Changemakers

september 4, 2016

Ashoka NL logo_blue_website

Op zaterdag 3 september bezocht ik op uitnodiging de Ashoka NL Innovation Day on Education om kennis te maken met Ashoka en met changemaker scholen.

Wat is Ashoka?
Ashoka is een wereldwijde organisatie die zich richt op het verbeteren van de wereld door het steunen van sociaal ondernemerschap en het verbinden van changemaker scholen. Ashoka bestaat sinds 1981 en is actief in 89 landen, met Ashoka NL als Nederlandse tak, opgericht in 2014. Het Ashoka netwerk zet zich in voor een ‘Everyone a Changemaker World’. Dit betekent dat zij werken aan een wereld waarin elk individu in staat is om sociale problemen te herkennen en de vaardigheden bezit om bij te dragen aan een oplossing. Ashoka wil het proces van positieve verandering in de wereld versnellen door het ondersteunen en vergroten van het aantal ‘changemakers‘. Changemakers zijn bevlogen individuen die een positieve bijdrage willen leveren aan de wereld. Om een wereld te realiseren waarin echt iedereen een changemaker kan zijn, is Ashoka op verschillende vlakken actief, waaronder het onderwijs.
Er zijn wereldwijd inmiddels ruim 3000 Fellows, die gezamenlijk bijdragen aan het zoeken naar en uitvoeren van oplossingen voor complexe sociale problemen en maatschappelijke uitdagingen, zoals armoede, klimaatverandering of de vluchtelingenproblematiek. Nederlandse Fellows zijn bijvoorbeeld Jos de Blok van Buurtzorg Nederland, Emer Beamer van Designathon Works en Bas van Abel van fairphone.

Ashoka changemaker schools CM_logos_plural_colour_02

Wat zijn Ashoka Changemaker Scholen?
Ashoka zoekt actief samenwerking met innovatieve scholen waar persoonlijke ontwikkeling en maatschappelijk bewust zijn een integraal onderdeel vormen van het leerproces. Changemaker scholen worden gekenmerkt door een curriculum  waarin de sociaal emotionele groei van kinderen en hun maatschappelijk bewustzijn een centrale rol hebben en zij werken met hun leerlingen aan de ontwikkeling van een set eigenschappen die gedeeld worden door changemakers over de hele wereld, de Changemaker Skills.

Ashoka Changemaker Skills

Deze set vaardigheden is geïdentificeerd naar aanleiding van de jarenlange en intensieve samenwerking met de Ashoka Fellows. Door de ontwikkeling van een zeer sterk ontwikkeld empathisch vermogen, creativiteit, de wil tot samenwerken en leiderschap worden kinderen al op jonge leeftijd in staat gesteld om hun eigen potentieel en dat van anderen ten volle te benutten.
Daarnaast maken Changemaker Scholen actief deel uit van hun gemeenschap door bij te dragen aan het realiseren van sociale oplossingen in de wijk, en zijn ze in staat hun werk en missie te verspreiden.
Ashoka Changemaker Schools is een wereldwijd netwerk, opgezet om innovatieve scholen te identificeren, verbinden en steunen. Wereldwijd zijn er meer dan 200 Changemaker scholen en de komende jaren zal dit aantal blijven groeien.
Nederlandse Changemaker scholen zijn de basisscholen Casa en Leon van Gelder en de VO scholen NIEKEE, UnicVathorst College en UWC Maastricht.

Het programma
Op het programma stonden een introductie door Jamy Goewie, de directeur van Ashoka NL, kennismaking en verwerkingsactiviteiten door Thieu Besselink, van The Learning Lab, presentaties van Mary Gordon over haar Roots for Empathie programma en Martine Delfos over The Beauty of Difference, break-out en co-creatie sessies, koffie en lunchpauzes en een afsluitende borrel.
De break-out en co-creaties sessies werden georganiseerd volgens de Open Spaces principes, wat betekent dat de deelnemers aan de dag zelf ook actief als leider van een sessie aan de slag konden. Uiteindelijk waren er in twee verschillende ronden in totaal zo ongeveer 15 sessies om uit te kiezen. In de eerste ronde koos ik voor de micro designathon van Emer Beamer, waar ik al veel over gelezen had maar wat ik nu wel eens live wilde meemaken. In de tweede ronde wilde ik in eerste instantie naar Jelmer Evers om bijgepraat te worden over Teacher Leadership maar koos ik uiteindelijk voor een ter plaatse ontstaan initiatief om te praten over hoe we concreet verder vorm zouden kunnen gaan geven aan het verbinden van de Nederlands Gamechanger scholen en het breder bekend maken van de onderliggende boodschap. Dat deze activiteit in de prachtige tuin van Antropia plaatsvond en het weer fantastisch was speelde enigszins mee in mijn keuze.

Mijn ervaringen
De presentaties op zich waren al voldoende om de dag geslaagd te noemen. Wat het tot veel meer maakte waren vooral de interacties en de bijna zichtbare positieve energie en kracht die er aanwezig was bij alle deelnemers. Het was nog geen elf uur en ik had al gesproken met Antoinette Antoine uit Zuid-Afrika, Adriana Hoppenbrouwer uit Brazilië, Nanda de Graaf uit Rotterdam en zinnen gehoord die mij zijn bijgebleven. “Before we speak, even when we are coming from a place of strong passion, we need to think about what we say: is it necessary?, is it kind?, is it appropriate for the place and time?” Gedurende de dag heb ik nog meer mensen gesproken uit Zuid-Afrika, Engeland, Belgie, Canada en Nederland en allemaal spraken we dezelfde taal.

Tijdens de micro-designathon kregen we 30 minuten de tijd om zelf te ervaren hoe een designathon, die normaal 6 tot 8 uur duurt voor leerlingen, werkt. Als opdracht kregen wij mee om met behulp van de spullen in een uitgereikt zakje een huis te bouwen dat een maatschappelijk probleem zou kunnen helpen oplossen. Ik werkte samen met Kris Zaman, directeur van de Belgische Changemaker School Natuurschool Berkenboom de Ritsheuvel, en Melusi Radebe van the African School for Excellence in Johannesburg. Wij werkten niet echt volgens een plan, we hadden blokjes hout en stokjes en er was een Dremel, dus wij boorden gaatjes en maakten een drijvend huis dat zijn benodigde energie uit waterkracht of spierkracht zou halen. Bij de presentaties bleek dat wij het minst uitgedachte verhaal konden vertellen, maar ook dat was opgevallen dat wij het meest als kinderen hadden gewerkt. Gewoon direct aan de slag zonder eerst lang conceptueel bezig te zijn. Hiernaast was opgevallen dat wij hetzelfde type overhemd droegen. Dank je, Emer voor de workshop, de foto en je opmerkingen.

Ashoka designathon CrbRKjrWYAAQUrt

Tijdens de tweede sessie, het gesprek buiten, kwam naar voren dat alle deelnemers graag actief aan de slag willen om de changemaker scholen zo direct en actief mogelijk met elkaar te verbinden en andere scholen te zoeken die mee willen doen. Belangrijk hiervoor is een verhaal dat de changemaker scholen kunnen gaan vertellen waarin de passie en de boodschap helder en overtuigend naar voren komen. Een aantal van de deelnemers zal binnenkort opnieuw samen komen om hier concreet gestalte aan te geven. De changemaker scholen zullen actief aan de slag gaan om op wijk of gemeenteniveau nieuwe initiatieven te ontwikkelen, samen met ouders en betrokken partners. Het ontwikkelen van nieuwe leeromgevingen is een grote uitdaging maar wel een die we moeten aangaan.

De dag eindigde met een borrel in de zon in de prachtige tuin. Daar sprak ik met een aantal mensen van de changemaker scholen in Nederland en Belgie en hun ervaringen en plannen en ook met een aantal mensen van de School of Creative Leadership THNK. Als de dag goed gewerkt heeft eindigde zij echter niet met de borrel maar is de borrel slechts het begin. Voor mij heeft de dag goed gewerkt.

Wat neem ik mee?
Ik kende Ashoka niet en ben onder de indruk geraakt van dit netwerk en de visie van ‘Everyone a Changemaker World.’ Dit vormgeven via sociaal ondernemerschap en changemaker scholen lijkt mij een goede weg en ik deel daarom deze boodschap graag. Daar waar ik kan zal ik bijdragen aan de initiatieven die de changemaker scholen in Nederland gaan ontwikkelen. Wat ik in ieder geval heb meegenomen is een heel goed gevoel, en aantal nieuwe contacten en een flinke berg positieve energie.
Aan het begin van de dag deed Ilja Klink een oproep om aan het eind van de dag bij haar te melden wat je zelf concreet zou gaan doen na deze dag. Dit bleken niet veel mensen gedaan te hebben. Ik ook niet. Wat ik zal gaan proberen is zien of ik mogelijk met mijn leerlingen een changemaker activiteit kan opzetten, waarbij we een klein sociaal of maatschappelijk probleem in onze buurt kunnen gaan oplossen.


De zomervakantie van een docent

juli 19, 2016

‘Docenten hebben heel veel vakantie.’

‘Docenten werken heel hard.’

De waarheid is persoonlijker dan dat is mijn idee.

Komensky Post cropped-cropped-cropped-cropped-KomenskyPost-header-nieuw-1

Komensky Post heeft docenten uitgenodigd te schrijven wat zij in hun zomervakantie doen. Een mooi initiatief en wanneer je ook jouw zomervakantie wilt delen zijn zij zeker geïnteresseerd. Hieronder het verhaal dat ik heb geschreven.

Er is veel discussie over de werkdruk van een docent en vaak lees je dan dat een docent niet mag klagen, want die heeft toch zoveel vakantie.  KomenskyPost vroeg docenten om als gastblogger de komende weken hun verhaal te vertellen over vakantie en werk.

Door Frans Droog, 
docent mens en natuur in de onderbouw en docent biologie in de bovenbouw op het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek. 

Mijn vakantie is maandag 11 juli officieel begonnen. Ik kreeg vorige week de vraag of ik zou willen beschrijven wat ik als docent van plan ben te doen voor school deze vakantie. Dit verhaal is dus op verzoek geschreven, geschreven in stukjes gedurende deze week, deels in de tuin.
De eerste dagen van mijn vakantie zijn altijd gevuld met wat ik afrondende en opbouwende activiteiten noem. Ook afgelopen week dus.
Zo heb ik een aantal mails verstuurd om nog wat puntjes op de i te zetten. Dit betrof afspraken met collega’s binnen de sectie, het nakomen van toezeggingen naar mentorleerlingen waarvoor ik nog informatie zou zoeken, het beantwoorden van vragen van leerlingen die ik begeleid bij hun Profielwerkstuk dat zij volgend jaar gaan uitvoeren.
Ik heb de nodige files op mijn computer, in de Google Drive, op de verschillend websites die ik gebruik, van dit jaar in jaarmapjes gezet en, voor zover dat nu al kan, nieuwe files voor het komende schooljaar aangemaakt. Dit zijn bijvoorbeeld de Programma’s voor Toetsing en Afsluiting, studiewijzers, toetsen, cijferfiles, mentoraatfiles. Ik vind dat efficiënt en het geeft mij een goed gevoel.
Ik heb de vele A4’tjes, A3’tjes, post-its en de herinneringen op mijn digitale devices en in mijn grote en kleine schriftje, met ‘to-do’s’ en ideetjes die nooit urgent genoeg bleken, langsgelopen en opgeschoond. Een deel hiervan is omgezet in acties, een deel is op een nieuwe, schone lijst beland, een deel zit in de fysieke of digitale prullenbak..
Ik heb informatie verzameld voor twee workhops die ik  op verzoek van de schoolleiding in de laatste week van de vakantie (ja, inderdaad) en de eerste week van het nieuwe schooljaar zal geven.  Zij gaan over chromebooks en programmeren.
Ik heb mijn agenda’s voor het komend schooljaar gevuld.
Dinsdag heb ik overlegd met de organisatoren van MeetUp010#8, over Maker Education deze keer, vandaag, vrijdag, gaan we een locatie bekijken.

Ik zal deze vakantie boeken (her)lezen en ICT-tools testen. Boeken over onderwijs waar ik iets concreets mee hoop te kunnen bij mijn lesgeven komend schooljaar. Voor de ICT-tools geldt hetzelfde.  De boeken zijn binnen of besteld, de ICT-tools staan op de lijstjes. Ik zal ook andere boeken lezen, spannende boeken, ter ontspanning.
Ik zal nadenken over de aanpassingen die ik komend jaar wil doorvoeren in mijn lesgeven. Dit zal ik doen aan de hand van de evaluatie van het afgelopen jaar en de plannen op de lijstjes. Dit nadenken zal gebeuren achter mijn laptop, of achter een boek, in de tuin, of op een terras., zittend of wandelend.
Ik zal verschillende van bovenstaande dingen tegelijk doen of door elkaar. Ik zal veel opstaan en rondlopen. Ik zal binnen en buiten zitten. Ik zal sport kijken en soms iets opschrijven. Ik zal in de tuin werken of op zolder. Ik zal de krant lezen en een film op Netflix kijken. Dat is in essentie vakantie voor mij. Er hoeft niets en er mag zoveel. Elk moment is een vrije keuze.
Ik zal ook wat opruimen. Of best wel veel opruimen eigenlijk. Iets wat bij mij nooit zo urgent is, maar soms toch wel moet. Zo zegt althans mijn vrouw, en zij heeft gelijk.

Twee weken zullen ‘echt’ vakantie zijn, in de zin dat ik niet thuis zal zijn maar in een huisje.

Een huisje in een rustige omgeving met een afgeschermde tuin. Een huisje waar mijn honden vrij binnen en buiten kunnen lopen. Een huisje van waaruit ik gemakkelijk wandelingen kan maken in een mooie omgeving, met of zonder honden. Een huisje van waaruit wij tochtjes kunnen maken naar bezienswaardigheden in de buurt, naar kleine pleintjes met fijne terrasjes, naar kleine restaurantjes waar de bediening vriendelijk is.

Ik zal uitrusten en inspiratie zoeken en ruimte maken voor creatieve acties. Ik zal vorm en inhoud geven aan de doorlopende leerlijn onderzoek doen, culminerend in het profielwerkstuk in de eindexamenklassen. Ik zal vorm en inhoud gaan geven aan de digitalisering en tegelijkertijd meer praktisch gerichte invulling van ons vak mens en natuur, zodat wij in de toekomst boekloos aan de slag kunnen. Ik zal aan de slag gaan om concreet invulling te geven aan minder toetsen, meer feedback, door voor de verschillende klassen hier de nu best passende vorm en inhoud te kiezen. Het kan niet allemaal in één keer.

Het verschil tussen vakantie en niet zit voor mij vooral in de vrijheid. Mijn werk is mijn hobby en mijn hobby is mijn werk. Ik voel mij ongelofelijk geprivilegeerd dat ik dat kan zeggen. Gedurende het jaar zit ik gevangen in een rooster dat mij elke vijfenveertig minuten vertelt waar ik moet zijn om 30 leerlingen te geven wat zij verdienen of waar ik moet zijn om te praten over van alles dat hiermee samenhangt.

Ik geniet intens van al mijn uren met leerlingen. Net zo intens geniet ik van al mijn uren zonder hen.

Met hen ben ik bezig met waar het om gaat. Zonder hen kan ik mijn uiterste best doen om te zorgen dat waar het om gaat zo goed als mogelijk gaat. Beide tegelijk is mijn droom.

Ik zal blogs schrijven en waarschijnlijk publiceren. Deze week is dat redelijk gelukt. De nakijkcommissie blijkt een breed opgepakt idee.

Vrijwel elke zomer laat ik mij verleiden via mijn blog iets de wereld in te slingeren waarbij ik mij afvraag wat de reacties zulllen zijn. Afgelopen jaar was dit #blimageNL, met een resultaat waarvan ik, nu ik het teruglees, word meegenomen naar het huisje in Frankrijk, waar ik onderwijs en vakantie vierde. 88 Verhalengeschreven aan de hand van een plaatje over onderwijs.

De laatste week van de vakantie zal gevuld zijn met de concrete voorbereidingen van de lessen voor de eerste paar weken. De planning van de practica. Het de laatste hand leggen aan de cursussen ICT bij ons op school en chromebooks voor nieuwe collega’s die zij die week tijdens hun introductiedagen krijgen. Die week zal ik ook naar de kapper gaan.

Ik ben nu vijftien jaar docent en de vakanties verlopen vaak wel hetzelfde. Een echt plan heb ik niet. Dat hoeft ook niet. Ik heb vakantie.

Frans Droog is docent mens en natuur in de onderbouw en docent biologie in de bovenbouw op het Wolfert Lyceum in Bergschenhoek. Hij is actief in verschillende organisaties die het onderwijs proberen te verbeteren vanaf de werkvloer, met name via het leren van elkaar door docenten te ondersteunen: The CrowdedcampNLMeetUp010United4Education. Hij wil het elke dag een beetje beter doen. En lol hebben.


MeetUp010 baart MeetUp020

juli 19, 2016

Meet010 logo cropped-SCN_0015-website

Ik schreef hier een aantal dagen geleden een post over het succes dat MeetUp010 afgelopen schooljaar heeft mogen beleven. Ook voor komend schooljaar staan er al weer een aantal mooie, gevarieerde bijeenkomsten gepland. Een van de succesfactoren is in mijn ogen de kracht van het regionaal georganiseerd zijn van MeetUp010. De bijeenkomsten zijn voor iedereen open, maar zijn bewust vooral gericht op het onderwijs en zijn betrokkenen in Rotterdam. De organisatoren komen zelf ook vrijwel allemaal uit Rotterdam of de directe omgeving en zijn daar ook werkzaam. De belemmerende factor (reis)tijd, een kostbaar goed in het onderwijs, wordt hiermee tot een minimum beperkt. Ook zijn de netwerken die nodig zijn voor de organisatie sterk en de lijnen kort.

De post over het succes van MeetUp010 is niet onopgemerkt gebleven en heeft onder andere geleidt tot de oprichting van MeetUp020:

MeetUp020 logo H4n_Jox5_400x400

Verbinden, delen en van en met elkaar leren in het Amsterdamse onderwijs. PO, VO, MBO & HBO. We zijn nog in oprichting. Meetup020@gmail.com als je wil meedoen.

Binnen één dag waren er, na bovenstaande oproep van Sander Claassen @sndrclsn op twitter, al zeven collega’s die willen meehelpen organiseren en zijn er inmiddels 4o volgers.

Gaat er ook een MeetUp030 komen?

Die is er al 😄, alleen heet die anders, namelijk Onderwijs Netwerk 030, ofwel @ON030. Ook zij organiseren MeetUps:

Onderwijs Netwerk regio Utrecht / van en met elkaar leren over onderwijs / open en voor iedereen / MeetUps organiseren en delen met 

ON030 logo 9V-IX65u_400x400

Gaan er komend schooljaar meer MeetUp0x0’s komen?

Mijn verwachting en hoop is van wel. Mocht je interesse hebben dan zijn de mensen van MeetUp010 altijd bereid tips te geven en je kunt hiervoor altijd contact met hen opnemen.

Charlie Hebdo Meetup010 Meetup050 2016-01-07_1828

Hier alvast een aantal tips, uit de werkwijze en ervaringen van MeetUp010:

  • betrek in de organisatie mensen uit verschillende stromen: PO, VO, MBO, HBO, dit vergroot de netwerken
  • maak een whatsapp of slack groep aan voor overleg, dit scheelt veel tijd
  • maak een lijstje en kom als organisatie bij elkaar tijdens een etentje om keuzes te bespreken, wie er bij kan zijn doet mee
  • organiseer gewoon die eerste bijeenkomst, het is nooit perfect
  • bepaal een onderwerp
  • bepaal een datum
  • zoek een locatie, bij voorkeur een school die het initiatief steunt
  • laat een kleine groep de leiding nemen bij de organisatie, gaat veel sneller en vergroot betrokkenheid
  • maak de bijeenkomsten interactief en laagdrempelig, geen lange verhalen van experts
  • plan tijd en ruimte in voor informeel overleg, voor en na de bijeenkomst
  • zet je netwerken in om de MeetUp onder de aandacht te brengen
  • probeer (overkoepelende) schoolbesturen te betrekken, dit maakt het gemakkelijker bekendheid te genereren buiten het eigen en sociale media circuit
  • laat je verrassen door alle positieve reacties en medewerking die je zult gaan krijgen

Alle reacties, opmerkingen en vragen zijn als altijd welkom. Delen is altijd fijn.


De waarde van een gemiddeld cijfer

juli 13, 2016

De overgangsvergaderingen zijn weer geweest. Leerlingen zijn bevorderd, of niet. Leerlingen zijn besproken, of niet. Er is feest gevierd, of er is gehuild.

Op de meeste scholen in Nederland wordt gewerkt met een set bevorderingsnormen. Een leerling die aan alle normen voldoet wordt bevorderd. Een leerling die aan een x aantal normen niet voldoet wordt besproken. Een leerling die aan een y aantal normen niet voldoet wordt afgewezen.

Op de meeste scholen in Nederland zijn cijfers de belangrijkste criteria die in de bevorderingsnormen zijn opgenomen.

Aan het eind van het jaar is er een cijfer voor elk vak. Voor elk vak is dit het gemiddelde van alle cijfers over het gehele jaar.

Dat cijfer is dus één cijfer. Dat cijfer is dus één gemiddelde.

Je kunt je afvragen wat de waarde is van een gemiddeld cijfer.

Cijfers zijn verleidelijk. Zij zijn een getal en suggereren dat dit getal ergens voor staat. Cijfers zijn getallen die een absoluutheid suggereren over het meten van de kennis en kunde van een leerling.

Ik denk dat we heel voorzichtig dienen te zijn met het hechten van waarde aan gemiddelde cijfers.

Welke van de onderstaande leerlingen zouden bevorderd kunnen worden? Welke van de volgende leerlingen zouden besproken kunnen worden? Welke van de volgende leerlingen zijn bevorderd? Welke van de volgende leerlingen zijn niet besproken?

Wat zou jij doen? Wat doe jij volgend jaar?

Gemiddelde cijfers 2016-07-13_1051

 


Een dagje nakijken

mei 22, 2016

Grading United States aid490434-728px-Calculate-a-Test-Grade-Step-6-Version-6

Grading UK en India Calculate-a-Test-Grade-Step-7-Version-6

Het is examentijd.

Leerlingen maken zich druk over het maken van examens. Docenten maken zich druk over het nakijken van examens.

Leerlingen zijn druk met het leren voor examens. Docenten zijn druk met het nakijken van examens.

Allerlei mensen die geen leerling of docent zijn maken zich druk over het nut en de vorm en de kwaliteit van examens.

Vrijdag 20 mei van 13:30 – 16:30 uur was het eindexamen biologie voor de havo.

Ik heb ervoor gekozen van zaterdag 21 mei dus een nakijkdag te maken. Ik heb dus voor die dag niets anders gepland. Ik heb het eten en drinken voor het weekend al in huis gehaald. Het avondeten laat ik brengen door Hello Fresh.

Ik begin de dag met een bord brinta, een glas water en een dubbele espresso. Daarvoor heb ik de viervoeters al hun lasten laten lichten, tegelijkertijd mijzelf voorziend van frisse lucht met lekker veel zuurstof. Ook de viervoeters voorzie ik van voer.

Om 07:15 uur begin ik.

In mijn klas zitten 32 leerlingen en het examen bestaat uit 42 vragen. De vragen zijn gegroepeerd via een onderwerp (ofwel context in het jargon), bij dit examen zijn dit er 8. Zij hebben titels als; ‘Lichtjes in zee’, ‘Sushi’, ‘Biertje? Of toch maar niet?’, ‘De ‘Biobag’ ‘. Het correctievoorschrift heb ik gisteren thuis al uitgeprint.

Per onderwerp maak ik eerst zelf de toetsvragen, zonder naar het correctievoorschrift te kijken.

Ik kijk de examens na per vraag en niet per leerling. Dit betekent veel verplaatsten van papier maar zorgt voor de meest objectieve vergelijking van de antwoorden. Ik schrijf de score per vraag met potlood op het examenwerk van de leerling. Ik doe dit per onderwerp. Ik las een andere activiteit of pauze in afhankelijk van de hiervoor benodigde tijd.

De eerste sessie duurt ruim anderhalf uur. Zij omvat de eerste twee onderwerpen. Ik markeer een van de vragen met het doel deze later opnieuw te bekijken. De formuleringen van de antwoorden door de leerlingen geven aanleiding hier nog even goed over na te denken.

Ik neem een glas water.

Ik leen de laptop van mijn vrouw en download en installeer daarop het programma WOLF. Dit is een programma van het CITO en hierin dienen de exacte scores van minimaal de eerste vijf leerlingen te worden ingetypt. Bij een open vraag het aantal gegeven punten, bij een gesloten vraag de gekozen letter. Deze gegevens worden door het CvTE gebruik om tijdens de normeringsvergadering gebruikt om de N-term te bepalen. Ik leen de laptop van mijn vrouw omdat het programma WOLF niet op een MacBook kan worden geïnstalleerd. Na installatie van het programma lees ik vanaf de site van het CITO de schoolgegevens in en vanaf de site van school de informatie over mijn klas.

Om 09:30 uur start ik de tweede sessie.

Deze duurt iets meer dan een uur en omvat één onderwerp. Ik markeer twee vragen voor herziening.

Ik neem een pauze van een half uur, waarin ik de krant lees en een glas water en een dubbele espresso drink. Ik loop even naar buiten, de tuin in.

Om 11:00 uur start ik de derde sessie.

Deze duurt ruim een uur en omvat twee onderwerpen. Ik markeer een vraag voor herziening.

Ik voer de scores voor de tot zover nagekeken vragen in in het programma WOLF. Dit zijn 512 cijfers en letters in evenzoveel vakjes. Ik vul de gegevens van al mijn leerlingen in, niet alleen van de verplichte eerste vijf. Als ik dit doe krijg ik later een analyse van de resultaten van mijn klas in vergelijking met andere leerlingen in Nederland, uitgesplitst naar de concepten die onder de contexten liggen. Dit is voor mij bruikbare informatie met betrekking tot de analyse van het niveau van mijn klas en kan ik gebruiken om mijn lessen eventueel aan te passen. Ik wissel bewust het nakijken af met het invoeren. Beide moeten gebeuren en beide vereisen een andere concentratie. Deze afwisseling maakt het voor mij efficiënt.

Ik neem een pauze van ruim een half uur. Ik eet een tosti en een boterham met pindakaas en drink een glas melk, ondertussen de krant verder lezend. Ik loop even een rondje in de tuin en kijk naar de eenden in de sloot.

Om 13:30 uur start ik de vierde sessie.

Deze duurt iets meer dan anderhalf uur en omvat twee onderwerpen. Ik markeer vier vragen voor herziening.

Ik neem een pauze van ongeveer een half uur, ik drink een glas water en eet twee beschuitjes met aardbei. Ik kijk de Giro op de Belgische T.V.

Om 15:30 uur start ik de vijfde en voorlopig laatste sessie.

Deze duurt een half uur en omvat één onderwerp. Ik markeer twee vragen voor herziening.

Ik voer de scores in in het programma WOLF. Het geluid achter mij van de Giro op de Belgische T.V. komt ook bij mij binnen. Af en toe kijk ik achterom. Waneer de renners bij de één-na-laatste berg zijn besluit ik even te stoppen met invoeren. Het zou zomaar kunnen dat de Nederlands wielrenner Kruiswijk iets moois gaat doen. En dat doet hij dus ook! Hij wint net niet de etappe maar behaalt wel de roze trui. Ik ga verder met het vullen van vakjes, uiteindelijk zijn er 1344 gevuld.

Ik vul de voorlopige resultaten van het CE (centraal examen), de cijfers  die ontstaan bij een N-term van 1,o, in in mijn Excel file met daarin alle cijfers van mijn leerlingen. Ik bereken het gemiddelde en maak een vergelijking tussen de SE (schoolexamen) cijfers en de CE cijfers. De grafiek toont mij voor mij interessante informatie. Bijvoorbeeld dat de correlatie tussen beide cijfers dit jaar een stuk kleiner is dan in eerdere jaren. Bijvoorbeeld dat de spreiding in de cijfers van het CE groter is dan die van het SE. Bijvoorbeeld dat bij een N-term van 1,0 het verschil tussen het gemiddelde van het SE en het CE dit jaar voor deze klas 0,02 is.

Ik ga nu even nadenken over de vragen die ik gemarkeerd hebt. Ik ga overleggen met een aantal collega’s hoe zij tegen bepaalde formuleringen van antwoorden aankijken. Ik ga wachten op het verslag van de kringgesprekken. Dan ga ik al deze informatie verwerken en de gemarkeerde vragen opnieuw bekijken en beoordelen. En dan zal ik de werken met mijn beoordeling opsturen naar de tweede corrector.


Eindexamen nakijken en Google Drive mooie combi

mei 19, 2016

Google-Drive-1huqpdd

Eindexamen zaal Matura2005_ILOSzczecin

Na een eindexamen voor een bepaald vak en een bepaald nivo vinden er op verschillende plaatsen in het land kringgesprekken plaats om het examen te bespreken. Verschillende vakverenigingen verzamelen deze kringgesprekken en publiceren ze op hun website. Deze resultaten kunnen zeer nuttig zijn voor het nemen van beslissingen voor een eerste corrector en ook voor overleg tussen eerste en tweede corrector.

Wanneer een examen wat later zit in het examenprogramma komen deze gegevens echter niet altijd op tijd beschikbaar. Ook is het voor de eerste corrector fijn om al eerder contact te maken met vakgenoten.

Om deze redenen maakt Hans Huigen nu al voor het 3e jaar gebruik van een gedeeld Google Drive document waarin collega’s gezamenlijk kunnen reageren op het examen biologie vmbo-tl. Op twitter deed hij een oproep dit initiatief te verspreiden en op de vraag van Carla Upperman of hij dit ook voor de havo ging doen was het antwoord dat zij dit natuurlijk prima zelf kon doen. En dat gaat zij dus ook doen.

Opmerkingen bij havo examen biologie 2015 1e tijdvak

Deze twitterdiscussie volgend heb ik aangemeld om het Google Drive document voor het examen biologie vwo aan te maken en te delen.

Hoewel het examen voor het vwo pas volgende week dinsdag is heb ik direct even het formulier aangemaakt:

Opmerkingen bij vwo examen biologie 2016 1e tijdvak.

Wil je meedoen dan kun je via bovenstaande link het document invullen. Breng ook je niet zo actief op sociaal media zijnde collega’s op de hoogte! Je kunt het natuurlijk desgewenst ook alleen raadplegen zonder iets toe te voegen. Er zijn geen verplichtingen.

Ik weet niet of andere vakken ook al op deze manier samenwerken maar ik vind het goed en nuttig idee. Heb je opmerkingen of suggesties voor aanpassingen dan hoor ik die graag.

PS: De gezamenlijke reacties en het overleg kunnen natuurlijk ook via andere cloudoplossingen dan Google Drive worden gerealiseerd.


En de tafels gaan direct weer in rijtjes van twee

mei 16, 2016

Maatschappijleer 2016-05-16_1652

2Doc: Maatschappijleer volgt het eerste half jaar van Daan als docent maatschappijleer op een middelbare school. Hij ontdekt door schade en schande hoe ver de theorie en praktijk van het lesgeven uit elkaar liggen. Daan volgt de eerstegraads opleiding Maatschappijleer aan de universiteit en begint in augustus 2015 vol goede moed aan zijn carrière als docent op een middelbare school in Tilburg. Zijn ideaal: een inspirerend docent zijn en de leerlingen afleveren als zelfstandige burgers met verantwoordelijkheidszin. Maar naarmate het eerste semester vordert, blijkt de realiteit weerbarstig. Lukt het Daan om zijn eigen stijl van lesgeven te vinden, en tegelijk ook om de leerlingen echt te bereiken? De uitzending is maandag 16 mei, NPO2, 20:55 uur.

Ik heb Daan gesproken. Afgelopen dinsdag. Daan sprak met een Brabantse toonval, waarvan hij zelf vond dat hij wel meeviel, en zat naast me in een klas op een school in Gouda, de Goudse Waarden. Op deze school was een voorvertoning van de documentaire ‘Maatschappijleer’, gevolgd door een discussie met docenten van deze school. Er gaan nog negen van deze bijeenkomsten op scholen volgen.

De tafels staan tijdens het bekijken van de film en de daaropvolgende discussie in een Open U. Ik had de film vooraf al mogen bekijken en zag hem nu dus voor de tweede keer. Beide waardevolle ervaringen. En verschillend.

Ik was ruim op tijd, maar stond bij het verkeerde gebouw. Bij het goede gebouw was de conciërge even niet aanwezig. Toen hij was gevonden bleek hij van niets te weten. Gelukkig brachten mobieltjes uitkomst. Er waren er meer te laat. Niemand mopperde. Zo gaat dat nou eenmaal wel eens in het onderwijs. We begonnen dus gewoon iets later.

De film start. Ik kijk rond.
Gekruiste armen, geconcentreerde blikken. Reacties vooralsnog intern.

‘Waar zijn je lesvoorbereidingen?’ Gelach, niet al te hard.
Opleiders en begeleider hameren vaak op structuur  Daan wil vrijer. Kan structuur vrijheid brengen? Moet je valkuilen (her)kennen om ze te vermijden? Kun je er op gevoel langs? Doodt structuur gevoel?

‘Door opschrijven wordt het duidelijker.’ Daan knikt, omdat hij hiervoor heeft gekozen.
Is dat zo?

‘Als jij het niet vervelend vindt.’ De begeleider is al opgestaan voor hij deze woorden heeft gesproken en neemt een stukje les over. Er wordt nu harder gelachen. Geroezemoes, onderlinge interacties, de docenten worden even leerlingen.
Is stilte nodig? Hoe lang kan in stilte luisteren effectief zijn? Hoeveel mis je als je niet stil bent?

‘Doelen operationaliseren’, zegt Daan. Ik schrik van zijn woorden.
De interactie is de essentie. Iemand moet het gesprek beginnen. Ook al gaat het nog zo traag. Zien doet begrijpen. Het kost moeite om te kijken om te zien.

Dan is Daan er een tijdje niet. Hij is er natuurlijk wel, maar niet op school. Hij twijfelt. Hij is aan het leren.

Daan komt terug en laat ze hun mobiel gebruiken en de leerlingen doen mee. Daan is hun wereld ingestapt en dwingt ze niet in die van hem.

Ze gaan voetballen. De leerlingen van Daan met zij die in de buurt wonen maar van ver komen. Daan heeft de eerste stap geregeld, zijn leerlingen zetten de volgende.

Er volgt een discussie over de film. Met vooraf bedachte vragen en betrokken docenten. Docenten die daar zitten in hun ‘vrije tijd’, omdat zij daarvoor hebben gekozen. Het gaat over burgerschap en vorming daarvan. Het gaat over kennis versus kunde. De docenten delen graag, zij praten graag. Soms teveel, maar wel vanuit drijvende kracht. Het gaat over #onderwijs2032 en burgerschapsvorming. ‘Dat doen we allemaal al!’ De ontzuiling heeft een groot effect gehad op het onderwijs. ‘Een docent moet het ook maar allemaal kunnen.’
Diversiteit van docenten sluit aan bij en levert diversiteit van leerlingen. 
De obstakels? ‘Tijd!’ ”Programma’. ‘Klasgrootte.’ ‘Rooster.’ Welke vraag je ook stelt, deze antwoorden komen altijd terug.

Er is ook iemand van de schoolleiding aanwezig en zij zegt iets dat zo overduidelijk is dat het vaak wordt vergeten. ‘Het gaat niet om geld, het gaat om keuze’s. Ruimte is er genoeg.’
En wie neemt hem of geeft hem? Wie laat toe dat hij wordt genomen?

Het zien van de film bracht mij terug naar mijn eigen tijd als stagiair. Ik had een begeleider van de ‘oude’ stempel, directief, overtuigd van haar eigen gelijk. Ik had collega’s met een verdorde blik, murw door wat telkens weer had gemoeten en wat zij zo toch goed mogelijk hadden proberen te doen. ‘NIET ZO WORDEN.’  Dat is wat ik mij toen voornam en gelukkig altijd heb onthouden. Ik zie dat het kan gebeuren, ik zie waardoor het gebeurt. Maar ik niet. Daan niet.

De film en de discussie stelden mij ook twee vragen. Wat is burgerschap en doe ik iets aan burgerschapsvorming? Voor mij is burgerschap bewust deelnemen aan de maatschappij. Ja, ik doe er iets mee in mijn lesgeven, door als docent mezelf en dus burger te zijn, daar waar het past, daar waar het kan. Eerlijk, zonder masker. Gewoon, gewoon.

Daan doet zijn best de wereld zijn lokaal in te halen. Maar hij doet meer. Hij gaat verder. Hij neemt zijn leerlingen de wereld in. Letterlijk. En hij laat ons zien dat het werkt. Hoe belangrijk ze ook zijn, Daan laat ons zien dat het niet gaat om lesvoorbereidingen op papier, met vakjes en vinkjes. Het gaat om leren. Dat Daan dat heeft geleerd is duidelijk.

In één les heeft Daan het jaar voor zijn leerlingen gemaakt.

Daan heeft op het moment van dit schrijven nog geen baan. Hij verdient er wel een. Ergens is er een school die Daan verdient. Ergens zijn er leerlingen die Daan verdienen. De maatschappij verdient Daans. Daans maakt meer dan vakkenvullers. Daans verbinden. Daans maken burgers.

Zodra de discussie is afgelopen staan de docenten op. Zij maken direct van de Open U weer rijtjes van twee.

Toch zijn er zaadjes gepland. Er zijn docenten van deze school die gaan nadenken over Daan en hoe hij zijn leerlingen de wereld in bracht. Zij gaan dit ook doen, dat zie ik.

Dank je, Daan.

Bron: http://www.vpro.nl/programmas/2doc/2016/Maatschappijleer

Daan en telefoontjes CiWE86JW0AA0nyO


%d bloggers op de volgende wijze: