de vorm heeft: Opdracht 08a. Geslachtelijke voortplanting – Voornaam1 – Voornaam2.

In de tweede les van deze 2 – 4 – 8 methode om leren te vermeerderen worden twee groepjes van twee leerlingen in viertallen per onderdeel bijeen geplaatst. De opdracht hier is het maken van 1 gezamenlijk document met hun verhaal over hetzij geslachtelijke, hetzij ongeslachtelijke voortplanting. Zij lezen hiertoe eerst elkaars verhalen, bediscussiëren vervolgens wat er goed is en wat er beter kan aan beide verhalen en eindigen met het maken van 1 gezamenlijk document, met een titel volgens het format: Opdracht 08b. (On)Geslachtelijke voortplanting – Voornaam1 – Voornaam2 – Voornaam3 – Voornaam4.

In de derde les van de 2 – 4 – 8 methode om leren te vermeerderen worden twee viertallen van de verschillende onderdelen bij elkaar geplaatst. Ofwel 1 viertal met als onderdeel geslachtelijke voortplanting gaat samenwerken met 1 viertal met als onderdeel ongeslachtelijke voortplanting. Als eerste lezen zij elkaars verhalen. Vervolgens geven zij aan of het verhaal duidelijk is en stellen aanvullende vragen aan de experts. Hierna worden beide verhalen verbeterd en samengevoegd tot uiteindelijk 1 document met de titel Opdracht 09. Voortplanting – Voornaam1 – Voornaam2 – Voornaam3 – Voornaam4 – Voornaam5 – Voornaam6 – Voornaam7 – Voornaam8

Als docent kan ik steeds tijdens de les, na de les, voorafgaand aan de volgende les zien wat de leerlingen doen en gedaan hebben en waar nodig hier op reageren. Tijdens de les loop ik rond om vragen te beantwoorden, waar nodig sturende vragen te stellen, of ik zit achter mijn bureau en reageer live binnen de documenten waarin de leerlingen op dat moment aan het werk zijn.

Evidente fouten haal ik uit de documenten, vooral door er vragen over te stellen, niet door te verbeteren. De meeste reacties en feedback die ik geef is gericht op het nauwkeuriger en exacter (be)schrijven van vakinhoudelijke termen en relaties hiertussen en op het stimuleren dieper in te gaan op de stof. Dit zoveel mogelijk via het stellen van aanvullende vragen.

Ervaringen

Mijn ervaringen met de 2 – 4 – 8 methode zijn zeer positief. Het grootste deel van de leerlingen is het grootste deel van de lessen actief en doelgericht bezig. De leerlingen geven in het algemeen aan dat zij door de opdrachten, zoals de 2 – 4 – 8 methode, bij boekloos biologie minstens zoveel doen tijdens de les maar gemiddeld meer leren dan bij andere lessen. De meeste leerlingen geven ook aan dat zij de afwisseling met andere lessen als plezierig en stimulerend ervaren. Dat zij inderdaad minder hoeven te leren vóór de test be-amen zij,, na dit een aantal keer ervaren te hebben met verrassende blikken, die mij verheugen.

Opmerkingen en vragen zijn als altijd welkom. Er is nog genoeg te vertellen en te verbeteren.

Toelichting:
– Deze blog is mede geschreven naar aanleiding van een een aantal vragen over de manier waarop ik les geef in een klas zonder boeken. Deze vraag zal ik in een aantal afzonderlijke blogposts proberen te beantwoorden en uiteindelijk concluderend samenvatten.
– Een tweede reden voor het op dit moment schrijven van deze blog is een discussie op twitter over de mogelijkheden en de toegevoegde waarde van samenwerken binnen Google Drive documenten. De start van die discussie is hieronder te vinden.

de-2-4-8-methode-google-drive-aantekeningen-tweets-2017-01-03_1749


Corriger les corrections

december 17, 2016

Eerder heb ik hier geschreven over het idee van een nakijkcommissie en de wijze waarop deze leerlingen kan helpen de lesstof te beheersen. Hieronder een gastblog van Elise Bouwman over haar inspirerende ervaringen met een nakijkcommissie bij het vak Frans.

corriger-les-corrections

Werken met een nakijkcommissie bij het vak Frans

Als deelnemer van de Nederlandse School volgde ik dit jaar al met veel interesse de ontwikkelingen rondom het activeren zonder cijfers, formatief toetsen en het cijferloos toetsen. Zelf werk ik in een vrij traditionele omgeving waarin leerlingen graag cijfers willen en waarin ook vanuit de organisatie het werken zonder cijfers nog een brug te ver is.

Toen ik echter hoorde dat Iris Driessen en een aantal anderen begonnen met het werken met een nakijkcommissie was mijn interesse direct gewekt, zeker na het lezen van de blog van Frans Droog hierover. Een nakijkcommissie waarbij een groep leerlingen een toets nakijkt, evalueert en feedback geeft aan de rest van de klas, dat past echt bij mijn overtuiging dat je meer leert van zelf lesgeven dan van het maken van een toets. Mijn interesse was gewekt! Ik volgde de blogs en tweets van Frans Droog, Iris Driessen en intussen ook al enkele anderen. Ik sprak over mijn plan met leerlingen en probeerde nakijkcommissie zo in te richten dat iedereen er beter van zou worden.

Het experiment

Voorafgaand aan mijn experiment heb ik een Franstalige instructie gemaakt voor de leerlingen in de commissie. Deze instructie vind je onderaan deze blog.

De nakijkcommissie instellen

Ik ben het experiment begonnen in mijn mentorklas, een 2VWO-klas. De leerlingen kwamen naar school om een toets te maken en werden door mij verrast met de opmerking dat vijf leerlingen de toets samen zouden gaan maken, dat wilde natuurlijk iedereen wel!. Ik had van tevoren de namen van de leerlingen in een Word-document gezet. Deze namen heb ik in de online fruitmachine geplakt en deze fruitmachine selecteerde in 5 rondes mijn eerste nakijkcommissie, iedereen vond het reuzespannend.

De voorbereiding

Wij hebben op school stilteruimtes en veel glas, dus ik zette mijn nakijkcommissie in een stilteruimte voor mijn lokaal. De nakijkcommissie ontving de toets en de Franstalige instructie en ging aan de slag met het maken van de toets zonder hulpmiddelen. Zij maakten samen de toets en dat zou uiteindelijk het correctiemodel worden en daar zouden zij een cijfer voor krijgen, het was dus in hun belang om dit model zo goed mogelijk te maken en goed met elkaar te overleggen. Nadat zij de toets gemaakt hadden leverden zij één exemplaar met hun antwoorden bij mij in. Ik onderstreepte de fouten en zij gingen die daarna met hulpmiddelen verbeteren. Het aantal fout had ik intussen in mijn agenda genoteerd.

De correctie

Met het gecorrigeerde antwoordmodel ging de nakijkcommissie aan de slag. Zij bepaalden hoe zwaar zij alles gingen rekenen en legden dat voorstel aan mij voor. Over het algemeen waren zij veel strenger dan ik! Daarna gingen zij zelf de toetsen nakijken. Zij vormden koppels van 2 personen, ieder koppel noteerde steeds zijn naam bovenaan de toets die zij nakeken. De vijfde persoon was de controleur en scheidsrechter. Deze persoon controleerde of beide koppels op de zelfde manier hadden nagekeken en of er geen vriendjespolitiek plaats vond, daarnaast telde deze persoon het aantal punten bij elkaar op.

Tot slot bepaalde de nakijkcommissie de norm, ik legde hen 3 verschillende manieren daarvoor uit en zij moesten mij uiteindelijk uitleggen welke zij gekozen hadden en waarom. Het werk was gedaan!

De feedback

De rest van de klas was bij deze eerste keer nog erg bezorgd of alles wel eerlijk zou verlopen dus ik had toegezegd dat ik steekproefsgewijs het werk van de nakijkcommissie zou controleren, dat heb ik gedaan. Zij hadden hun werk prima gedaan! De nakijkcommissie heeft het werk in groepjes terug gegeven, elke corrector had een groepje leerlingen voor zich waarvan hij het werk had nagekeken en de controleur liep rond om vragen te beantwoorden. Leerlingen met klachten konden bij mij “in hoger beroep”, geen enkele leerling heeft dat gedaan.

Het cijfer voor de nakijkcommissie

De nakijkcommissie kreeg uiteindelijk het cijfer dat hun aantal fouten bij de door henzelf vastgestelde normering op zou leveren, dus als zij 4 fouten hadden en een normering van 2 ft/pt hadden gekozen dan leverde hun correctiemodel een 8 op voor de hele groep. Daarnaast konden ze een halve bonuspunt verdienen met goed correctiewerk en een halve punt voor goede feedback.

De evaluatie

De leerlingen uit de nakijkcommissie en ikzelf waren erg enthousiast over het experiment, hoewel we ook tegen een aantal knelpunten aangelopen zijn.

De voordelen

De leerlingen in de nakijkcommissie hebben aangegeven dat ze ontzettend veel geleerd hebben van het nakijken. Ze hebben meer begrip van het Frans, maar ook van het soort fouten dat leerlingen vaak maken en van het werk dat een docent doet. Ze vonden het nakijken erg veel werk.

De leerlingen namen hun werk ontzettend serieus, doordat zij door een fruitmachine geselecteerd waren, werkten zij vaak samen met kinderen die ze zelf niet uitgekozen zouden hebben, dit ging toch ontzettend goed omdat zij allemaal voelden dat zij veel vertrouwen hadden gekregen en dat zij het werk uiterst serieus moesten nemen. Er ontstonden verrassende samenwerkingen.

De leerlingen die normaal wat zwakker zijn, konden nu een hoger cijfer halen omdat ze de toets samen met betere leerlingen maakten. De betere leerlingen moesten aan de zwakkere leerlingen uitleggen waarom hun antwoord het beste was, juist deze betere leerlingen zijn vaak wat verlegener, zij gaven aan dat ze geleerd hadden meer te vertrouwen op hun kennis en anderen te overtuigen.

De leerlingen hebben hun klasgenoten feedback gegeven, ook hier zeiden ze veel van te leren.

Ik heb het experiment nog herhaald in vier andere klassen, in twee klassen heb ik dat van tevoren aangekondigd. Opvallend was dat de leerlingen beter gingen leren, want ze wilden niet dat het resultaat van de nakijkcommissie door door hun fouten lager zou worden, dit was een voordeel dat ik vooraf niet voorzien had.

De knelpunten

Ondanks alle mooie voordelen liep ik ook tegen een aantal knelpunten op. Het nakijken duurde per klas 2 tot 3 lesuren, dit betekende dat de rest van de klas in die tijd doorging met het maken van opdrachten en leerwerk en dat de nakijkcommissie dat werk later thuis in moest halen. De rest van de klas moest door de nakijktijd ook vrij lang wachten op het resultaat, waardoor de feedback pas op een laat moment kwam, ik heb nog geen oplossing voor dit probleem.

De nakijkcommissie is zeer handig voor opgaven die eenduidig zijn. In mijn tweede klas toets zat ook een gedeelte creatief schrijven, dit gedeelte bleek te moeilijk te corrigeren te zijn voor de nakijkcommissie, ik had hen wel de opdracht kunnen geven om met alle mogelijke hulpmiddelen te proberen de opdracht toch na te kijken, maar dan waren ze waarschijnlijk drie keer zo lang bezig geweest. De nakijkcommissie kan dus eigenlijk alleen maar echt goed werken bij toetsen waarvan de antwoorden door de leerlingen echt controleerbaar zijn. Door deze creatieve schrijfopdracht heb ik zelf alle tweede klastoetsen nog opnieuw moeten controleren.

De leerlingen vonden het erg lastig om het cijfer geheim te houden naar hun klasgenoten toe. In de meeste klassen begrepen ze wel het belang daarvan, waardoor dat uiteindelijk wel goed ging.

Conclusie

Het is voor mij uiteindelijk niet helemaal zeker of de nakijkcommissie mij minder werk oplevert, het begeleiden van de commissie en het nakijken van de opdrachten die voor hen te moeilijk waren, kostte mij nog erg veel tijd. Deze tijd was echter zinvoller dan de tijd die ik normaal in de correctie steek. De leerlingen werkten in alle vijf mijn klassen ontzettend serieus aan de correctie en hebben erg veel geleerd. In een aantal klassen vroeg men mij waarom niet alle docenten dit zo deden, want zo leerde je toch veel meer.

Op mijn tafeltjesavond en op straat vertelden ouders mij dat ze het een fantastisch idee vonden en dat hun kind het ook echt leerzaam en interessant vond. De leerjaarcoördinatoren volgden het project met interesse en ondersteunden mij daar waar nodig. Ik kan iedereen aanraden om dit in ieder geval een keer te gaan uitproberen!

corriger-les-corrections-instructions-2016-12-17_1714


Nakijkwerk helpt leerlingen lesstof beheersen

november 27, 2016

Interview Bionieuws 19 door Steijn van Schie.

Leerlingen die het nakijkwerk van de docent overnemen? Biologiedocent Frans Droog doet het met een speciale nakijkcommissie. ‘Leerlingen komen boven de stof te staan.’

‘Cijfers geven werkt niet. Op het moment dat leerlingen hun cijfer krijgen, houdt het leren op en zijn ze de stof zowat direct vergeten. Zelfs wanneer ze hun toets terugkrijgen en de fouten nakijken, ligt de focus op het verhogen van het cijfer en niet op een beter begrip van de stof’, vertelt Frans Droog, biologiedocent aan het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek. ‘Ik ben daarom altijd op zoek naar andere manieren van toetsen.’

Het idee van een nakijkcommissie voor leerlingen van collegadocent Iris Driessen paste daarom precies in Droogs straatje. ‘Toen ik afgelopen zomer een tweet hierover van Iris voorbij zag komen, was ik direct geïnspireerd. Aangezien niet iedereen op Twitter zit, heb ik het idee uitgewerkt in een blog op mijn website in de hoop meer leraren te bereiken en aan het denken te zetten. En ik ben het natuurlijk meteen gaan doen met mijn eigen 4-vwo-klas.’

Nakijkcommissie
Het concept is simpel: leerlingen kijken elkaars toetsen na en geven feedback. ‘Het begint allemaal wanneer leerlingen de klas inkomen voor een toets waar ze allemaal voor hebben geleerd. Op dat moment kies ik zo’n vijf of zes leerlingen die de toets niet hoeven te maken, maar de nakijkcommissie vormen. Terwijl de anderen aan de slag gaan, maakt de commissie een nakijkmodel. Met andere woorden: ze moeten met elkaar tot overeenstemming komen wat de juiste antwoorden zijn, beslissen wanneer ze wel of niet iets goed rekenen, en bedenken of er nog alternatieve antwoorden mogelijk zijn. Op die manier bereiden ze zich voor op het echte nakijkwerk en denken ze op meta-niveau na over de leerstof.’

In een volgende les kijkt de nakijkcommissie alle toetsen na om vervolgens in een slotles de toets te bespreken. ‘Bij elk fout antwoord staat een toelichting van de commissie en krijgen de leerlingen de kans om met het boek erbij na te gaan of ze het eens zijn met het oordeel. Vervolgens kunnen ze klassikaal in discussie met de nakijkcommissie, waarbij ik mij als gespreksleider zoveel mogelijk op de achtergrond houd. Gedurende het jaar neemt iedereen uiteindelijk een keer deel aan de nakijkcommissie.’

Toetsmoment
Volgens Droog is het een briljante manier om lesstof effectiever te internaliseren. ‘De nakijkcommissie neemt haar taak bijzonder serieus; de leden willen het werk van hun medeleerlingen graag zo goed mogelijk beoordelen. Die krijgen er immers wel gewoon een cijfer voor. Bovendien zijn de leerlingen over een langere periode met de lesstof bezig: minstens drie lessen verspreidt over meerdere weken. Normaal gesproken is dat wel anders. Dan is er één toetsmoment en daarmee is de kous af. En de leerlingen leren dan doorgaans alleen voor het eindresultaat: het cijfer. Die focus op cijfers en waardering zit jammer genoeg ingebakken in het schoolsysteem en in onze maatschappij.’

Aangezien de leerlingen nog steeds een cijfer krijgen voor de toets valt het idee strikt genomen niet onder formatieve evaluatie, een toetsingsmethode waar geen cijfer aan te pas komt. ‘Alhoewel ik volledig formatief lesgeven ambieer, blijft dat lastig voor de bovenbouw’, zegt Droog. ‘Je zit als school toch vast aan de landelijke eisen van toetsing. Maar in de onderbouw zijn er veel meer mogelijkheden en probeer ik verschillende dingen uit.’

‘Een paar jaar geleden heb ik alle schoolboeken in de derde klas verbannen en ben ik fundamenteel anders les gaan geven’

Leerlingen hebben in de derde klas bij Droog inmiddels nauwelijks meer met cijfers te maken. ‘Een paar jaar geleden heb ik alle schoolboeken in de derde klas verbannen en ben ik fundamenteel anders les gaan geven. Ik probeer mijn leerlingen elke les een casus voor te leggen die grenst aan hun belevingswereld. Ze maken opdrachten die aan het einde van de les af moeten zijn en waar ze informatie over moeten opzoeken op internet. Terugvallen op lesstof uit een boek kan niet. Ondertussen kan ik live via Google Docs meekijken hoe het ze vergaat en of ze vragen hebben. Zo ja, dan kan ik naar de desbetreffende leerling toe om hem of haar te helpen. Ik doe bijna niets meer klassikaal. Pratende docenten vinden leerlingen maar niks.’

Toetsen doet Droog door korte digitale vragen voor te leggen, waar leerlingen niet voor hebben kunnen leren. ‘Op die manier zie ik snel en zonder consequentie voor de leerling hoe de voortgang is en waar de kennishiaten van de klas zitten, zowel op individueel als op klassikaal niveau. Daar pas ik dan mijn lessen en individuele aandacht op aan. Slechts een paar keer per jaar krijgen de leerlingen een cijfer, helaas op basis van een toets. Maar die worden doorgaans prima gemaakt, mede doordat ik precies weet hoe het ervoor staat met hun kennis en daarop inspeel. Zowel ouders als leerlingen zijn doorgaans tevreden over deze ietwat ongebruikelijke methode.’

In de bovenbouw blijft het voorlopig bij de nakijkcommissie, een methode die niet alleen voor leerlingen voordelig is. Droog: ‘Docenten hoeven minder tijd te besteden aan nakijken en kunnen een deel van die gewonnen tijd besteden aan leerlingen leren nakijken en feedback geven. Er ontstaat zo meer interactie tussen leerling en docent. Alle andere overgebleven tijd kan de docent besteden aan het verbeteren van zijn lessen of toetsen. Win-win-win dus.’

frans-droog-nakijkcommissie

Frans Droog vlak voor zijn vertrek naar het jaarlijkse Edubloggersdiner in Utrecht, waar de ongeveer vijftig bloggende Nederlandse docenten bij elkaar komen om ideeën uit te wisselen over onderwijs.


Het woord speeddate zoemde door de school

november 16, 2016

Ooit heb ik hier geschreven over het inzetten van een speeddate bij het geven van presentaties. Speeddate je presentatie, mooi onderwijs? en speeddate je presentatie werkt! Je kunt een speeddate ook inzetten bij het leren voor een toets. In deze gastblog beschrijft Carla Upperman haar eerste ervaringen hier mee.
speeddate-digibord-rand-2016-11-16_0642Het was even schrikken voor de leerlingen, laatste les voor de toets, staan de tafels tegenover elkaar in plaats van naast elkaar! Zittend tegenover elkaar lezen ze op het bord het woord speeddate. Was da?

Het idee van een speeddate heb ik van een tweet en blog van Henk ter Haar. ‘De focus van de leerlingen ligt bij de toets en niet bij nieuwe dingen’, was een van de zinnen in de blog van Henk die ik herkende. Evenals, ‘de meerwaarde moet zitten in het samen leren’ . Een van de voordelen van school, je hebt altijd medeleerlingen bij de hand waar je uitleg aan kunt vragen. Dit kun je als docent ook bewust benutten tijdens de lessen.

Goed voorbeeld doet goed volgen. Ik heb de onderwerpen voor de komende biologie toets in een powerpoint gezet en steeds dezelfde opdracht bij de verschillende onderwerpen gezet. De opdracht was: “Praat met elkaar HOE je hebt geleerd over het onderwerp, over WAT je precies hebt geleerd en bespreek eventuele vragen/moeilijkheden betreffende het onderwerp met elkaar.”

De 30 leerlingen van v4 gaan tegenover elkaar zitten, lezen de uitleg van het speeddaten, lezen het eerste onderwerp en beginnen met elkaar te praten. Na 5 minuten gaat er een bel en schuiven de leerlingen door naar een andere tafel. Om het overzichtelijk te houden schuiven alleen de leerlingen zittend aan de rechterkant door. Als ze bij de volgende tafel zitten komt het volgende onderwerp op het bord en komen de gesprekken weer op gang.

Het is onwennig, vooral omdat leerlingen met leerlingen komen te zitten waar ze niet vaak mee praten. En het verschilt nogal met wie ze aan tafel zitten qua kennis en voorbereiding. Zo heeft een leerling een geweldige samenvatting gemaakt en voor ze het weet komen leerlingen hier een foto van maken. Dat is handig delen! De vraag HOE ze hebben geleerd blijkt niet zomaar aan de ander uit te leggen. Tja, hoe leer je? “Nou gewoon uit het boek”. En ook WAT er nu geleerd is komt niet gemakkelijk over tafel. Mijn rol als docent is anders, luisteren en alleen mee bemoeien als er een stilte valt of als er vragen zijn.

De les bij v5 met 16 leerlingen en 2 uur later zag er al anders uit. Ik had de powerpoint voorzien van plaatjes om zo het onderwerp aansprekender te maken. Door over het plaatje te praten werd er makkelijker gepraat over ‘WAT heb ik eigenlijk geleerd, klopt dit met wat ik zie op het plaatje?’ Naast tussendoor, heb ik aan het eind van de les ook nog vragen beantwoord waar de leerlingen niet uitkwamen. Daarnaast had ik minder onderwerpen want na 5x wisselen is het wel mooi geweest en zijn de leerlingen er wel klaar mee.

Bij beide groepen is er werk aan de winkel, we moeten aan de slag met de vragen: ‘HOE leer ik?’ en ‘WAT leer ik dan?’

Hoe we dit gaan aanpakken en de rol van een speeddate in mijn lessen komt in een volgend blog.


Meer leren MET mobieltjes

oktober 30, 2016

meer-leren-met-mobieltjes-unknown

Leerlingen nemen vrijwillig iets mee naar de klas, iets waarmee ze kunnen leren. Het staat niet op de boekenlijst of op de lijst van ‘verplicht-elke-dag-bij-je-te-hebben’ items, zoals een geodriehoek, een HB potlood, een rekenmachine. En toch, ze vergeten het bijna nooit! Hun ‘mobieltje’. Hun manier om te communiceren.

Prachtig toch!

Technologie in het onderwijs is onontkoombaar. Het is  de taak van de docent zich te bekwamen in het gebruiken van technologie, niet óm de technologie, maar om het te kunnen inzetten om te communiceren en informeren. Het is de taak van scholen om hiervoor tijd en ruimte beschikbaar te stellen, als een investering, niet als iets ‘ten koste van’.

Wat is er aan de kant van de docent voor technologische kennis nodig om het gebruik van mobieltjes in zijn klas toe te staan? NIETS!

Toestaan van mobieltjes is dus een prima start voor het gebruiken van technologie in de klas. Wanneer mobieltjes bewust worden ingezet kunnen leerlingen leren buiten de muren van de school. Het leren kan daarmee ook dieper worden, verder gaan dan feiten en het boek.

1. Accepteer en activeer direct onderzoek

Het creëren van een omgeving waarin vragen stellen en antwoorden zoeken de sleutels zijn tot leren vereist durf en vertrouwen en kost tijd. Aan de andere kant brengt het aanbieden van alle vragen en alle antwoorden via een methode het risico met zich mee dat de natuurlijke nieuwsgierigheid die leerlingen bezitten wordt verbannen tot een niet-schoolse activiteit. Wanneer een leerling in het bezit is van een apparaat dat hem in staat stelt het antwoord te vinden op een vraag die hem op dat moment te binnen schiet, waarom hem dit antwoord niet laten zoeken en vinden? Zeker als dit kan leiden tot meer en andere en betere vragen, ofwel dieper leren? Waarom dit proces niet versterken door geen antwoord te geven op vragen maar wel te sturen op het zoeken?

2. Help organiseren en samenwerken

Als leraren gebruiken wij, als volwassenen, mobieltjes om ons te verbinden met onze collega’s, binnen de school of daarbuiten, via mail, whatsapp (ik zit zelf in negen WhatsApp groepen over onderwijs) of anders. Deze vorm van samenwerken werkt en er is geen reden om dit onze leerlingen te onthouden. Sterker nog, WhatsApp groepen met leerlingen kunnen leren versterken, met name door de snelheid waarmee informatie kan worden gedeeld.

3. Laat directe feedback zorgen voor betrokkenheid

Kijk eens terug naar de laatste onderwijs conferentie waar je bent geweest, of de laatste studiemiddag op jouw school. Is het je opgevallen dat veel van de aanwezigen naar hun mobieltje kijken en niet naar de man of vrouw vooraan in de zaal of het lokaal? Doe je dit zelf ook? Wat zou er gebeuren wanneer je, als je aan de voorkant staat van die zaal of dat lokaal, vragen zou gaan stellen die via die mobieltjes te beantwoorden zijn? Zouden ogen gericht op mobieltjes, of verplicht starend in de ruimte, ogen kunnen worden die leren laten zien?

4. Documenteer leren en denken op het moment dat het gebeurt.

Het gebeurt mij vaak dat mijn beste, mooiste, waardevolste gedachten in mij opkomen terwijl ik bij de bakker mijn brood bestel, bij de groenteboer mijn groenten of op de weg daar naartoe of ervan terug. Of vaker nog, tijdens mijn wandelingen, met of zonder mijn viervoeters. Ik ben dan blij met mijn mobiel en typ of spreek daarin wat er op dat moment in mijn hoofd zit. Gedachten laten zich niet dwingen door vakken, uren, lokalen. Mobieltjes maken het mogelijk gedachten te vangen die niet direct op de plaats waar zij ontstaan hun vruchten gaan afwerpen. Foto’s kun je maken waar je bent, wanneer je daar bent. Zijn leerlingen op een excursie? Laat ze actief en bewust hun mobiel gebruiken. Laat ze hun data delen als bron voor discussie, digitaal of in het lokaal.

5. Samengevat.

Het is totaal onbekend wat de technologie gaat zijn die onze leerlingen in de toekomst gaan gebruiken. Het is onze verantwoording om hen te leren omgaan met wat nu beschikbaar is, als bouwblokken voor de uitdagingen die hen en ons te wachten staan.

Bron:

https://www.edsurge.com/news/2016-08-07-5-ways-teachers-can-encourage-deeper-learning-with-personal-devices


Voed terug!

september 8, 2016

voed-terug-vertical_garden_from_lalbagh_flower_show_aug_2013_8790

Het schooljaar is voor mij twee weken oud en ik heb inmiddels al vier ‘toetsen’ afgenomen. Morgen volgen er nog twee. Je zou kunnen denken dat dat wel erg snel is. Ik vind van niet. Ik voed terug.

Gezien de kennis die ik heb over de waarde van herhalen, het belang van het oefenen van het terughalen van informatie, de waarde van feedback, vind ik niet dat ik mijn leerlingen dit mag onthouden.

Ik spendeer graag tijd aan het maken van een set goede vragen. Ik spendeer niet graag tijd aan het nakijken van geschreven ‘toetsen’ en het schrijven van steeds opnieuw dezelfde aanwijzingen en tips. Ik investeer graag tijd, ik verspil ze liever niet.

Om die reden maak ik ‘toetsen’, die ik digitaal kan afnemen en dus automatisch nakijken. Ik gebruik daarvoor Edmodo, maar er zijn vele mogelijkheden om dit op een vergelijkbare wijze te doen.

Waar het mij om gaat dat ik de leerlingen terug kan voeden, met nog meer gerichte uitleg en toelichting, daar waar het nodig blijkt. Voor de gehele klas of voor een individuele leerling. Het gaat mij er om dat de leerlingen en ik samen snel zien waar er voor mij nog werk ligt en waar voor hen. Tegelijkertijd oefenen we het terughalen van informatie, waardoor het beter beklijft.

Hoe werkt het in de praktijk voor mij?

Ik heb een set chromebooks tot mijn beschikking. (Eerder nam ik de leerlingen mee naar het computerlokaal). De leerlingen krijgen een ‘toets’ van 4-6 minuten met 8-11 vragen. De vragen zijn juist/onjuist, MC of het invullen van een woord (een enkele keer ook het invullen van een kort antwoord). De ‘toets’ kan voor de leerlingen aangekondigd of onverwacht zijn. Direct na de ‘toets’ zijn de resultaten voor mij en voor de leerlingen beschikbaar. We bespreken ze dus direct. Die zelfde les. Dat is een essentieel onderdeel van het effectief terug voeden.

Hoe ziet het er vervolgens uit?

Het beeld van/voor een gehele klas:

voed-terug-resultaten-4v2-test-1-2016-09-08_1538

In één oogopslag zijn de resultaten te zien. In dit voorbeeld bespreken we dan dus de vragen 1, 2, 3, 5, 8 en 10 klassikaal. Wat is het juiste antwoord? Wat zijn de mogelijke redenen voor een onjuist antwoord? Is er extra uitleg nodig? En we ontdekken dat bij vraag 3 er in het antwoordmodel een fout zat… 😢. Dit duurt in totaal tussen de 5 en 10 minuten. Als docent weet ik nu waar de moeilijkheden liggen en als ik dat nodig acht herhaal ik in de volgende les de nu nog als lastig ervaren onderdelen.

Het beeld van/voor twee individuele leerlingen:

voed-terug-4v2-leerling-1-2016-09-08_1541

voed-terug-4v2-leerling-2-2016-09-08_1540

De leerlingen kunnen zelf bepalen waar voor hen de oorzaak van het nog niet weten van het juiste antwoord ligt. Een aantal vragen waren klassikaal nog niet zo goed gemaakt. Die hebben we besproken. Een aantal door hen persoonlijk daar bovenop. De leerlingen kijken naar de reden en stellen soms een vraag. Ik benadruk het nog ook voor de leerlingen. Ik noteer welke leerlingen waar meer moeite hebben dan gemiddeld en loop in de volgende lessen wat vaker langs om hen vragen te stellen. Ik betrek hen ook wat meer bij de klassikale uitleg.

Ik schreef tot dusver steeds ‘toets’, maar wat we hebben gedaan is veel meer een test. Zo noem ik het ook naar de leerlingen toe. Er is voor vrijwel elke klas waarmee ik dit voor het eerst doe een periode van gewenning. Leren voor cijfers dat wordt vervangen door leren voor weten.

Ik reken niet graag af. Ik voed liever terug.

voed-terug-klas-3v3-2016-09-09_0625


%d bloggers liken dit: